regeringsgezinden ten tijde van Willem I, conservatief
functie(s) in de periode 1840-1880: buitengewoon lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer, lid Raad van State
Personalia
voornamen (roepnaam)
Hans Willem
titulatuur en naam
H.W. van Aylva baron van Pallandt van Waardenburg en Neerijnen Hans Willem
geboorteplaats en -datum
's-Gravenhage, 20 mei 1804
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 20 april 1881
levensbeschouwing
Nederlands Hervormd
Partij/stroming
stroming(en)
- moderaat of gematigd liberaal (voor 1849)
- conservatief
Hoofdfuncties/beroepen
- landeigenaar en ambachtsheer
- lid Provinciale Staten van Gelderland, van 7 juli 1829 tot februari 1849 (voor de ridderschap)
- lid gemeenteraad van Waardenburg, van 1833 tot 1873
- buitengewoon lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 5 augustus 1840 tot 5 september 1840 (voor Gelderland)
- lid Raad van State, van 5 december 1845 tot 1 juli 1848 (benoemd bij K.B. van 29 oktober 1845; eervol ontslag op verzoek)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 13 februari 1849 tot 20 augustus 1850 (voor Gelderland)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 7 oktober 1850 tot 20 september 1880 (voor Gelderland)
- opperkamerheer, van 7 januari 1852 tot 20 april 1881
Nevenfuncties
- lid Ridderschap van Gelderland, van 1826 tot 20 april 1881
- kamerheer van de koningen Willem I, II en III, van 18 mei 1826 tot 20 april 1881
- lid Staatscommissie tot onderzoek van de rekening der koloniale remises, 1846
- dijkgraaf Heemraadschap Stenenhoek
- heemraad waterschap Tielerwaard, tot 1 maart 1860
- staatsraad in buitengewone dienst, Raad van State, van 1 juli 1848 tot 1 juli 1862
- lid Commissie ter oprichting van een standbeeld binnen de stad 's-Gravenhage voor Z.M. koning Willem II, vanaf april 1849
- dijkgraaf polderdistrict Tielerwaard, van 1 maart 1860 tot 1 januari 1880
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Commissie voor de Stenographie (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 14 oktober 1850 tot 20 december 1852
- lid Commissie voor Huishoudelijke aangelegenheden (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 16 juni 1853 tot 19 september 1854
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juni 1853 tot augustus 1853
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juli 1854 tot december 1854
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1855 tot december 1855
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1856 tot december 1856
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1858 tot december 1858
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juni 1860 tot augustus 1860
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1860 tot mei 1861
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1861 tot december 1861
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1862 tot januari 1863
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van april 1863 tot juni 1863
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1863 tot januari 1864
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van augustus 1865 tot september 1865
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1865 tot september 1866
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1866 tot april 1867
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1867 tot december 1867
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juli 1869 tot september 1869
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van november 1868 tot december 1868
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1869 tot mei 1870
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1870 tot maart 1871
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1871 tot december 1871
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van april 1872 tot november 1872
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juli 1873 tot september 1873
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van oktober 1873 tot april 1874
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van mei 1875 tot september 1875
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1876 tot december 1876
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van maart 1877 tot mei 1877
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van augustus 1878 tot september 1878
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van april 1879 tot november 1879
comités van aanbeveling, erefuncties etc.
