Mr. H.D. (Herman) Tjeenk Willink

H.D. Tjeenk Willink
bron: privecollectie

Politicus van PvdA-huize met veel gezag als topadviseur en kritisch beschouwer van politiek en bestuur. Topambtenaar ministerie van Algemene Zaken, die optrad als secretaris van achtereenvolgende kabinetsformateurs en jarenlang adviseur was van de minister-president. Regeringscommissaris reorganisatie rijksdienst. Hoogleraar bestuurswetenschappen. Als PvdA'er lid en voorzitter van de Eerste Kamer. Bepleitte een actievere rol voor de Eerste Kamer bij de bewaking van de kwaliteit van de wetgeving, ook Europees. Bijna vijftien jaar vicepresident Raad van State en in die positie de voornaamste adviseur van de koningin bij kabinetsformaties en zelf informateur in 1994, 1999, 2010, 2017 en opnieuw in 2021. Is sinds 2012 minister van staat.

PvdA
functie(s) in de periode 1987-2012: lid Eerste Kamer, voorzitter Eerste Kamer, vicepresident Raad van State

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Herman Diederik (Herman)

titulatuur en naam

Mr. H.D. Tjeenk Willink Herman Diederik (Herman)

opmerkingen over de naam en/of titel

Is sinds aan hem in 1996 een eredoctoraat werd verleend doctor in de sociale wetenschappen, maar voert die titel niet

geboorteplaats en -datum

Amsterdam, 23 januari 1942

Partij/stroming

partij(en)

PvdA (Partij van de Arbeid)

Hoofdfuncties/beroepen

  • wetenschappelijk medewerker bestuurskunde, Rijksuniversiteit Leiden, van 1968 tot 1970
  • adjunct-secretaris Commissie Interdepartementale Taakverdeling en Coördinatie, van 1970 tot 1972
  • raadadviseur ministerie van Algemene Zaken, van 1972 tot 1 februari 1982 (tevens adjunct-secretaris van de ministerraad)
  • regeringscommissaris voor de Reorganisatie van de Rijksdienst, van 1 februari 1982 tot 1 oktober 1986
  • buitengewoon hoogleraar politieke en bureaucratische besluitvorming, Katholieke Universiteit Brabant te Tilburg, van september 1983 tot 1 oktober 1987
  • ambteloos, van 1 oktober 1986 tot 23 juni 1987 (wachtgeld)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 23 juni 1987 tot 11 maart 1997
  • voorzitter Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 11 juni 1991 tot 11 maart 1997
  • stage bij de Raad van State, van 1 april 1997 tot 1 juli 1997
  • vicepresident Raad van State, van 1 juli 1997 tot 1 februari 2012

ambtstitel

  • minister van staat, vanaf 21 december 2012

(in)formateurschap(pen)

  • informateur, van 6 mei 1994 tot 13 mei 1994
  • informateur, van 28 juni 1994 tot 6 juli 1994
  • informateur, van 20 mei 1999 tot 31 mei 1999 (na de crisis door de verwerping van het correctief referendum)
  • informateur, van 26 juni 2010 tot 5 juli 2010
  • informateur, van 7 september 2010 tot 13 september 2010
  • informateur, van 30 mei 2017 tot 27 juni 2017
  • informateur, van 6 april 2021 tot 30 april 2021

Partijpolitieke functies

vorige

  • lid bestuur PvdA afdeling Scheveningen
  • lid werkgroep Staat en Burger, WBS (Wiardi Beckman Stichting), omstreeks 1991
  • voorzitter PvdA-werkgroep integriteitscode, vanaf mei 2012

