Mr. P.C. Schooneveld

P.C. Schooneveld
bron: Gemeentearchief Den Haag

Haagse advocaat en Tweede Kamerlid, in wiens huis in 1844 vernieuwingsgezinde Kamerleden onder leiding van Thorbecke bijeenkwamen om over Grondwetsherziening te praten. Was een onafhankelijk (oppositioneel) Tweede Kamerlid. In 1829 niet herkozen, maar in 1840 buitengewoon lid van de Tweede Kamer, en daarna twaalf jaar gewoon lid. Steunde in 1844 het in behandeling nemen van het voorstel van de Negenmannen, maar was zelf geen mede-initiatiefnemer.

financiële oppositie, moderaat of gematigd liberaal, 'pragmatisch' liberaal
functie(s) in de periode 1828-1853: buitengewoon lid Tweede Kamer, lid Tweede Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Pieter Carel

titulatuur en naam

Mr. P.C. Schooneveld Pieter Carel

geboorteplaats en -datum

Amsterdam, 13 mei 1788

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 18 mei 1853

levensbeschouwing

Waals Hervormd

Partij/stroming

stroming(en)

  • "financiële oppositie" (ten tijde van koning Willem I en koning Willem II)
  • 'pragmatisch' liberaal (vanaf 1849)

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat te 's-Gravenhage, vanaf 1810
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 oktober 1828 tot 19 oktober 1829 (voor Holland)
  • buitengewoon lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 5 augustus 1840 tot 5 september 1840 (voor Holland)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 oktober 1841 tot 13 februari 1849 (voor Zuid-Holland)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 13 februari 1849 tot 20 augustus 1850 (voor het kiesdistrict 's-Gravenhage)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 oktober 1850 tot 26 april 1853 (voor het kiesdistrict 's-Gravenhage)

Nevenfuncties

directeur Waarborg Maatschappij voor de nationale militie in Zuid-Holland te 's-Gravenhage, vanaf 1844

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1843 tot december 1843
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1844 tot februari 1845
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1846 tot oktober 1846
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1847 tot oktober 1847
  • lid Centarel Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 1848 tot 8 oktober 1848 (september 1848 voorzitter vijfde afdeling)
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1849 tot februari 1850
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van juni 1850 tot september 1850

Opleiding

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op stellingen), Hogeschool te Leiden, van 9 juni 1806 tot 25 juli 1810

Activiteiten

als parlementariër

  • Behoorde in 1829 tot de zes noordelijke leden die vóór het initiatiefwetsvoorstel-Barthelémy c.s. stemden over herziening van de wet op de rechterlijke organisatie. Was medeindiener van dat voorstel.
  • Behoorde in 1843 tot de 24 leden die vóór het (verworpen) wetsvoorstel tot regeling van 's Rijks openbare schuld stemden
  • Behoorde in 1843 tot de 24 leden die tegen hoofdstuk I van de begroting voor 1844 en 1845 stemden. De begroting werd met 33 tegen 24 stemmen aangenomen.
  • Stemde in 1843 en 1845 geregeld tegen begrotingshoofdstukken
  • Behoorde in 1844 tot de 25 leden die tegen de ontwerp-wet inzake de (vrijwillige) geldlening en buitengewone belasting op bezittingen stemden. Het voorstel werd met 32 tegen 25 stemmen aangenomen.
  • Behoorde in 1844 tot de 15 leden die tegen een aanvulling van de instructie aan de Algemene Rekenkamer stemden, omdat die tot onvoldoende verbetering van het toezicht zou leiden
  • Behoorde in 1844 tot de 28 leden die vóór het ontwerp-Adres van Antwoord stemden, waarin werd aangedrongen op grondwetsherziening
  • Behoorde in 1845 tot de 24 leden die tegen het wetsvoorstel over het tarief voor in-, uit- en doorvoerde stemden. Het wetsvoorstel werd met 31 tegen 24 stemmen aangenomen.
  • Behoorde in 1845 tot de 19 leden die tegen hoofdstuk I van de begroting voor 1846 en 1847 stemden. De begroting werd met 37 tegen 19 stemmen aangenomen.
  • Beantwoordde in 1845 de vraag of er vanuit de Tweede Kamer een voorstel tot Grondwetsherziening moest worden gedaan met "ja"
  • "Interpelleerde" in 1847 minister De Jonge van Campensnieuwland over het "Journal de la Haye"
  • Behoorde in 1847 tot de 23 leden die tegen hoofdstuk IV (Justitie) van de begroting voor 1848 en 1849 stemden. De begroting werd met 35 tegen 23 stemmen aangenomen.
  • Behoorde in 1847 tot de meerderheid die tegen het wetsvoorstel over het stemrecht in steden en op het platteland stemde. Het wetsvoorstel werd met 31 tegen 27 stemmen verworpen.
  • Stemde in 1848 bij beide lezingen tegen hoofdstuk IX van de nieuwe Grondwet en bij de eerste lezing tegen de hoofdstuk IV en tegen de additionele artikelen
  • Behoorde in 1849 tot de vijf leden die tegen het Adres van Antwoord stemden, waarin wantrouwen tegen het zittende kabinet werd uitgesproken
  • Diende in 1850 met Storm van 's-Gravesande en Metman een initiatiefwetsvoorstel in over een schadeloosstelling aan de leden der voormalige Eerste Kamer. Dit voorstel werd door de Eerste Kamer verworpen.
  • Interpelleerde in 1852 minister Thorbecke over de ministeriële crisis (aftreden minister Nedermeyer ridder Rosenthal)

Wetenswaardigheden

algemeen

  • In 1844 vonden in zijn huis de eerste besprekingen plaats over het door Kamerleden nemen van een initiatief tot Grondwetsherziening

uit de privésfeer

  • Zijn vader was secretaris van de Desolate Boedelkamer te Amsterdam

verkiezingen

  • Versloeg in 1841 het aftredende lid jhr. M.W. de Jonge van Campensnieuwland. Hij kreeg bij de tweede stemmingsronde in de Staten van Zuid-Holland 50 stemmen, tegen 17 voor De Jonge.
  • Werd in 1848 in het district 's-Gravenhage II gekozen. Versloeg o.a. G.W. Verweij Mejan.
  • Werd in 1850 bij algemene verkiezingen in het district 's-Gravenhage in de eerste stemmingsronde verslagen. Kreeg bijna 11 procent van de stemmen.
  • Versloeg in 1850 bij een naverkiezing in het district 's-Gravenhage Æ. baron Mackay (a.r.)

woonplaats(en)/adres(sen)

's-Gravenhage

ridderorden

Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

ongehuwd

vader

Mr. P. Schooneveld, Pieter (ook wel Pierre)

geboorteplaats en/of -datum

Amsterdam, 26 november 1748

beroep vader

jurist

moeder

H.E. Schelte, Hester Elisabeth

geboorteplaats en/of -datum

onbekend, 16 februari 1753

familierelaties