Mr. J.L.G. Grégory

J.L.G. Grégory
bron: Gemeentearchief Den Haag

Negentiende-eeuws Commissaris van de Koning in Drenthe; ijverig behartiger van de belangen van zijn provincie. Na zijn rechtenstudie advocaat en subsituut-officier van justitie en in 1838 op jonge leeftijd advocaat-generaal bij de Hoge Raad. Gold als een bekwaam jurist. In Drenthe bevorderde hij de oprichting van waterschappen, zette hij zich in voor het behoud van hunnebedden en bewerkstelligde hij dat Schoonebeek een zelfstandige gemeente werd.

functie(s) in de periode 1868-1875: Commissaris van de Koning(in)

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Wetenswaardigheden
  7. Publicaties van/over
  8. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Joan Lodewijk Gerhard

titulatuur en naam

Mr. J.L.G. Grégory Joan Lodewijk Gerhard

geboorteplaats en -datum

Laubegast (gem. Leuben bij Dresden), 14 april 1808

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 30 januari 1891

Partij/stroming

stroming(en)

conservatief/antirevolutionair

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat, advocatenkantoor Faber van Riemsdijk te 's-Gravenhage, van 1833 tot 1 maart 1836
  • substituut-officier van justitie, rechtbank in eerste aanleg te Hoorn, van 1 maart 1836 tot 1 oktober 1838
  • advocaat-generaal Provinciaal Gerechtshof te Assen, van 1 oktober 1838 tot 1 mei 1841
  • referendaris ministerie van Justitie, van 1 mei 1841 tot 1 januari 1846
  • advocaat-generaal Hoge Raad der Nederlanden, van 1 januari 1846 tot 1 maart 1868 (benoemd bij K.B. van 21 december 1845)
  • Commissaris des Konings in Drenthe, van 1 maart 1868 tot 12 mei 1875 (benoemd bij K.B. van 27 februari 1868)

Nevenfuncties

  • lid commissie voor het ontwerpen van een rechterlijke inrichting, vanaf 24 september 1853
  • lid commissie voor de zaken betreffende de stichtingen van beurzen voor het onderwijs, vanaf april 1858
  • lid College van Curatoren Hogeschool te Groningen, van 17 oktober 1871 tot 1885

Opleiding

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Utrecht, van 23 september 1825 tot 10 december 1832

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Was als ambtenaar van Justitie een naaste medewerker van minister Van Maanen. Ontwierp de zgn. Conflictenwet (over administratieve geschillen), die echter nooit tot stand kwam.

uit de privésfeer

  • Zijn grootvader was van Duitse afkomst. Hij was resident, consul-generaal en geheim-handelsraad van de koning van Pruisen in Amsterdam.
  • Zijn vader werd in Amsterdam geboren en week in de Bataafse tijd uit naar Duitsland. Zijn moeder was Duitse. Zijn ouders trouwden in 1805 in Gross Kmehlen en vestigden zich in 1813 opnieuw in Nederland (in Doesburg).

ridderorden

Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw

overige onderscheidingen en prijzen

Ridder tweede klasse, Orde van de Gouden Leeuw van het Huis van Nassau, 7 mei 1873

militaire dienst

  • vrijwilliger bij de jagers (Utrechtse Studenten), 1831 (nam deel aan de Tiendaagse Veldtocht)

Publicaties van/over

lijst van publicaties

"In quo nonnulla juris Hodierni loca explicantur" (dissertatie, 1832)

literatuur/documentatie

  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IX, 301
  • Ned. Patriciaat, 1935/36

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

publicaties over en van letterkundigen

biografie

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

  • gehuwd te Doesburg, 2 mei 1837 (echtgenote overleden 14 oktober 1849)
  • gehuwd (tweede huwelijk) te 's-Gravenhage, 13 juli 1853

echtgeno(o)t(e)/partner

J.M. Hoogeveen, Johanna Maria

2e echtgeno(o)t(e)/partner

Jkvr. J.C. Beelaerts van Blokland, Jacoba Cornelia

kinderen

  • 2 dochters en 3 zoons (uit eerste huwelijk)
  • 2 dochters (uit tweede huwelijk)

vader

J.A. Grégory, Jacob Adriaan

geboorteplaats en/of -datum

Amsterdam, 1774

moeder

C.F. Flade, Christina Frederika

geboorteplaats en/of -datum

Gross Kmehlen (Saksen), 1784

familierelaties