Thorbeckiaan, liberaal
functie(s) in de periode 1858-1869: lid Tweede Kamer, minister
Personalia
voornamen (roepnaam)
Nicolaas
titulatuur en naam
Mr. N. Olivier Nicolaas
geboorteplaats en -datum
Utrecht, 1 augustus 1808
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 12 november 1869
levensbeschouwing
Waals Hervormd
Partij/stroming
stroming(en)
liberaal (Thorbeckiaan)
Hoofdfuncties/beroepen
- advocaat te Leiden, vanaf 1836
- redacteur "Themis", Regtskundig Tijdschrift, van 1839 tot 1851 (medeoprichter met A. de Pinto en D.H. Levysohn)
- repetitor Romeins recht Hogeschool te Leiden
- hoofdredacteur "Arnhemsche Courant", vanaf januari 1842
- mede-eigenaar "Arnhemsche Courant", vanaf oktober 1847 (met J. Kneppelhout)
- lid stedelijke raad (vanaf 17 oktober 1851 gemeenteraad) van Leiden, van oktober 1847 tot 29 maart 1862
- wethouder van Leiden, van 4 september 1855 tot 29 maart 1862
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 13 april 1858 tot 1 februari 1862 (voor het kiesdistrict Rotterdam)
- minister van Justitie, van 1 februari 1862 tot 10 februari 1866 (vanaf 1 juli 1862 tevens belast met het beheer van de zaken der Hervormde en andere erediensten, behalve die der Rooms-Katholieke)
- minister van Financiën ad interim, van 27 november 1865 tot 10 februari 1866 (na het aftreden van minister Betz)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 september 1866 tot 1 oktober 1866 (voor het kiesdistrict Alkmaar)
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 april 1869 tot 20 september 1869 (voor het kiesdistrict Zuidhorn)
Nevenfuncties
- auditeur der Schutterij te Leiden, van 1840 tot 1861
- lid Bureau van Consultatie te Leiden, van 1842 tot 1858
- lid commissie van onderzoek naar de verbindbaarheid van nog bestaande Franse wetten en verordeningen
- deken Raad van Toezicht en Discipline, Orde van Advocaten, van 1846 tot 1861
- regent Caecilia Gasthuis (Gast- en Leprooshuis) te Leiden, van 1849 tot 1852
- regent Minnehuis (Kaarsenmakersstraat) te Leiden, van 1849 tot 1852
- voorzitter Bureau van Consultatie te Leiden, van 1842 tot 1858
Opleiding
voortgezet onderwijs
- gymnasium te 's-Gravenhage
academische studie
- Romeins en hedendaags recht, Hogeschool te Utrecht, van 1827 tot 1830
- Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 15 september 1830 tot 27 juni 1835 (magna cum laude)
Activiteiten
als parlementariër
- Sprak in de Tweede Kamer vooral over justitiële onderwerpen en over de spoorwegen
- Stemde in 1860 tegen de ontwerp-Wet aanleg van spoorwegen voor rekening van de staat
als bewindspersoon (beleidsmatig)
- Diende in 1863 wetsvoorstellen in tot vaststelling van een nieuw Wetboek van Strafvordering. Deze wetsvoorstellen bleef onafgedaan; pas in 1921 kwam het nieuwe wetboek tot stand.
- In 1863 verwierp de Eerste Kamer met 23 tegen 13 stemmen het door hem verdedigde wetsvoorstel over de afkoopbaarstelling van de tienden
- Regelde in 1863 bij K.B. de afkondiging van wetten en koninklijke besluiten. De minister van Justitie werd belast met plaatsing in het Staatsblad.
als bewindspersoon (wetgeving)
- Bracht in 1864 een wet tot stand houdende bepalingen voor het geval van wanbetaling van boeten in strafzaken
- Bracht in 1865 als tijdelijk minister van Financiën de wet inzake de heffing der grondbelasting in Limburg tot stand. Hierdoor kwam er per 1 januari 1869 een einde aan de voor Limburg gunstige regeling op het gebied van de grondbelasting.
Wetenswaardigheden
algemeen
- Werd in 1848 en 1850 gepasseerd voor een hoogleraarschap in Leiden
- Werd in 1851 en 1852 door koning Willem III gepasseerd voor het lidmaatschap van de Hoge Raad. Hij was door de Tweede Kamer buiten de voordracht om als eerste gekandideerd.
