antirevolutionair
functie(s) in de periode 1848-1876: lid Tweede Kamer, vicepresident Raad van State
Personalia
voornamen (roepnaam)
Æneas
titulatuur en naam
Mr. Æ. baron Mackay Æneas
geboorteplaats en -datum
Nijmegen, 13 januari 1806
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 6 maart 1876
levensbeschouwing
- Waals Hervormd (opgevoed)
- Hervormd
Partij/stroming
stroming(en)
antirevolutionair
Hoofdfuncties/beroepen
- advocaat te 's-Gravenhage, van 1830 tot 1831
- advocaat bij het Hooggerechtshof te 's-Gravenhage, van 1833 tot 1835
- kamerheer van de prins en prinses van Oranje, van 20 maart 1835 tot 1840
- kamerheer van koningin Anna Pauwlowna, van 1840 tot maart 1846
- commies van staat, Raad van State, van 1840 tot 1841
- referendaris tweede klasse, Raad van State, van 26 januari 1841 tot 9 juli 1843
- referendaris eerste klasse, Raad van State, van 9 juli 1843 tot 17 augustus 1849
- lid Provinciale Staten van Zuid-Holland, van 7 juli 1846 tot 11 juli 1848 (voor de Ridderschap)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 11 juli 1848 tot 13 februari 1849 (voor Zuid-Holland)
- lid Provinciale Staten van Zuid-Holland, van 3 juli 1849 tot 15 oktober 1850 (voor de Ridderschap, september-oktober 1850 voor het kiesdistrict 's-Gravenhage)
- lid Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, van 5 juli 1849 tot 15 oktober 1850
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 oktober 1850 tot 26 april 1853 (voor het kiesdistrict Arnhem)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juni 1853 tot 1 juli 1862 (voor het kiesdistrict Arnhem)
- vicepresident Raad van State, van 1 juli 1862 tot 6 maart 1876 (benoemd bij K.B. van 27 juni 1862)
ambtstitel
- minister van staat, van 1 april 1865 tot 6 maart 1876
(in)formateurschap(pen)
- kabinetsformateur, van 17 april 1868 tot 18 april 1868 (poging om een gemengd kabinet te vormen mislukte)
- kabinetsformateur, van 17 mei 1868 tot 21 mei 1868 (poging om een gemengd kabinet te vormen mislukte)
Nevenfuncties
- regeringsgecommitteerde Maatschappij van Weldadigheid, van 1843 tot 1859
- kamerheer in buitengewone dienst van koning Willem II en koning Willem III, van maart 1846 tot 6 maart 1876
- redacteur "De Vereniging: christelijke stemmen", van 1850 tot 1857
- belast met het beheer van de Maatschappij van Weldadigheid, van 1856 tot 1859
- president Nederlandsche Maatschappij ter bevordering van de afschaffing der slavernij, omstreeks 1858
- lid bestuur "Gustaaf-Adolf Vereniging", Nederlandse afdeling te 's-Gravenhage
- lid commissie van beheer der nalatenschap van Z.M. koning Willem II, omstreeks 1874
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Commissie voor Huishoudelijke aangelegenheden (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 21 juni 1853 tot 1 juli 1862
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van augustus 1853 tot september 1853
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1853 tot februari 1854
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van mei 1855 tot september 1855
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van juli 1859 tot september 1859
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1860 tot september 1860
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1861 tot april 1862
- lid afdeling Buitenlandse Zaken (Raad van State)
Opleiding
voortgezet onderwijs
- gymnasium te 's-Gravenhage
- gymnasium te Rotterdam
academische studie
- Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Utrecht, van 15 januari 1823 tot 16 december 1829
Activiteiten
als parlementariër
- Hield zich als Tweede Kamerlid met uiteenlopende onderwerpen (zowel binnenlandse, buitenlandse als koloniale zaken betreffend) bezig en sprak veelvuldig
- Stemde in 1848 bij de Grondwetsherziening in beide lezingen tegen hoofdstuk IX (waterstaat)
- Behoorde in 1861 tot de 17 leden die tegen de ontwerp-Wet op de Raad van State stemden
- Behoorde in 1861 tot de minderheid die tegen een amendement-Ter Bruggen Hugenholtz stemde over het halveren van de begroting voor Onvoorziene Uitgaven
Wetenswaardigheden
algemeen
- Trachtte in 1868 na de verwerping van de begroting van Buitenlandse Zaken tevergeefs een gemengd kabinet met gematigd liberalen te formeren. Wist uiteindelijk de koning ertoe te bewegen Thorbecke met de formatie te belasten. Deze vormde het kabinet-Van Bosse/Fock.
uit de privésfeer
- Een zwager van hem, mr. F.R.H.R. baron Fagel, was de tweede man van het Kabinet des Konings
verkiezingen
- Werd in 1848 bij een tussentijdse verkiezing (vacature-Luzac) gekozen, nadat jhr. J.A. van der Heim van Duivendijke voor een benoeming had bedankt.
