Mr. H.W. baron van Aylva van Waardenburg en Neerijnen

H.W. baron van Aylva van Waardenburg en Neerijnen
bron: Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie

Oranjegezinde edelman, die ondanks politieke veranderingen steeds soepel zijn bestuurlijke loopbaan voortzette. vóór 1795 in Friesland burgemeester en grietman, en voorts Statenlid en vertegenwoordiger in diverse generaliteitsinstellingen. Keerde in 1803 terug als provinciebestuurder en werd daarna lid van het Wetgevend Lichaam namens Gelderland. Was kamerheer van koningin Hortense en bekleedde ook bestuursfuncties tijdens de inlijving. Had zitting in de Grondwetscommissies van 1813 en 1814. De koning, van wie hij opperhofmaarschalk was, benoemde hem in 1815 tot Eerste Kamerlid.

regeringsgezinden ten tijde van Willem I
functie(s) in de periode 1805-1827: lid Wetgevend Lichaam (1805-1806), lid Wetgevend Lichaam (1806-1810), lid Staten-Generaal, lid Eerste Kamer, lid Grondwetscommissie 1813-1814, lid Grondwetscommissie 1815

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Hans Willem

titulatuur en naam

Mr. H.W. baron van Aylva van Waardenburg en Neerijnen Hans Willem

opmerkingen over de naam en/of titel

Uitspraak Aylva is Aalua

geboorteplaats en -datum

's-Gravenhage, 8 september 1751

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 29 december 1827

levensbeschouwing

Waals Hervormd

Partij/stroming

stroming(en)

  • gematigd patriottisch (ten tijde van prins Willem V)
  • orangist (vanaf 1795; stond echter niet afwijzend tegenover het nieuwe bewind)
  • regeringsgezind (ten tijde van Willem I)

Hoofdfuncties/beroepen

  • ambachtsheer en landeigenaar (in Gelderland en Friesland)
  • volmacht in de Staten van Friesland, van 1772 tot 1779
  • ordinaris gedeputeerde ter Staten-Generaal, van 7 mei 1773 tot 1782 (voor Friesland)
  • raad in de Vroedschap van Franeker, van 1779 tot 1780
  • burgemeester van Franeker, van 1779 tot 1780
  • volmacht in de Staten van Friesland, van 1779 tot 1780 (voor Franeker)
  • grietman van Het Bildt, van 1780 tot 1788
  • volmacht in de Staten van Friesland, 1781
  • gecommitteerde voor Friesland in de Generaliteitsrekenkamer, van 2 mei 1782 tot 3 november 1783
  • volmacht in de Staten van Friesland, van 1782 tot 1787
  • ordinaris gedeputeerde ter Staten-Generaal, van 3 november 1783 tot 1785 (voor Friesland)
  • gecommitteerde voor Friesland in de Raad van State, van 2 mei 1785 tot 1787
  • ordinaris gedeputeerde ter Staten-Generaal, van 24 mei 1787 tot januari 1794 (voor Friesland)
  • grietman van Baarderadeel, van 1788 tot 1795
  • volmacht in de Staten van Friesland, van 1788 tot januari 1795
  • ambteloos, van januari 1795 tot 1803
  • lid bestuur, departement Friesland, van 1803 tot 15 mei 1805
  • lid Wetgevend Lichaam, van 15 mei 1805 tot 24 juli 1806 (voor Gelderland)
  • lid Wetgevend Lichaam, van 4 oktober 1806 tot 15 november 1807 (voor Gelderland)
  • lid juryrechtbank, van 1811 tot 1812
  • lid algemene raad, departement van de Boven-IJssel, 1811
  • president kantonnale raad, kanton Geldermalsen, 1812
  • lid Grondwetscommissie, van 21 december 1813 tot 2 maart 1814
  • lid Staten-Generaal der Verenigde Nederlanden, van 2 mei 1814 tot 1 september 1815 (voor Friesland)
  • lid Grondwetscommissie, van 22 april 1815 tot 12 juli 1815
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 21 september 1815 tot 29 december 1827

