ARP
functie(s) in de periode 1903-1942: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer, Commissaris van de Koning(in), secretaris-generaal
Personalia
voornamen (roepnaam)
Schelto (Schelto)
titulatuur en naam
Jhr.Dr. S. van Citters Schelto (Schelto)
wijziging in naam en/of titulatuur
- Jhr. S. van Citters, van 13 januari 1865 tot maart 1938
- Jhr.Dr. S. van Citters, vanaf maart 1938 (nadat aan hem door de Landbouw-Hogeschool te Wageningen een eredoctoraat was verleend)
geboorteplaats en -datum
's-Gravenhage, 13 januari 1865
overlijdensplaats en -datum
Brummen, 13 maart 1942
levensbeschouwing
Hervormd: orthodox
Partij/stroming
partij(en)
ARP (Anti-Revolutionaire Partij), vanaf 1907
Hoofdfuncties/beroepen
- ambtenaar ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid, omstreeks 1891 tot 1 februari 1897
- ambtenaar afdeling handel en nijverheid (rang: hoofdcommies), ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid, van 1 februari 1897 tot februari 1901
- chef afdeling handel en nijverheid (rang: referendaris), ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid, van februari 1901 tot 1 mei 1903
- secretaris-generaal ministerie van Financiën, van 1 mei 1903 tot 1 maart 1907
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 6 maart 1907 tot 9 juli 1909 (voor het kiesdistrict Ede)
- lid gemeenteraad van 's-Gravenhage, van 3 september 1907 tot 1 augustus 1909
- Commissaris van de Koningin in Gelderland, van 1 augustus 1909 tot 16 april 1925 (benoemd bij K.B. van 24 mei 1909)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 17 september 1929 tot 13 maart 1942
Partijpolitieke functies
overzicht
- secretaris A.R.-Kamerclub Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 maart 1908 tot 9 juli 1909
- voorzitter Bond van Anti-Revolutionaire gemeenteraadsleden, van 1 juli 1908 tot 1923
- lid Centraal Comité van ARP-kiesverenigingen, vanaf april 1909
Nevenfuncties
- lid Staatscommissie tot advies omtrent ontginning steenkoolreserves door de staat, van 1899 tot 1900
- penningmeester-lid centrale commissie voor de inrichting van de afdelingen van Nederland en de koloniën op de wereldtentoonstelling te Parijs en van de bijzondere commissie voor de afdeling koloniën, 1900
- lid ambtelijke commissie van praeadvies voor de handelspolitiek, omstreeks 1901
- lid Mijnraad, van 1902 tot 1909
- secretaris-penningmeester directorium Carnegiestichting, van 1904 tot 1909
- lid commissie voor de handelspolitiek, tot 1909
- lid Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening (Staatscommissie-Heemskerk), van 24 mei 1910 tot 15 mei 1912
- lid Raad van Commissarissen H.IJ.S.M. (Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij), van 1911 tot 1912
- voorzitter Raad van Commissarissen N.V. PGEM (Provinciale Geldersche Electriciteits-Maatschappij), van 1915 tot 29 juli 1925
- voorzitter Raad van Toezicht N.V. PGEM (Provinciale Geldersche Electriciteits-Maatschappij), van 1915 tot 29 juli 1925
- lid Raad van Commissarissen Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen, vanaf 1918
- voorzitter College van Curatoren Rijks Landbouw-Hoogeschool te Wageningen, van 8 januari 1918 tot 1927
- lid Nationaal Steuncomité tot leniging van de nood (stormramp in de Achterhoek), 1925
- voorzitter Nationaal Crisis Comité, van november 1931 tot juli 1935
- lid Electriciteitsraad, van 1933 tot 1939
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 15 maart 1932 tot 22 juni 1932
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 9 mei 1933 tot 19 september 1933
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 18 september 1934 tot 20 december 1934
- voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1934 tot september 1935
- lid Gemengde Commissie voor de Stenografie (namens de Eerste Kamer), van 19 september 1935 tot 13 maart 1942
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 10 december 1935 tot 16 juni 1936
- voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1937 tot september 1938
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 28 juni 1938 tot 20 september 1938
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 19 september 1939 tot 19 december 1939
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), vanaf 2 april 1940
Opleiding
voortgezet onderwijs
- vijfjarige h.b.s. te 's-Gravenhage
hoger beroepsonderwijs
- M.O.-staatsinrichting
- M.O.-staathuishoudkunde en statistiek
eredoctoraten
- landbouwwetenschappen, Rijks Landbouw-Hoogeschool te Wageningen, 9 maart 1938
Activiteiten
als parlementariër
- Hield zich als Tweede Kamerlid vooral bezig met mijnbouw en handels- en verkeersvraagstukken
- Een door hem ingediend (en aangenomen) amendement leidde er in 1908 toe dat de maximumsnelheid van auto's in de bebouwde kom 10 i.p.v. 15 km per uur werd
- Stemde in 1909 tegen een motie-Aalberse waarin om een 10-urige werkdag werd gevraagd
- Sprak in de Eerste Kamer over uiteenlopende zaken, waaronder buitenlandse zaken, verkeer, defensie, financiën en onderwijs. Voerde ook geregeld het woord over naturalisatie-wetsontwerpen.
