Mr. W.C. Wendelaar

W.C. Wendelaar
bron: Fotoarchief Eerste Kamer

Stijlvolle liberale politicus en bestuurder. Behoudend man, die als bestuurder van vele markten thuis was. Vlotte spreker. Voor de oorlog burgemeester van Alkmaar en voorzitter van de Liberale Staatspartij. Fel bestrijder van het nationaal-socialisme, die in 1936 tijdens een partijvergadering het antisemitische blad "Der Stürmer" verbrandde. Kwam in 1938 met een voorstel voor een parlementaire enquête naar de affaire-Oss. Bleef nog tot november 1956 parlementariër.

Vrijheidsbond, PvdV, VVD
functie(s) in de periode 1933-1956: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Willem Carel

titulatuur en naam

Mr. W.C. Wendelaar Willem Carel

geboorteplaats en -datum

Amsterdam, 1 januari 1882

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 1 oktober 1967

levensbeschouwing

  • vrijzinnig-protestants (lid Protestantenbond), tot 1912
  • Hervormd: vrijzinnig, tot 1912

niet-kerkelijke levensbeschouwing

vrijmetselaar, vanaf 1912

Partij/stroming

partij(en)

  • Liberale Staatspartij "De Vrijheidsbond", tot 14 maart 1946 (vanaf februari 1938 zonder de toevoeging "de Vrijheidsbond")
  • PvdV (Partij van de Vrijheid), van 14 maart 1946 tot 24 januari 1948
  • VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie), vanaf 24 januari 1948

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat en procureur te 's-Gravenhage, van 1907 tot 1912
  • ambtenaar (rang: adjunct-commies; maart 1913: commies; 1919: referendaris), ministerie Oorlog, van 1912 tot 1 december 1919 (werkzaam op het Kabinet van de minister en de juridische afdeling)
  • burgemeester van Alkmaar, van 1 december 1919 tot 16 januari 1934
  • lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 7 juli 1931 tot 16 januari 1934
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 12 oktober 1933 tot 4 juni 1946
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 25 augustus 1948 tot 6 november 1956

Partijpolitieke functies

overzicht

  • vicevoorzitter Liberale Staatspartij "De Vrijheidsbond", van november 1931 tot 14 oktober 1933
  • voorzitter Liberale Staatspartij "De Vrijheidsbond", van 14 oktober 1933 tot 24 september 1938
  • voorzitter defensiecommissie, "De Vrijheidsbond", van 1934 tot september 1936

lijsttrekkerschappen

  • lijstaanvoerder Vrijheidsbond, Tweede Kamerverkiezingen 1933 (in de kieskringen Haarlem en Maastricht)
  • lijstaanvoerder Vrijheidsbond, Tweede Kamerverkiezingen 1937 (in de kieskringen 's-Gravenhage en Zwolle)

Nevenfuncties

  • secretaris Vereniging "Het Nederlandsch Lyceum" te 's-Gravenhage, van 1911 tot 1920
  • voorzitter VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten), van 21 juni 1927 tot 29 juni 1932
  • voorzitter Raad van Commissarissen verzekeringsmaatschappij "Groot-Noordhollandsche van 1845", vanaf 1934 (nog in 1956)
  • voorzitter Volksbond tegen Drankmisbruik, van 1936 tot 1949
  • voorzitter Vereniging voor Volksonderwijs, van 1938 tot 1948
  • voorzitter Hypotheekbank Nederland, vanaf 1939 (nog in 1956)
  • lid Defensiecommissie, omstreeks 1954
  • voorzitter Raad van Commissarissen "Algemeene Friesche Levensverzekering-Maatschappij", vanaf 1954

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Commissie van Rapporteurs inzake de Nota van den minister van Justitie betreffende de feiten en omstandigheden, op grond waarvan op 1 april 1938 aan de brigade der Koninklijke Marechaussee te Oss is gelast zich tijdelijk van opsporingsdiensten te onthouden (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van februari 1939 tot juni 1939
  • voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 19 oktober 1949 tot 6 november 1956
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1952 tot april 1953
  • plaatsvervangend lid Raadgevende Vergadering van de Raad van Europa, van 14 januari 1953 tot 30 april 1957
  • voorzitter commissie van rapporteurs voor de begrotingen van Oorlog en van Marine 1954 (Eerste Kamer der Staten-Generaal), januari 1954
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 18 september 1956 tot 6 november 1956