Nevenfuncties

huidige

  • lid jury Marc Chavannesprijs, vanaf mei 2024

vorige

  • secretaris en notulist kabinets(in)formateurs, van 1972 tot 1973
  • secretaris en notulist kabinets(in)formateurs, van juni 1977 tot december 1977
  • adviseur Commissie Hoofdstructuur Rijksdienst, van 1979 tot 1981
  • lid bestuur Nederlands Danstheater
  • lid begeleidingscommissie Sociaal-Cultureel Planbureau
  • voorzitter LOKV (Landelijk Ondersteuningsinstituut Kunstzinnige Vorming) te Utrecht, van september 1985 tot december 1993
  • lid redactieraad "Beleidsanalyse"
  • voorzitter Humanitas, van 1 november 1987 tot 1991
  • voorzitter NOVIB (Nederlandse Organisatie voor Internationale Samenwerking), van 18 juni 1988 tot 23 april 1995
  • adviseur maandelijks t.v.-programma "De Kloof" (VARA-programma)
  • lid curatorium CBBM (Opleidings- en Onderzoekscentrum voor Bestuurs- en Bedrijfsmanagement)
  • lid jury publicatieprijs SMP (Stichting Maatschappij en Politie)
  • lid Hoofdbestuur Maatschappij voor Nijverheid en Handel, van september 1991 tot december 1994
  • lid bestuur Thorbeckevereniging
  • lid bestuur Stichting Radio Nederland Wereldomroep, van mei 1992 tot 27 maart 1998
  • lid bestuur Aids-Fonds, vanaf februari 1993
  • voorzitter Holland Festival, vanaf 1 september 1995
  • lid Raad van Toezicht Stichting Koninklijk Kabinet van Schilderijen Mauritshuis, vanaf januari 1995
  • voorzitter Nationaal Comité Herdenking Vrede van Munster, van 11 september 1996 tot 30 mei 1997
  • voorzitter Stichting "Fondation Nouvelles Images"
  • lid Stichting Stop Aids Now
  • lid bestuur Nexus Institute
  • lid Raad van Toezicht Stichting "Het Nationale Park De Hoge Veluwe"
  • lid Nationaal Comité Zilveren Regeringsjubileum Koningin Beatrix, van 21 februari 2004 tot 1 maart 2006
  • voorzitter Stichting Stop Aids Now
  • lid Nationaal Comité 200 jaar Koninkrijk der Nederlanden, van 5 juli 2011 tot 19 januari 2016
  • lid Raad van Toezicht Anne Frank Stichting

afgeleide functies, presidia etc.

  • voorzitter College van Senioren (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 10 juni 1991 tot 11 maart 1997
  • voorzitter Huishoudelijke Commissie (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 10 juni 1991 tot 11 maart 1997
  • voorzitter Afdeling advisering (Raad van State), van 1 september 2010 tot 1 februari 2012

Opleiding

academische studie

  • Nederlands recht, Rijksuniversiteit Leiden, tot 1968

postacademisch onderwijs

  • staatsrecht en politieke wetenschappen, Universiteit te Parijs (eind 1967-eerste helft 1968)

eredoctoraten

  • sociale wetenschappen, Erasmus Universiteit Rotterdam, 8 november 1996
  • rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam, 8 januari 2007

Activiteiten

als parlementariër

  • Was voor hij Eerste Kamervoorzitter werd woordvoerder binnenlandse zaken en financiën van de PvdA-Eerste Kamerfractie. Hield zich ook bezig met justitie.
  • Bevorderde tijdens zijn Eerste Kamervoorzitterschap een actieve rol van de Eerste Kamer zowel wat controle als medewetgeving betrof, ook Europees
  • Tijdens zijn voorzitterschap vond (in 1995/1996) een grootscheepse restauratie van de vergaderzaal van de Eerste Kamer plaats

opvallend stemgedrag

  • Behoorde in 1990 tot de zeven leden van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel inzake de OV-jaarkaart voor studenten stemden
  • In 1991 stemden hij en mevrouw J.H.B. van der Meer als enigen van hun fractie vóór een wetsvoorstel over het toezicht op vreemdelingen gedurende de behandeling of na afwijzing van hun verzoek om toelating
  • Behoorde in 1993 tot de vier leden van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel Goedkeuring van de uitvoeringsovereenkomst van het Verdrag van Schengen inzake grenscontroles stemden