- Versloeg in 1850 bij de algemene verkiezingen in het district Arnhem P.C.G. Guyot en G.J.C. Schneither na herstemming. Werd in het district Gouda na herstemming verslagen door L. Metman (lib.). Was in 15 districten kandidaat.
- Versloeg in 1852 bij de periodieke verkiezingen G.A. Fokker (lib.)
- Versloeg in 1853 bij de algemene verkiezingen de liberalen W.H. Dullert en P.Ph. van Bosse
- Versloeg in 1854 bij de periodieke verkiezingen W.H. Dullert (lib.)
- Werd in 1858 bij enkelvoudige kandidaatstelling gekozen
- Versloeg in 1862 G.A. de Meester (lib.)
woonplaats(en)/adres(sen)
's-Gravenhage
ridderorden
- Grootkruis Orde van de Nederlandse Leeuw, 12 mei 1874
- Grootkruis in de Orde van de Eikenkroon, 1891
predicaten/adellijke titels
- tiende lord Reay of Reay, 2 juni 1875
- baronet of Nova Scotia
bezit van heerlijkheden
- heer van Ophemert en Zennewijnen, vanaf 1854
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
lid letterkundig genootschap "Utile Dulci" te Utrecht
militaire dienst
- tweede luitenant, mobiele Zuid-Hollandse schutterij te 's-Gravenhage, van 1830 tot 1832 (nam als zodanig deel aan Tiendaagse Veldtocht)
Publicaties van/over
lijst van publicaties
- "Drie liederen aan mijn medeburgers" (1832)
- geschriften over het armwezen en het onderwijs (1850)
- "Aan dr. P. Hofstede de Groot" (1851) (vlugschrift)
literatuur/documentatie
- Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel V, 333
- B. de Gaay Fortman, "Mr. Aeneas, baron Mackay van Ophemery (1806-1876)", in: "Figuren uit het réveil. Opstellen van Mr. B. de Gaay Fortman (1884-1961)" (1980)
- R.E. van Ditzhuyzen, "Mr. Ae. baron Mackay van Ophemert, vice-president Raad van State 1862-1876", in: "450 jaar Raad van State" (1981)
- J.P. Duyverman, "Uit de geheime dagboeken van Aeneas Mackay" (Houten, 1987)
- J.P. Duyverman, "De vice-president en de koningin-moeder (baron Mackay van Ophemert en Anna Paulowna in 1862/1863", in BMHG, 82 (1968), 227
- N.M.J. Rademakers-Wolf, "Aeneas baron Mackay. 1806-1876, Heer van Ophemert en Zennewijnen, 10de Lord Reay, Lid van de Tweede Kamer en Vice-president van de Raad van State", in: Biografisch Woordenboek Gelderland (digitale versie)
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek
archivalia
familie-archief Mackay, Nationaal Archief
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te 's-Gravenhage, 27 oktober 1837
echtgeno(o)t(e)/partner
Jkvr. M.C.A.J. Fagel, Maria Catharina Anna Jacoba
kinderen
2 zoons en 1 dochter
vader
B.J.Ch. baron Mackay, Barthold Johannes Christiaan
geboorteplaats en/of -datum
Tiel, 4 september 1773
moeder
Jkvr. A.M.F.H. van Renesse van Wilp, Anna Magdalena Frederica Henriëtta
geboorteplaats en/of -datum
Nijmegen, 16 februari 1775
beroep grootvader (vaderskant)
kolonel Schotse brigade in Statendienst
familierelaties
- Zoon van B.J.Ch. Mackay, lid Notabelenvergadering (1814)
- Vader van D.J. baron Mackay, Tweede Kamerlid (liberaal)
- Schoonzoon van J. baron Fagel, staatsraad
- Neef van B.A. baron van Verschuer, Eerste Kamerlid
- Aangetrouwde neef van jhr. W. Boreel van Hogelanden, Eerste en Tweede Kamerlid en Commissaris des Konings
- Aangetrouwde neef van W. baron van Goltstein, Tweede en Eerste Kamerlid en minister
- Aangetrouwde neef van jhr. J.W.G. Boreel van Hogelanden, Tweede Kamerlid
- Oom van Æ. baron Mackay, Tweede Kamerlid, minister en staatsraad
- Oom van Th.Ph. baron Mackay, Tweede Kamerlid en lid Rekenkamer
- Kleinzoon van J.P.H.L. van Renesse van Wilp, lid Notabelenvergadering
- Aangetrouwde neef (oomzegger) van H. Fagel, staatsraad
- Aangetrouwde neef (oomzegger) van R. baron Fagel, minister van staat
- Aangetrouwde neef (oomzegger) van W.G.F. van Reede tot Middachten, lid Notabelenvergadering
- Aangetrouwde neef (oomzegger) van H. baron van Zuylen van Nijevelt, minister