Opleiding

primair onderwijs

  • Openbare lagere school te Amsterdam, van 1888 tot juli 1894

voortgezet onderwijs

  • Openbaar "Barlaeus Gymnasium" te Amsterdam, van september 1894 tot juli 1901

academische studie

  • rechtswetenschap (gepromoveerd op stellingen), Rijksuniversiteit Utrecht, van september 1901 tot 19 december 1906

Activiteiten

als parlementariër

  • Hield zich in het parlement met uiteenlopende zaken bezig, waaronder justitie, defensie, Surinaamse aangelegenheden, onderwijs, binnenlandse zaken en volkshuisvesting
  • Diende in mei 1938 een voorstel in tot het instellen van een parlementaire enquête naar de zaak-Oss (aanpak van de criminaliteit in Oss). Dit voorstel werd op 22 juni 1938 met 50 tegen 37 stemmen verworpen. Er kwam wel - op voorstel van Albarda en Oud - een nota over deze affaire.
  • Interpelleerde in 1937 samen met C. Smeenk (ARP) minister Gelissen over de sluiting van het bakkersbedrijf in Amsterdam en Rotterdam
  • Interpelleerde in 1946 minister Van der Leeuw over de verdeling van papier over politieke partijen en over de radiozendtijd i.v.m. de Tweede Kamerverkiezingen

opvallend stemgedrag

  • Stemde in 1955 als enige van zijn fractie tegen de ontwerp-Wet beperking cadeaustelsel

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Versloeg in april 1938 bij de verkiezing van een partijvoorzitter met 117 tegen 113 stemmen B.M. Telders. Trad later dat jaar af.
  • Stikker keerde zich in 1946 tegen een hernieuwde kandidatuur van Wendelaar voor de Tweede Kamer, maar moest zich daarbij neerleggen. Hij kwam wel op een lagere plaats op de lijst.
  • Stelde zich bij de uitbreiding van het ledental in 1956 als enige niet herkiesbaar, omdat hij zich niet langer in staat achtte het lidmaatschap goed uit te oefenen

uit de privésfeer

  • Zijn echtgenote was concertzangeres

anekdotes en citaten

  • Zei in 1956 over het bekronen van werk van de experimentele dichter Lucebert door de gemeente Amsterdam: "Helaas, helaas, helaas, waar is Vondels geest gevaren".

verkiezingen

  • Was in 1946 nummer twee op de PvdV-kandidatenlijst in de Kamerkringen Amsterdam en Haarlem. Loting bepaalde dat F. den Hartog, kandidaat in de Kamerkring Dordrecht, de zetel kreeg toegewezen.
  • Stond in 1948 bij de Tweede Kamerverkiezingen als nummer elf (onverkiesbaar) op de VVD-kandidatenlijst
  • Was in 1948 kandidaat in en werd in 1952 en 1956 gekozen door Groep III: Noord-Holland en Friesland

woonplaats(en)/adres(sen)

  • 's-Gravenhage, tot 1919
  • Alkmaar, van 1919 tot 1934
  • 's-Gravenhage, Waalsdorperweg 141, van 1934 tot 1941 (huis ontruimd vanwege bouw Atlantikwall)
  • Amstelveen, van 1941 tot 1946
  • 's-Gravenhage, Waalsdorperweg 141, omstreeks april 1946 (nog in 1955)

ridderorden

  • Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, 1 augustus 1913
  • Officier in de Orde van Oranje-Nassau, 30 augustus 1927
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 29 september 1950

rang(en) reserve-officier

  • reserve-ritmeester der huzaren (vanaf maart 1918 gedetacheerd bij de cavalerie-brigade)

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • H.J.L. Vonhoff, "Liberalen onder één dak" (1998), 66
  • Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld (1938)
  • Ned. Patriciaat, 1988, 485
  • Wie is dat? 1935, 1956

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Utrecht, 31 januari 1907

echtgeno(o)t(e)/partner

A.M.A. Müller, Adriana Marie Anna

kinderen

1 zoon en 1 dochter

vader

W.G. Wendelaar, Willem Gerrit

geboorteplaats en/of -datum

Amsterdam, 30 maart 1858

beroep vader

lid commissionairsfirma in effecten "F. en G. Wendelaar" te Amsterdam (1881-1923)

moeder

E.J.Ch. Serlé, Elisabeth Jeanette Christine

geboorteplaats en/of -datum

Pati (Ned.-Indië) (omstreeks 1860)

broers en zusters

2 zusters en 1 broer (zelf oudste kind)

beroep grootvader (vaderskant)

makelaar en commissionair

beroep grootvader (moederskant)

koloniaal ambtenaar

familierelaties