als (in)formateur

  • Kreeg op 6 mei 1994 het verzoek op zeer korte termijn te onderzoeken welke mogelijkheden op basis van de verkiezingsuitslag aanwezig waren voor de vorming van een kabinet dat mocht rekenen op een vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal en welke volgorde en wijze van onderzoek van die mogelijkheden het meeste uitzicht bood op een spoedige totstandkoming van een kabinet. In zijn op 13 mei 1994 uitgebrachte eindadvies beval hij aan drie vooraanstaande personen uit PvdA, VVD en D66 te belasten met een onderzoek naar de vorming van een kabinet uit deze drie partijen.
  • Kreeg op 27 juni 1994 het verzoek op zeer korte termijn te onderzoeken welke mogelijkheden er waren voor de vorming van een kabinet. Tijdens de voorgaande fase was overeenstemming bereikt tussen PvdA, VVD en D66. Hij adviseerde de koningin een informateur van VVD-huize te benoemen, die de mogelijkheid van vorming van een meerderheidskabinet moest onderzoeken. Die informateur diende een programma op hoofdlijnen te ontwerpen, met name voor het financieel en sociaal-economisch beleid. Dat programma moest aan de fractievoorzitters van de vier grote partijen worden voorgelegd.
  • Kreeg op 20 mei 1999 het verzoek te onderzoeken of en op welke wijze de samenwerking binnen de coalitie van PvdA, VVD en D66 kon worden voortgezet. Op 31 mei 1999 meldde hij in zijn eindadvies dat de gerezen problemen waren opgelost, waarna de bewindslieden terugkwamen op het ter beschikking stellen van hun portefeuilles.
  • Kreeg op 26 juni 2010 het verzoek om, met inachtneming van de in het eindverslag van informateur Rosenthal vervatte conclusies, op korte termijn te informeren over de stappen die moeten worden gezet om te komen tot de vorming van een kabinet dat kan rekenen op een vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal. Bracht op 5 juli eindverslag uit, waarin hij concludeerde dat inhoudelijke onderhandelingen om tot vorming te komen van een kabinet van VVD, PvdA, GroenLinks en D66 kunnen worden gestart.
  • Kreeg op 7 september 2010 het verzoek op de kortst mogelijke termijn te informeren over de thans [in de formatie] ontstane situatie en de stappen die genomen moeten worden. In zijn eindverslag adviseerde hij mr. I.W. Opstelten opnieuw te belasten met een onderzoek naar spoedige totstandkoming van een stabiel kabinet van VVD en CDA met steun van de PVV, dat kan rekenen op vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal.
  • Kreeg op 30 mei 2017 als informateur de opdracht om, met inachtneming van het eindverslag van informateur Schippers, de mogelijkheid te onderzoeken van een kabinet dat in voldoende mate op steun in de volksvertegenwoordiging kan rekenen, hierin zowel de mogelijkheden van een meerderheidskabinet als een minderheidskabinet in welke vorm dan ook mee te nemen, daarbij aan te geven op welke wijze dit tot stand kan komen en hierover verslag uit te brengen aan de Kamer met een advies over de voortgang van de kabinets(in)formatie. Adviseerde op 27 juni 2017 VVD'er Gerrit Zalm te benoemen tot formateur van een kabinet van VVD, D66, CDA en ChristenUnie.
  • Kreeg op 6 april 2021 als informateur de opdracht om in gesprekken met vertegenwoordigers van alle fracties te verkennen op welke wijze de vorming van een kabinet kan plaatsvinden en hierbij in het bijzonder te onderzoeken of en, zo ja, onder welke voorwaarden er voldoende vertrouwen tussen partijen bestaat of weer kan ontstaan om een breed gedragen weg uit de ontstane impasse te vinden; hierover binnen uiterlijk drie weken verslag uit te brengen aan de Tweede Kamer. Adviseerde op 30 april 2021 in zijn eindverslag om een inhoudelijke formatie te starten dat uit zou moeten monden in een coalitieakkoord op hoofdlijnen.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Voerde in februari 1983 als regeringscommissaris in de Tweede Kamer het woord bij de behandeling van de begroting Binnenlandse Zaken
  • Werd in 1991 met 64 van de 75 stemmen tot Eerste Kamervoorzitter gekozen. In 1995 werd hij met 71 van de 75 stemmen herkozen.
  • In januari 2022 riep de Raad van State ter gelegenheid van zijn tachtigste verjaardag de Herman Tjeenk Willink-lezing in het leven. De eerste lezing sprak hij zelf uit.

