Jhr.Dr. S. (Schelto) van Citters

S. van Citters
bron: Documentatie Centraal Bureau voor de Genealogie

Conservatieve, strenggelovige, hoffelijke en gematigde bestuurder. Typische regent. Kleinzoon van een oud-minister en schoonzoon van een oud-Kamerlid. Doorliep een ambtelijke loopbaan en werd ten tijde van het kabinet-Kuyper secretaris-generaal van Financiën. Volgde in 1907 in het district Ede als Haagse topambtenaar een uitgesproken vertegenwoordiger van de gereformeerden van de Veluwe op. Zat twee jaar voor de ARP in de Tweede Kamer en was daarna zestien jaar Commissaris van de Koningin in Gelderland. Zette zich bijzonder in voor uitbouw van de Landbouw-Hogeschool in Wageningen. Het ambt van Commissaris moest hij opgeven vanwege doofheid. Hij was van 1929 tot zijn overlijden in 1942 nog wel Eerste Kamerlid.

ARP
functie(s) in de periode 1903-1942: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer, Commissaris van de Koning(in), secretaris-generaal

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Schelto (Schelto)

titulatuur en naam

Jhr.Dr. S. van Citters Schelto (Schelto)

wijziging in naam en/of titulatuur

  • Jhr. S. van Citters, van 13 januari 1865 tot maart 1938
  • Jhr.Dr. S. van Citters, vanaf maart 1938 (nadat aan hem door de Landbouw-Hogeschool te Wageningen een eredoctoraat was verleend)

geboorteplaats en -datum

's-Gravenhage, 13 januari 1865

overlijdensplaats en -datum

Brummen, 13 maart 1942

levensbeschouwing

Hervormd: orthodox

Partij/stroming

partij(en)

ARP (Anti-Revolutionaire Partij), vanaf 1907

Hoofdfuncties/beroepen

  • ambtenaar ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid, omstreeks 1891 tot 1 februari 1897
  • ambtenaar afdeling handel en nijverheid (rang: hoofdcommies), ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid, van 1 februari 1897 tot februari 1901
  • chef afdeling handel en nijverheid (rang: referendaris), ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid, van februari 1901 tot 1 mei 1903
  • secretaris-generaal ministerie van Financiën, van 1 mei 1903 tot 1 maart 1907
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 6 maart 1907 tot 9 juli 1909 (voor het kiesdistrict Ede)
  • lid gemeenteraad van 's-Gravenhage, van 3 september 1907 tot 1 augustus 1909
  • Commissaris van de Koningin in Gelderland, van 1 augustus 1909 tot 16 april 1925 (benoemd bij K.B. van 24 mei 1909)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 17 september 1929 tot 13 maart 1942

Partijpolitieke functies

overzicht

  • secretaris A.R.-Kamerclub Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 maart 1908 tot 9 juli 1909
  • voorzitter Bond van Anti-Revolutionaire gemeenteraadsleden, van 1 juli 1908 tot 1923
  • lid Centraal Comité van ARP-kiesverenigingen, vanaf april 1909

Nevenfuncties

  • lid Staatscommissie tot advies omtrent ontginning steenkoolreserves door de staat, van 1899 tot 1900
  • penningmeester-lid centrale commissie voor de inrichting van de afdelingen van Nederland en de koloniën op de wereldtentoonstelling te Parijs en van de bijzondere commissie voor de afdeling koloniën, 1900
  • lid ambtelijke commissie van praeadvies voor de handelspolitiek, omstreeks 1901
  • lid Mijnraad, van 1902 tot 1909
  • secretaris-penningmeester directorium Carnegiestichting, van 1904 tot 1909
  • lid commissie voor de handelspolitiek, tot 1909
  • lid Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening (Staatscommissie-Heemskerk), van 24 mei 1910 tot 15 mei 1912
  • lid Raad van Commissarissen H.IJ.S.M. (Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij), van 1911 tot 1912
  • voorzitter Raad van Commissarissen N.V. PGEM (Provinciale Geldersche Electriciteits-Maatschappij), van 1915 tot 29 juli 1925
  • voorzitter Raad van Toezicht N.V. PGEM (Provinciale Geldersche Electriciteits-Maatschappij), van 1915 tot 29 juli 1925
  • lid Raad van Commissarissen Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen, vanaf 1918
  • voorzitter College van Curatoren Rijks Landbouw-Hoogeschool te Wageningen, van 8 januari 1918 tot 1927
  • lid Nationaal Steuncomité tot leniging van de nood (stormramp in de Achterhoek), 1925
  • voorzitter Nationaal Crisis Comité, van november 1931 tot juli 1935
  • lid Electriciteitsraad, van 1933 tot 1939