Nevenfuncties

  • In 1787 lid gezantschap namens Staten-Generaal gezonden ter verwelkoming van de koning van Pruisen
  • kamerheer van de koningin van Holland, van 8 juli 1806 tot 1807
  • kamerheer honorair van de koningin van Holland, van 1807 tot 1809
  • opperhofmaarschalk koning Willem I, vanaf 1813
  • lid Edelen van Friesland, van 1814 tot 1825
  • opperkamerheer koning Willem I, van 7 januari 1825 tot 18 mei 1826
  • lid Ridderschap van Friesland, van 1825 tot 29 december 1827
  • kamerheer honorair koning Willem I, van 18 mei 1826 tot 29 december 1827

afgeleide functies, presidia etc.

lid commissie van eenentwintig voor de ontwerp-Grondwet (Staten-Generaal), van 9 augustus 1815 tot 14 augustus 1815

Opleiding

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht, Hogeschool te Leiden, vanaf 2 juni 1767
  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Franeker, van 20 september 1768 tot 26 mei 1780

Activiteiten

als parlementariër

  • Stemde in 1815 als enig Noord-Nederlands lid van de grondwetscommissie tegen instelling van de Eerste Kamer

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Torpedeerde in 1805 de kandidatuur van het gewezen Conventielid Siderius voor het nieuwe Wetgevend Lichaam, door bij Schimmelpenninck te betogen dat hij niet wenste te zitten naast iemand die vroeger rentmeester was geweest van zijn familie.
  • Voorstander van het beginsel dat de vorst de Gereformeerde godsdienst moest aanhangen
  • Liet op 22 maart 1826 in de notulen van de Eerste Kamervergadering optekenen dat hij de wijze van deliberatie afkeurde over het wetsvoorstel Leening ten behoeve van 's Rijks Overzeesche bezittingen

uit de privésfeer

  • Zijn vader was kapitein in het Staatse leger, grietman, gedeputeerde staat van Friesland en gecommitteerde in de Raad van State. Hij overleed in 1751.
  • Zijn stiefvader was grietman van Het Bildt
  • Zijn schoonvader was schepen en thesaurier van Haarlem
  • Zijn halfzus was getrouwd met A.W.C. baron van Nagell van Ampsen, lid Notabelenvergadering, minister en minister van staat

anekdotes en citaten

  • Aan hem wordt de uitspraak uit 1816 toegeschreven: "Ik dagt dat ik [als Eerste Kamerlid, red.] naar mijn geweten stemmen mogt". Hij zei dit tegen Van Hogendorp, nadat de koning ontstemd was over zijn tegenstem bij een wetsvoorstel over geldleningen aan vreemdelingen en vreemde mogendheden.

woonplaats(en)/adres(sen)

  • 's-Gravenhage, van 8 september 1751 tot 29 december 1827
  • Waardenburg, kasteel Neerijnen

ridderorden

  • Ridder in de Orde van de Unie, 1 januari 1807
  • Ridder in de Orde van de Reünie, 7 maart 1812
  • Grootkruis Orde van de Nederlandse Leeuw

predicaten/adellijke titels

  • jonkheer, 28 augustus 1814
  • baron, 14 april 1822

bezit van heerlijkheden

  • heer van Waardenburg en Neerijnen, vanaf 1773
  • heer van Warmenhuizen, Schoorldam en Krabbendam

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • A.J. van der Aa, Biographisch Woordenboek der Nederlanden, deel I, 443
  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel VII, 58

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Haarlem, 2 mei 1773

echtgeno(o)t(e)/partner

C. van Brakel, Cornelia

kinderen

1 dochter

vader

H.W. rijksbaron van Aylva, Hans Willem

geboorteplaats en/of -datum

Leeuwarden, 1 april 1722

moeder

A.C. Rumph, Anna Catharina

geboorteplaats en/of -datum

's-Gravenhage, december 1725

stiefvader

J.A. du Tour, Jacobus Adriaan

beroep grootvader (vaderskant)

grietman van Westdongeradeel

familierelaties