ridderorden

  • Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, 4 maart 1997
  • Ridder Grootkruis in de Orde van Oranje-Nassau, 25 januari 2012

overige onderscheidingen en prijzen

  • erepenning voor bestuurskunde, 5 november 1994
  • prof.dr. J.A. van Kemenadeprijs, 3 november 2011
  • erekruis Huisorde van Oranje, 9 december 2014
  • Comeniusprijs, 17 maart 2018
  • Prinsjesprijs 2022, 14 september 2022

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

  • lid Leidse studentenvereniging "Minerva" (tijdens studie)
  • voorzitter Leidse Studenten Raad (eerste direct gekozen voorzitter)
  • voorzitter gezamenlijke studentenfaculteitsverenigingen

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • jaarberichten en andere publicaties als Regeringscommissaris (1983-1987)
  • algemene beschouwingen in Jaarberichten Raad van State als Vice-President (1998 -2010)
  • “Niet de beperking maar de ruimte. Beschouwingen over democratie en rechtsstaat”, bundel met een selectie van artikelen, lezingen en beschouwingen uit de periode 1975-2012
  • Uitvoerbaarheid en uitvoering van nieuw beleid (bijlage bij eindverslag informateur 2017)
  • "Groter denken. Kleiner doen. Een oproep" (2018)
  • Een andere bestuursstijl en meer dualisme als basis voor onderling vertrouwen (bijlage bij eindverslag informateur 2021)
  • "Kan de overheid de crisis aan?" (2021)
  • "Het tij tegen. De democratische rechtsorde als fundament" (2023)

redevoeringen

  • "De mythe van het samenhangend overheidsbeleid" (inaugurele rede, 1984)
  • "De kwaliteit van de overheid" (redevoering, okt. 1989)
  • "Legitimiteit of effectiviteit" (redevoering bij aanbieding eerste exemplaar "Democratie als Hartstocht" (31-10-1991)
  • "De confrontatie met morgen" (rede op European Management Congres te leiden, 27-03-1992)
  • "EMU en parlementaire controle" (inleiding bijeenkomst voorzitters EG-lidstaten en Europees Parlement te Lissabon, 03-04-1992)
  • rede t.g.v. regeringsjubilieum H.M. de Koningin (30-10-1992)
  • "De Legitimiteit van het openbaar bestuur in Nederland" (rede op symposium in Eerste Kamer, 15-02-1994)
  • "De pers als idealistische bommengooier" (20-09-1994)
  • rede bij opening loket Parlement in "De Digitale Stad" (15-10-1994)
  • "De Nederlandse overheid tussen stroperigheid en 50 jaar Benelux" (17/18-11-1994)
  • Belang en meerwaarde van het Koninkrijk (Symposium Aruba 2012)
  • "De verwaarloosde staart" (Bart Tromp lezing 2013)
  • "Adviescolleges als graadmeter in de democratische rechtsstaat" (Afscheid Korthals Altes 2013)
  • "Toegang tot de rechter" (Symposium Hoge Raad 2014)
  • "Verval van de democratische rechtstaat en de rol van de pers" (Symposium De staat van Nederland 2015)
  • contribution to the summer course ‘Monarchy and politics in democratic systems: Spain and Europe (Symposium Santander 2016)
  • "Tot zover ben ik gekomen", Herman Tjeenk Willink-lezing, Raad van State, 2 juni 2022

literatuur/documentatie

  • G. van der Wal, "Adviseur, maar niet zo'n snelle", in: De Volkskrant: 28 juni 1997
  • K. van der Malen, "Van Stille knecht tot onderkoning", in NRC Handelsblad 30 juni 1997

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

samenwonend

familierelaties