- Interpelleerde op 14 maart 1934 minister Marchant over het antwoord op zijn vragen over een vredesoproep van een Comité van professoren en studenten
opvallend stemgedrag
- Behoorde in 1937 tot de drie leden van zijn fractie tegen de ontwerp-Pachtwet stemden. Hij en Briët waren eerder tegen een voorstel-Van Sasse van Ysselt om het wetsvoorstel nog voor de verkiezingen op de agenda te plaatsen.
- In 1937 stemden hij en Briët als enigen van hun fractie tegen het wetsontwerp bepalingen tot het in het verkeersbelang tegengaan van lintbebouwing.
Wetenswaardigheden
algemeen
- Versloeg in 1907 bij de gemeenteraadsverkiezingen in Den Haag in district II W. Dolk (lib.)
- Was toen hij Tweede Kamerlid werd nog geen lid van de ARP. Kuyper schoof hem naar voren als kandidaat, omdat een meer uitgesproken AR-kandidaat mogelijk een christelijk-historische tegenkandidatuur zou uitlokken.
- Werd in 1908 genoemd als minister van Financiën in het kabinet-Heemskerk
- Zette zich bijzonder in voor uitbouw van de Landbouw-Hogeschool in Wageningen
uit de privésfeer
- Bij de afdeling Handel en Nijverheid was De Marez Oyens (later minister) zijn chef en De Monté verLoren (later Kamerlid) zijn ondergeschikte
- Beheerde landgoederen te Scherpenzeel, die eigendom waren van zijn eerste echtgenote
- Zijn eerste en tweede echtgenotes waren nichten van elkaar
verkiezingen
- Versloeg in 1907 bij een tussentijdse verkiezing in het district Ede P. Tideman (vl)
- In 1926 kandidaat in en in 1932 en 1937 gekozen door Groep II: Gelderland, Overijssel, Groningen en Drenthe
woonplaats(en)/adres(sen)
- 's-Gravenhage, tot augustus 1908
- Arnhem, vanaf augustus 1908
- Brummen (Gld.), Huize Engelenburg, van 1910 tot 13 maart 1942
ridderorden
- Officier in de Orde van Oranje-Nassau, augustus 1900
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 30 augustus 1904
- Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, april 1912
- Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau, 30 augustus 1926
overige onderscheidingen en prijzen
Commandeur in de Huisorde van Oranje
bezit van heerlijkheden
Publicaties van/over
literatuur/documentatie
R.E.C. van der Pluym, "Citters, jhr. Schelto van (1865-1942)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel III, 97
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
- gehuwd te Utrecht, 3 april 1902 (echtgenote overleden 1 februari 1903)
- gehuwd (tweede huwelijk) te Zwollerkerspel (Ov.), 3 oktober 1905 (echtgenote overleden 18 mei 1919)
echtgeno(o)t(e)/partner
W.S. Roijaards, Wilhelmina Sophia
2e echtgeno(o)t(e)/partner
A.G. van Naamen van Eemnes, Agatha Johanna
kinderen
1 zoon en 2 dochters
vader
Jhr. E. van Citters, Eduard
geboorteplaats en/of -datum
Middelburg, 19 maart 1838
beroep vader
ambtenaar op de ministeries van Binnenlandse Zaken en van Waterstaat
moeder
S.M. barones van Heemstra, Sara Maria
geboorteplaats en/of -datum
Langweer (gem. Doniawerstal, Frl.), 3 februari 1839
broers en zusters
2 zussen
beroep grootvader (vaderskant)
- marineofficier (luitenant-ter-zee)
- lid Gedeputeerde Staten van Zeeland
familierelaties