- Werd in 1852 met Strens voorgedragen als kandidaat voor het ministerschap op Justitie. De koning had een voorkeur voor Strens.
- Werd in 1857 gepasseerd voor een hoogleraarschap in Groningen
- Bood in februari 1866 samen met Thorbecke zijn ontslag als minister aan, vanwege een geschil met de overige ministers over de vraag of het Wetboek van Strafrecht voor Nederlands-Indië bij wet of bij K.B. moest worden vastgesteld
- Werd in 1869 op voordracht van Thorbecke, als niet-Groninger, kandidaat gesteld in het district Zuidhorn. Werd herkozen, maar overleed voor opnieuw te zijn beëdigd.
uit de privésfeer
- Leerling en (huis)vriend van Thorbecke
- Medeoprichter Zaterdaggezelschap dat onder leiding van Thorbecke wekelijks bijeenkwam in Leiden, vanaf november 1846
- Zijn vader was secretaris-generaal van het ministerie van Justitie
verkiezingen
- Werd in 1856 bij een tussentijdse verkiezing in het district Leiden verslagen door G. Groen van Prinsterer (a.r.)
- Werd in 1857 bij een tussentijdse verkiezing in het district Leiden na herstemming verslagen door R.J. graaf Schimmelpenninck (cons.)
- Versloeg in 1858 bij een tussentijdse verkiezing in het district Rotterdam L. Metman en E.J.A. graaf van Bylandt
- Versloeg in 1860 bij de periodieke verkiezing in het district Rotterdam na herstemming I.D. Fransen van de Putte
- Versloeg in 1866 bij de periodieke verkiezing in het district Alkmaar J.D. van Herwerden
- Werd in oktober 1866 bij de algemene verkiezingen in het kiesdistrict Alkmaar in de eerste stemmingsronde verslagen door jhr. C. van Foreest en E.H. s'Jacob (cons.)
- Versloeg in 1869 bij een tussentijdse verkiezing in het district Zuidhorn na herstemming jhr. E. de Wendt Alberda van Ekenstein
- Versloeg in 1869 bij de periodieke verkiezing in het district Zuidhorn na herstemming H.W. Wierda
woonplaats(en)/adres(sen)
- Leiden, Rapenburg, van 1837 tot 1845
- Leiden, Steenschuur 13, van 1845 tot 1846
- Leiden, Breestraat, vanaf 1846
ridderorden
Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 9 februari 1866
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
- lid Zaterdaggezelschap te Leiden, vanaf 1846
- lid Amstelsociëteit afdeling Leiden (liberaal genootschap)
- lid kiesvereniging "Grondwet en Koning" te Leiden, vanaf 1853 (medeoprichter)
- lid Thorbeckiaanse "Vereeniging van Constitutionelen", van 22 juli 1854 tot 1856
Publicaties van/over
lijst van publicaties
- "Het zeeregt van vroegeren en lateren tijd" (1831)
- "De Theodosii magni constitutionibus" (dissertatie, 1835)
literatuur/documentatie
- Sagittarius, "Parlementaire Portretten. De aftredende helft van de Tweede Kamer der Staten-Generaal" (1869)
- Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IV, 1039
- J.H. von Santen, "Olivier, Nicolaas (1808-1869)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel IV, 366
Biografisch Woordenboek(en)
- biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland
- biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
- gehuwd te Leiden, 2 januari 1845 (echtgenote overleden 11 december 1845)
- gehuwd (tweede huwelijk) te Leiden, 28 oktober 1858
echtgeno(o)t(e)/partner
A.J. Bogaers, Adelaïde Jacqueline
2e echtgeno(o)t(e)/partner
G.A.J. Bogaers, Geertruida Anna Jacoba
kinderen
1 zoon (jong overleden; uit eerste huwelijk)
vader
N. Olivier, Nicolaas
moeder
W.W. Pranger, Wilhelmina Wendeline
geboorteplaats en/of -datum
's-Gravenhage, 28 februari 1789
broers en zusters
1 broer en 1 zuster (zelf de oudste)