Mr. J.H. van Reenen

J.H. van Reenen
bron: RKD

Rechtsgeleerde uit een Amsterdamse regentenfamilie, die hoogleraar rechtswetenschap aan het Atheneum Illustre was en in 1824 zitting kreeg in de Tweede Kamer. Gold daar als een onafhankelijk lid, die soms afwijkend stemde van zijn Noord-Nederlandse medeleden. Was later tevens rijkscommissaris bij de Nederlandse Handel-Maatschappij en leidde in 1830 een staatscommissie die de bestuurlijke gevolgen van de afscheiding van Belgie moest onderzoeken. Vader van G.C.J. van Reenen, die onder meer burgemeester van Amsterdam en vicepresident van Raad van State was.

financiële oppositie
functie(s) in de periode 1824-1838: lid Tweede Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Wetenswaardigheden
  7. Publicaties van/over
  8. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Jacobus Hendricus

titulatuur en naam

Mr. J.H. van Reenen Jacobus Hendricus

geboorteplaats en -datum

Amsterdam, 2 november 1783

overlijdensplaats en -datum

Amsterdam, 3 augustus 1845

levensbeschouwing

Gereformeerd (Ned. Hervormd)

Partij/stroming

stroming(en)

"financiële oppositie"

Hoofdfuncties/beroepen

  • assistent van hoogleraar H.C. Cras, Atheneum Illustre te Amsterdam, van 1808 tot 1 juni 1809
  • hoogleraar burgerlijk recht, Atheneum Illustre te Amsterdam, van 1 juni 1809 tot 5 augustus 1823 (in 1820-1823 tevens Romeins en hedendaags recht)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 oktober 1824 tot 15 oktober 1838 (voor Holland)
  • lid stedelijke raad van Amsterdam, van 1826 tot 3 augustus 1845
  • lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 22 december 1840 tot 3 augustus 1845 (voor de steden, Amsterdam)

Nevenfuncties

  • regent Spin- en Werkhuis te Amsterdam
  • lid commissie vaststelling van de werkwijze der op te richten Handelmaatschappij
  • rijkscommissaris Nederlandsche Handelmaatschappij, vanaf maart 1826
  • lid Raad van Commissarissen "De Nederlandsche Bank"
  • lid College van Curatoren Atheneum Illustre te Amsterdam, vanaf 10 december 1828
  • lid Staatscommissie onderzoek naar wijziging in de staatscollegiën en administratiën ten gevolge van de scheiding van België, vanaf 23 oktober 1830

Opleiding

academische studie

  • rechten en letteren, Atheneum Illustre te Amsterdam, van 1801 tot 1805
  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 29 september 1806 tot 6 april 1808

Wetenswaardigheden

algemeen

  • In 1825 stemden Warin en hij als enigen van de Noord-Nederlandse leden vóór een wetsvoorstel om de wettige koers van de Franse munt in de Zuidelijke Nederlanden te doen ophouden
  • In 1825 steunde hij als enig lid uit Holland een voorstel van Van Dam van Isselt om de landbouw te ondersteunen (door invoerrechten op granen)
  • Stemde in 1830 samen met Warin en vijf Friese afgevaardigden tegen een wetsvoorstel betreffende de omslag der grondbelasting
  • Behoorde in 1831 tot de 20 leden die tegen een wetsvoorstel stemden over een vrijwillige en verplichte geldlening
  • Diende in 1833 een initiatiefwetsvoorstel in tot intrekking der schatkistbiljetten ter ontlasting van 's rijksschatkist; dit voorstel werd later ingetrokken
  • Behoorde in 1833 tot de 16 leden die tegen de begroting 1834/1835 stemden. Stemde tevens tegen de ontwerp-Wet op de middelen.
  • Diende in 1834 een initiatiefwetsvoorstel in tot wijziging van sommige bepalingen van de wet op de personele belasting; dit voorstel werd in 1835 ingetrokken
  • Behoorde in 1835 tot de 15 leden die tegen de begroting 1836/1837 stemden. Stemde tevens tegen de ontwerp-Wet op de middelen.
  • Diende in 1836 een nieuw initiatiefwetsvoorstel in tot wijziging van sommige bepalingen van de wet op de personele belasting; ook dit voorstel werd later ingetrokken
  • Behoorde in 1837 tot de 21 leden die tegen de begroting 1838/1839 stemden. Stemde tevens tegen de ontwerp-Wet op de middelen.

uit de privésfeer

  • Zijn vader was advocaat en schepen van Amsterdam

woonplaats(en)/adres(sen)

Amsterdam

ridderorden

Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw

bezit van heerlijkheden

  • heer van Kroonenburgh, Loenen, Loenervelt en Nieuwesluis

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

  • lid Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leiden
  • directeur Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen
  • lid Provinciaal Utrechtsch Genootschap van Kunsten en Wetenschappen
  • lid genootschap "Het Casino"
  • lid genootschap "Het Leesmuseum"

Publicaties van/over

lijst van publicaties

"De factorum contractibus promissorum praestatione" (dissertatie, 1808)

literatuur/documentatie

  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IX, 847
  • A.J. van der Aa, Biographisch Woordenboek der Nederlanden, deel X, 48
  • Levensbericht door M. Siegenbeek, in: Levensberichten van leden van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde, 1846, 6
  • H. van Felius en H.J. Metselaars, "Noordhollandse Statenleden 1840-1919"
  • P. Hofland, "Leden van de raad. De Amsterdamse gemeenteraad 1814-1941"
  • Ned. Patriciaat, 1956

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

publicaties over en van letterkundigen

biografie

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Amsterdam, 6 september 1815

echtgeno(o)t(e)/partner

L. (Messchert) van Vollenhoven, Louise

kinderen

2 zoons en 2 dochters

vader

G.C.J. van Reenen, Gerlach Cornelis Joannes

geboorteplaats en/of -datum

's-Gravenhage, april 1752 (gedoopt 2 april)

moeder

M.P. Schlosser Beeldsnijder, Maria Petronella

geboorteplaats en/of -datum

Amsterdam, december 1755 (gedoopt 24 december)

beroep grootvader (vaderskant)

griffier Hoge Krijgsraad der Verenigde Nederlanden

familierelaties