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 15 maart 1932 tot 22 juni 1932
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 9 mei 1933 tot 19 september 1933
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 18 september 1934 tot 20 december 1934
  • voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1934 tot september 1935
  • lid Gemengde Commissie voor de Stenografie (namens de Eerste Kamer), van 19 september 1935 tot 13 maart 1942
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 10 december 1935 tot 16 juni 1936
  • voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1937 tot september 1938
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 28 juni 1938 tot 20 september 1938
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 19 september 1939 tot 19 december 1939
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), vanaf 2 april 1940

Opleiding

voortgezet onderwijs

  • vijfjarige h.b.s. te 's-Gravenhage

hoger beroepsonderwijs

  • M.O.-staatsinrichting
  • M.O.-staathuishoudkunde en statistiek

eredoctoraten

  • landbouwwetenschappen, Rijks Landbouw-Hoogeschool te Wageningen, 9 maart 1938

Activiteiten

als parlementariër

  • Hield zich als Tweede Kamerlid vooral bezig met mijnbouw en handels- en verkeersvraagstukken
  • Een door hem ingediend (en aangenomen) amendement leidde er in 1908 toe dat de maximumsnelheid van auto's in de bebouwde kom 10 i.p.v. 15 km per uur werd
  • Stemde in 1909 tegen een motie-Aalberse waarin om een 10-urige werkdag werd gevraagd
  • Sprak in de Eerste Kamer over uiteenlopende zaken, waaronder buitenlandse zaken, verkeer, defensie, financiën en onderwijs. Voerde ook geregeld het woord over naturalisatie-wetsontwerpen.
  • Interpelleerde op 14 maart 1934 minister Marchant over het antwoord op zijn vragen over een vredesoproep van een Comité van professoren en studenten

opvallend stemgedrag

  • Behoorde in 1937 tot de drie leden van zijn fractie tegen de ontwerp-Pachtwet stemden. Hij en Briët waren eerder tegen een voorstel-Van Sasse van Ysselt om het wetsvoorstel nog voor de verkiezingen op de agenda te plaatsen.
  • In 1937 stemden hij en Briët als enigen van hun fractie tegen het wetsontwerp bepalingen tot het in het verkeersbelang tegengaan van lintbebouwing.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Versloeg in 1907 bij de gemeenteraadsverkiezingen in Den Haag in district II W. Dolk (lib.)
  • Was toen hij Tweede Kamerlid werd nog geen lid van de ARP. Kuyper schoof hem naar voren als kandidaat, omdat een meer uitgesproken AR-kandidaat mogelijk een christelijk-historische tegenkandidatuur zou uitlokken.
  • Werd in 1908 genoemd als minister van Financiën in het kabinet-Heemskerk
  • Zette zich bijzonder in voor uitbouw van de Landbouw-Hogeschool in Wageningen

uit de privésfeer

  • Bij de afdeling Handel en Nijverheid was De Marez Oyens (later minister) zijn chef en De Monté verLoren (later Kamerlid) zijn ondergeschikte
  • Beheerde landgoederen te Scherpenzeel, die eigendom waren van zijn eerste echtgenote
  • Zijn eerste en tweede echtgenotes waren nichten van elkaar

verkiezingen

  • Versloeg in 1907 bij een tussentijdse verkiezing in het district Ede P. Tideman (vl)
  • In 1926 kandidaat in en in 1932 en 1937 gekozen door Groep II: Gelderland, Overijssel, Groningen en Drenthe

woonplaats(en)/adres(sen)

  • 's-Gravenhage, tot augustus 1908
  • Arnhem, vanaf augustus 1908
  • Brummen (Gld.), Huize Engelenburg, van 1910 tot 13 maart 1942

ridderorden

  • Officier in de Orde van Oranje-Nassau, augustus 1900
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 30 augustus 1904
  • Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, april 1912
  • Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau, 30 augustus 1926

overige onderscheidingen en prijzen

Commandeur in de Huisorde van Oranje

bezit van heerlijkheden

  • heer van Gapinge

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

R.E.C. van der Pluym, "Citters, jhr. Schelto van (1865-1942)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel III, 97

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

  • gehuwd te Utrecht, 3 april 1902 (echtgenote overleden 1 februari 1903)
  • gehuwd (tweede huwelijk) te Zwollerkerspel (Ov.), 3 oktober 1905 (echtgenote overleden 18 mei 1919)

echtgeno(o)t(e)/partner

W.S. Roijaards, Wilhelmina Sophia

2e echtgeno(o)t(e)/partner

A.G. van Naamen van Eemnes, Agatha Johanna

kinderen

1 zoon en 2 dochters

vader

Jhr. E. van Citters, Eduard

geboorteplaats en/of -datum

Middelburg, 19 maart 1838

beroep vader

ambtenaar op de ministeries van Binnenlandse Zaken en van Waterstaat

moeder

S.M. barones van Heemstra, Sara Maria

geboorteplaats en/of -datum

Langweer (gem. Doniawerstal, Frl.), 3 februari 1839

broers en zusters

2 zussen

beroep grootvader (vaderskant)

  • marineofficier (luitenant-ter-zee)
  • lid Gedeputeerde Staten van Zeeland

familierelaties