honorair lid Raad van State, van 1 juli 1862 tot 20 april 1881
Activiteiten
als parlementariër
- Behoorde tot de vijftien leden die in 1840 in de Dubbele Kamer vóór een amendement op het Adres van Antwoord stemde om te verklaren dat de Grondwet plechtanker van Neêrlands vrijheid en volksgeluk 'moet zijn' in plaats van dat het dat 'is'
- Sprak in de Eerste Kamer met nam over de spoorwegen, maar ook enkele malen over waterstaatsaangelegenheden
- Behoorde in 1860 tot de 20 leden die tegen de (verworpen) ontwerp-wet over aanleg en exploitatie van de Noorder- en Zuiderspoorwegen stemden
- Behoorde in 1861 tot de 13 leden die tegen de ontwerp-Wet op de Raad van State stemden
- Behoorde in 1862 tot de 12 leden die tegen de ontwerp-wet tot afschaffing der slavernij in Nederlands West-Indië stemden
- Stemde in 1868 tegen het (verworpen) voorstel van 5 liberale leden om een adres aan de Koning te zenden over een mogelijk derde Kamerontbinding
- Stemde in 1869 tegen het voorstel tot afschaffing van het dagbladzegel
- Stemde in 1870 tegen het voorstel tot afschaffing van de doodstraf
- Behoorde in 1870 tot de meerderheid die bewerkstelligde dat de begroting van Nederlands-Indië werd verworpen, wat leidde tot het aftreden van minister De Waal
- Stemde in 1878 tegen de ontwerp-Wet op het lager onderwijs van Kappeyne van de Coppello
Wetenswaardigheden
uit de privésfeer
- Een zus van hem was getrouwd met L.G.A. graaf van Limburg Stirum, Eerste Kamerlid en Commissaris van de Koning
- Een dochter van hem was gehuwd met een broer van J. Loudon, minister, Gouverneur-Generaal en Commissaris van de Koning
- Zijn zoon Frederik was gehuwd met een dochter van H.R.W. baron van Goltstein van Oldenaller, Eerste Kamerlid
verkiezingen
- Werd in 1845 bij verkiezingen voor de Tweede Kamer in de Gelderse Staten met één stem verslagen door J.M. de Kempenaer
- Werd in 1850 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Gelderland met 45 van de 55 stemmen gekozen
- Werd in 1853 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Gelderland met 37 van de 53 stemmen gekozen
- Werd in 1862 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Gelderland met 44 van de 53 stemmen herkozen
- Werd in 1871 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Gelderland met 43 van de 55 stemmen herkozen
- Wenste in 1880 vanwege zijn leeftijd (76 jaar) niet meer in aanmerking te komen voor herverkiezing tot Eerste Kamerlid
woonplaats(en)/adres(sen)
Waardenburg, kasteel Neerijnen
ridderorden
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 1841
- Grootkruis Orde van de Eikenkroon, 1853
- Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 17 juli 1880
overige onderscheidingen en prijzen
Ridder eerste klasse, Orde van de Gouden Leeuw van het Huis van Nassau, 19 februari 1860
bezit van heerlijkheden
- heer van Waardenburg en Neerijnen
vermogenspositie
meervoudig miljonair
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Kollum, 17 juni 1825
echtgeno(o)t(e)/partner
C.C.W. van Scheltinga, Constantia Catharina Wilhelmina
kinderen
6 zoons en 5 dochters
vader
Mr. F.W.F.Th. baron van Pallandt van Keppel, Frederik Willem Floris Theodorus
geboorteplaats en/of -datum
Zutphen, 21 september 1772
moeder
Jkvr. A.J.W. van Aylva, Anna Jacoba Wilhelmina
geboorteplaats en/of -datum
's-Gravenhage, 20 april 1778
beroep grootvader (vaderskant)
- burgemeester van Doesburg
- drost van Bredevoort
- Landdrost van het graafschap Zutphen
- gecommitteerde ter Admiraliteit van Amsterdam, vanaf 1756
familierelaties
- Zoon van F.W.F.Th. baron van Pallandt van Keppel, minister
- Vader van F.W.J. baron van Aylva van Pallandt, Tweede Kamerlid
- Vader van W.C. baron van Pallandt van Waardenburg, Eerste Kamerlid
- Neef van W.A. baron Schimmelpenninck van der Oye, Eerste en Tweede Kamerlid, minister en Gouverneur
- Aangetrouwde neef van C. Scheltinga van Heemstra, lid Notabelenvergadering
- Aangetrouwde neef van W.H. baron van Heemstra, Tweede Kamerlid
- Schoonvader van W.A.A.J. baron Schimmelpenninck van der Oye, Eerste Kamerlid
- Oom van F.J.W. baron van Pallandt van Keppel, Eerste Kamerlid
- Oom van C.W. graaf van Limburg Stirum, Eerste Kamerlid
- Aangetrouwde oom van W. baron van Heeckeren van Kell, minister en Tweede Kamerlid
- Kleinzoon van H.W. van Aylva, Eerste Kamerlid
- Aangetrouwde neef (oomzegger) van F.J.J. van Scheltinga, lid Notabelenvergadering en Tweede Kamerlid
- Aangetrouwde neef (oomzegger) van M.C.W. baron du Tour van Bellinchave, Eerste Kamerlid