Mr. J. Bieruma Oosting

J. Bieruma Oosting
bron: Rijksacrhief Leeuwarden

Zeer behoudend Fries Tweede Kamerlid in het midden van de negentiende eeuw. Grietman (vanaf 1851 burgemeester) van Weststelingwerf en 1852 Tweede Kamerlid voor het district Leeuwarden. Zijn vader was in die plaats rechter. Na zijn benoeming tot kantonrechter werd hij niet herkozen. Later burgemeester van Leeuwarden. Had een (buitenhuis) bij Wolvega en later nabij Heerenveen.

conservatief
functie(s) in de periode 1852-1858: lid Tweede Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Jan (Jan)

titulatuur en naam

Mr. J. Bieruma Oosting Jan

opmerkingen over de naam en/of titel

Hij kreeg bij K.B. van 17 september 1830 vergunning "Bieruma" aan zijn naam toe te voegen

geboorteplaats en -datum

Leeuwarden, 5 september 1816

overlijdensplaats en -datum

Oranjewoud (gem. Schoterland, Frl.), 24 juli 1885

levensbeschouwing

Waals Hervormd

Partij/stroming

stroming(en)

conservatief

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat te Leeuwarden, van 9 september 1840 tot februari 1850
  • grietman van Weststellingwerf, van 6 februari 1850 tot 1 juli 1851
  • burgemeester van Weststellingwerf, van 1 juli 1851 tot 1 oktober 1854
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 12 mei 1852 tot 20 september 1852 (voor het kiesdistrict Leeuwarden)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juni 1853 tot 15 april 1858 (voor het kiesdistrict Leeuwarden)
  • lid Provinciale Staten van Friesland, van 5 juli 1853 tot 4 juli 1865 (voor het kiesdistrict Heerenveen)
  • kantonrechter te Heerenveen, van 1 mei 1858 tot 1 september 1871 (benoemd bij K.B. van 14 april)
  • burgemeester van Leeuwarden, van 11 september 1871 tot 10 september 1877

Nevenfuncties

lid Raad van Commissarissen Maatschappij van Weldadigheid, omstreeks 1875

Opleiding

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Utrecht, tot 3 juli 1840

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak in de Tweede Kamer onder meer over justitie, koloniale aangelegenheden, handel, binnenlandse zaken en waterstaat

Wetenswaardigheden

uit de privésfeer

  • Zijn echtgenote was een kleindochter van G.F. van Asbeck tot Munsterhausen, lid Staatsraad , lid Notabelenvergadering en Eerste Kamerlid

verkiezingen

  • Werd in 1848 bij een naverkiezing in het district Leeuwarden verslagen door J.T. Ter Brugghen Hugenholtz (lib.)
  • Versloeg in april 1852 bij een tussentijdse verkiezing S.A. Verweij (lib.) na herstemming
  • Werd in juni 1852 bij de periodieke verkiezingen na herstemming verslagen door S.A. Verweij (lib)
  • Werd bij de algemene verkiezingen van 1853 in de eerste ronde gekozen. Versloeg S.A. Verweij en J.R. Thorbecke (lib.)
  • Versloeg in 1854 bij de periodieke verkiezingen J.P.P. baron van Zuylen van Nijevelt (lib.)
  • Werd in 1858 verslagen door W.H. Idzerda (lib.)
  • Was in 1868, 1869 en 1871 kandidaat in het district Sneek, maar kreeg niet meer dan 10-16 procent van de stemmen

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Wolvega, Huize Haren- of Lindenoord
  • Oudeschoot, Huize Oranjestein (buitenhuis)
  • Leeuwarden

Publicaties van/over

lijst van publicaties

"De modis acquirendi et amittendi usumfructum" (dissertatie, 1840)

literatuur/documentatie

  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel VIII, 1243
  • Ned. Patriciaat, 1931/32

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Leeuwarden, 12 november 1840

echtgeno(o)t(e)/partner

A.V. Brantsma, Agatha Victoria

kinderen

1 zoon

vader

Mr. J.B. Oosting, Johannes Bieruma

geboorteplaats en/of -datum

Assen, 23 januari 1791

beroep vader

rechter te Leeuwarden

moeder

Sj. Cats, Sjuwke

geboorteplaats en/of -datum

Leeuwarden, 25 september 1795

familierelaties

  • Kleinzoon van J. Haak Oosting, lid Notabelenvergadering
  • Kleinzoon van P. Cats, lid Vertegenwoordigend Lichaam en lid Notabelenvergadering
  • Aangetrouwde neef (oomzegger) van C.Æ.E. Collot d'Escury, lid Notabelenvergadering en Tweede Kamerlid