Mr. J. Loudon

J. Loudon
bron: RKD

Koloniaal bestuurder en minister in de negentiende eeuw. Leerling van Thorbecke. In Nederlands-Indië korte tijd advocaat en daarna ambtenaar. Vanaf 1858 terug in Nederland en daarna enige tijd fungerend secretaris-generaal van Koloniën. Was als minister voorstander van hervormingen in Nederlands-Indië. Het fusiekabinet waarvan hij mede leiding gaf, kwam al na een jaar ten val. Was daarna tien jaar Commissaris van de Koning in Zuid-Holland. Keerde zich als Gouverneur-Generaal van Nederlandsch-Indië tegen verzwakking van zijn positie. Zijn streven piraterij vanaf Sumatra de kop in te drukken, leidde mede tot de langdurige Atjeh-oorlog. Nam vanwege zijn moeizame verhouding met de minister van Koloniën na drie jaar ontslag.

liberaal
functie(s) in de periode 1861-1875: minister, Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië, Commissaris van de Koning(in)

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

James

titulatuur en naam

Mr. J. Loudon James

geboorteplaats en -datum

's-Gravenhage, 8 juni 1824

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 31 mei 1900

levensbeschouwing

Nederlands Hervormd

Partij/stroming

stroming(en)

liberaal (maar conservatiever op koloniaal gebied)

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat en procureur bij de Hoge Gerechtshoven in Nederlands-Indië te Batavia (Nederlands-Indië), van 2 november 1846 tot 22 januari 1848
  • ambtenaar eerste klasse, vanaf 22 januari 1848
  • hield zich bezig met reizen en het beheer van industriële ondernemingen, van 1852 tot 1854
  • secretaris bij de gouvernements-commissaris tot het ontwerpen en voorstellen van wettelijke bepalingen in de buitengewesten (Ned.-Indië), van 18 februari 1854 tot 22 december 1854
  • referendaris Algemeene Secretarie van het Gouvernement te Buitenzorg (Ned.-Indië), van 22 december 1854 tot 3 februari 1857
  • verlof in Nederland, vanaf 1857
  • ambtenaar ministerie van Koloniën, van 13 mei 1858 tot 28 mei 1859
  • fungerend secretaris-generaal ministerie van Koloniën, van 28 mei 1859 tot 14 maart 1861
  • minister van Koloniën, van 14 maart 1861 tot 31 januari 1862 (benoemd bij K.B. van 12 maart 1861)
  • Commissaris des Konings in Zuid-Holland, van 1 maart 1862 tot 1 november 1871 (benoemd bij K.B. van 11 februari 1862)
  • Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië, van 1 januari 1872 tot 26 maart 1875 (benoemd bij K.B. van 4 mei 1871, ontslag bij K.B. van 17 december 1874)

(in)formateurschap(pen)

  • kabinetsformateur (samen met J.P.P. baron van Zuylen van Nijevelt), van 12 maart 1861 tot 14 maart 1861

Nevenfuncties

comités van aanbeveling, erefuncties etc.

  • lid van verdienste Indisch Landbouwgenootschap
  • erelid Koninklijke Natuurkundige Vereeniging in Nederlandsch-Indië, vanaf 18 mei 1872
  • erelid Bataviaasch Genootschap van Kunsten en Wetenschappen, omstreeks 1882

Opleiding

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op stellingen), Hogeschool te Leiden, van 7 juni 1841 tot 14 mei 1846

Activiteiten

als bewindspersoon (beleidsmatig)

  • Benoemde in 1861 de liberaal L.A.J.W. baron Sloet van de Beele tot Gouverneur-Generaal van Nederlandsch-Indië
  • Diende in 1861 een wetsvoorstel in over opheffing van de slavernij in de West-Indische koloniën. Het wetsvoorstel werd door zijn opvolger overgenomen en in 1862 in het Staatsblad gebracht.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Tijdens zijn bewind als Gouverneur-Generaal brak de Atjeh-oorlog uit (1873). Zij prestige had te lijden van het slechte verloop van de expedities.
  • Had, mede door kritiek op zijn beleid, een moeizame relatie met minister Fransen van de Putte (1872-1874).
  • Trad af als Gouverneur-Generaal na een conflict met minister Van Goltstein over de regeling van het grondbezit in Nederlands-Indië

uit de privésfeer

  • Zijn moeder overleed in 1828. Hij was toen vier jaar.
  • Was bevriend met Thorbecke
  • Zijn vader was resident te Banjoewangi en Semarang en suiker- en indigofabrikant op Java
  • Zijn schoonvader was een oom van jhr. V.E.L. de Stuers, Tweede Kamerlid

niet-aanvaarde politieke functies

  • kabinetsformateur, januari 1862 (na val kabinet-Van Zuylen van Nijevelt/Van Heemstra)
  • minister van Koloniën, januari 1862

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Nederlands-Indië, van 4 september 1846 tot 3 februari 1857
  • Nederlands-Indië, van 31 december 1871 tot 28 maart 1875
  • 's-Gravenhage, vanaf 1875

ridderorden

  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 26 december 1860
  • Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 5 januari 1862
  • Grootofficier in de Orde van de Eikenkroon, 5 februari 1868
  • Grootkruis Orde van de Eikenkroon, 6 mei 1871

overige onderscheidingen en prijzen

Ridder eerste klasse, Orde van de Gouden Leeuw van het Huis van Nassau, 2 mei 1879

predicaten/adellijke titels

  • jonkheer, 18 februari 1884

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • H. Boels, J. de Jong en C.A. Tamse, "Eer en fortuin. Leven in Nederland en Indië 1824-1900" (Autobiografie van James Loudon) (Amsterdam, 2003)
  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel III, 790
  • M.A. van Rhede van der Kloot, "Gouverneurs-Generaal en Commissarissen-Generaal van Nederlandsch-Indië 1610-1888"
  • P. van 't Veer, "De Atjeh-oorlog" (1969)

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

archivalia via site Nationaal Archief

vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Batavia, 20 augustus 1855

echtgeno(o)t(e)/partner

Jkvr. L.W.F.F. de Stuers, Louise Wilhelmine Françoise Felicité

kinderen

2 zoons en 5 dochters

vader

A. Loudon, Alexander

geboorteplaats en/of -datum

Tannadice (Schotland), 20 november 1789

moeder

S.G. Valck, Susanna Gaspardina

geboorteplaats en/of -datum

Kampen, 10 april 1801

familierelaties