financiële oppositie, moderaat of gematigd liberaal, 'pragmatisch' liberaal
functie(s) in de periode 1828-1853: buitengewoon lid Tweede Kamer, lid Tweede Kamer
Personalia
voornamen (roepnaam)
Pieter Carel
titulatuur en naam
Mr. P.C. Schooneveld Pieter Carel
geboorteplaats en -datum
Amsterdam, 13 mei 1788
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 18 mei 1853
levensbeschouwing
Waals Hervormd
Partij/stroming
stroming(en)
- "financiële oppositie" (ten tijde van koning Willem I en koning Willem II)
- 'pragmatisch' liberaal (vanaf 1849)
Hoofdfuncties/beroepen
- advocaat te 's-Gravenhage, vanaf 1810
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 oktober 1828 tot 19 oktober 1829 (voor Holland)
- buitengewoon lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 5 augustus 1840 tot 5 september 1840 (voor Holland)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 oktober 1841 tot 13 februari 1849 (voor Zuid-Holland)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 13 februari 1849 tot 20 augustus 1850 (voor het kiesdistrict 's-Gravenhage)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 oktober 1850 tot 26 april 1853 (voor het kiesdistrict 's-Gravenhage)
Nevenfuncties
directeur Waarborg Maatschappij voor de nationale militie in Zuid-Holland te 's-Gravenhage, vanaf 1844
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1843 tot december 1843
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1844 tot februari 1845
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1846 tot oktober 1846
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1847 tot oktober 1847
- lid Centarel Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 1848 tot 8 oktober 1848 (september 1848 voorzitter vijfde afdeling)
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1849 tot februari 1850
- lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van juni 1850 tot september 1850
Opleiding
academische studie
- Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op stellingen), Hogeschool te Leiden, van 9 juni 1806 tot 25 juli 1810
Activiteiten
als parlementariër
- Behoorde in 1829 tot de zes noordelijke leden die vóór het initiatiefwetsvoorstel-Barthelémy c.s. stemden over herziening van de wet op de rechterlijke organisatie. Was medeindiener van dat voorstel.
- Behoorde in 1843 tot de 24 leden die vóór het (verworpen) wetsvoorstel tot regeling van 's Rijks openbare schuld stemden
- Behoorde in 1843 tot de 24 leden die tegen hoofdstuk I van de begroting voor 1844 en 1845 stemden. De begroting werd met 33 tegen 24 stemmen aangenomen.
- Stemde in 1843 en 1845 geregeld tegen begrotingshoofdstukken
- Behoorde in 1844 tot de 25 leden die tegen de ontwerp-wet inzake de (vrijwillige) geldlening en buitengewone belasting op bezittingen stemden. Het voorstel werd met 32 tegen 25 stemmen aangenomen.
- Behoorde in 1844 tot de 15 leden die tegen een aanvulling van de instructie aan de Algemene Rekenkamer stemden, omdat die tot onvoldoende verbetering van het toezicht zou leiden
- Behoorde in 1844 tot de 28 leden die vóór het ontwerp-Adres van Antwoord stemden, waarin werd aangedrongen op grondwetsherziening
- Behoorde in 1845 tot de 24 leden die tegen het wetsvoorstel over het tarief voor in-, uit- en doorvoerde stemden. Het wetsvoorstel werd met 31 tegen 24 stemmen aangenomen.
- Behoorde in 1845 tot de 19 leden die tegen hoofdstuk I van de begroting voor 1846 en 1847 stemden. De begroting werd met 37 tegen 19 stemmen aangenomen.
- Beantwoordde in 1845 de vraag of er vanuit de Tweede Kamer een voorstel tot Grondwetsherziening moest worden gedaan met "ja"
- "Interpelleerde" in 1847 minister De Jonge van Campensnieuwland over het "Journal de la Haye"
- Behoorde in 1847 tot de 23 leden die tegen hoofdstuk IV (Justitie) van de begroting voor 1848 en 1849 stemden. De begroting werd met 35 tegen 23 stemmen aangenomen.
- Behoorde in 1847 tot de meerderheid die tegen het wetsvoorstel over het stemrecht in steden en op het platteland stemde. Het wetsvoorstel werd met 31 tegen 27 stemmen verworpen.
- Stemde in 1848 bij beide lezingen tegen hoofdstuk IX van de nieuwe Grondwet en bij de eerste lezing tegen de hoofdstuk IV en tegen de additionele artikelen
- Behoorde in 1849 tot de vijf leden die tegen het Adres van Antwoord stemden, waarin wantrouwen tegen het zittende kabinet werd uitgesproken
- Diende in 1850 met Storm van 's-Gravesande en Metman een initiatiefwetsvoorstel in over een schadeloosstelling aan de leden der voormalige Eerste Kamer. Dit voorstel werd door de Eerste Kamer verworpen.
- Interpelleerde in 1852 minister Thorbecke over de ministeriële crisis (aftreden minister Nedermeyer ridder Rosenthal)
Wetenswaardigheden
algemeen
- In 1844 vonden in zijn huis de eerste besprekingen plaats over het door Kamerleden nemen van een initiatief tot Grondwetsherziening
uit de privésfeer
- Zijn vader was secretaris van de Desolate Boedelkamer te Amsterdam
verkiezingen
- Versloeg in 1841 het aftredende lid jhr. M.W. de Jonge van Campensnieuwland. Hij kreeg bij de tweede stemmingsronde in de Staten van Zuid-Holland 50 stemmen, tegen 17 voor De Jonge.
- Werd in 1848 in het district 's-Gravenhage II gekozen. Versloeg o.a. G.W. Verweij Mejan.
- Werd in 1850 bij algemene verkiezingen in het district 's-Gravenhage in de eerste stemmingsronde verslagen. Kreeg bijna 11 procent van de stemmen.
- Versloeg in 1850 bij een naverkiezing in het district 's-Gravenhage Æ. baron Mackay (a.r.)
woonplaats(en)/adres(sen)
's-Gravenhage
ridderorden
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
ongehuwd
vader
Mr. P. Schooneveld, Pieter (ook wel Pierre)
geboorteplaats en/of -datum
Amsterdam, 26 november 1748
beroep vader
jurist
moeder
H.E. Schelte, Hester Elisabeth
geboorteplaats en/of -datum
onbekend, 16 februari 1753
familierelaties