Mr. H. Bijleveld

H. Bijleveld
bron: Gemeentearchief Den Haag

Amsterdamse advocaat die als jonge man (hij was 33 jaar) korte tijd minister van Marine in het eerste kabinet-Ruijs de Beerenbrouck was. Dankte zijn ministerschap waarschijnlijk vooral aan het feit dat hij compagnon van minister De Vries was geweest. Kwam in conflict met de Tweede Kamer over de bouw van nieuwe schepen en trad af nadat zijn begroting mede door toedoen van enkele van zijn geestverwanten was verworpen. Nadien ARP-Tweede Kamerlid en fractiesecretaris. In de Kamer onder andere woordvoerder volksgezondheid en vanaf 1928 koloniaal woordvoerder als opvolger van Scheurer. Sprak met een donkere, sonore stem en maakte als spreker brede armgebaren.

ARP
functie(s) in de periode 1919-1929: lid Tweede Kamer, minister

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Hendrik

titulatuur en naam

Mr. H. Bijleveld Hendrik

wijziging in naam en/of titulatuur

Ook wel: H. Bijleveld jr.

geboorteplaats en -datum

Amsterdam, 31 juli 1885

overlijdensplaats en -datum

Amsterdam, 6 februari 1954

levensbeschouwing

Gereformeerd

Partij/stroming

partij(en)

ARP (Anti-Revolutionaire Partij)

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat en procureur te Amsterdam, van 1909 tot april 1919
  • minister van Marine, van 17 april 1919 tot 5 januari 1920
  • chef afdeling beroep in crisiszaken, ministerie van Arbeid, Handel en Nijverheid, van januari 1920 tot 1 augustus 1922
  • lid en voorzitter Octrooiraad, van 1 augustus 1922 tot 15 september 1925
  • directeur Bureau voor de Industrieele Eigendom te 's-Gravenhage, van 1 augustus 1922 tot 15 september 1925
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 15 september 1925 tot 17 september 1929

Partijpolitieke functies

overzicht

  • vicevoorzitter Bond van A.R.-kiesverenigingen te Amsterdam
  • voorzitter ARP kiesvereniging "Nederland en Oranje" te Amsterdam
  • lid Centraal Comité van ARP-kiesverenigingen, van april 1920 tot 1925
  • voorzitter ARP kiesvereniging te 's-Gravenhage, tot 1925
  • secretaris Centraal Comité van ARP-kiesverenigingen, van 23 april 1925 tot 1946
  • lid Raad van Beheer partijkantoor ARP ('Kuyperhuis')
  • fractiesecretaris ARP Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 16 september 1925 tot 17 september 1929
  • leider illegale ARP, van juni 1942 tot december 1942 (samen met V.H. Rutgers; na arrestatie van J. Schouten)
  • leider illegale ARP, april 1943 (na arrestatie van J. Schouten; droeg de leiding na korte tijd over aan Bruins Slot)

Nevenfuncties

  • lid Raad van Commissarissen N.V. Christelijk Volksdagblad "De Amsterdammer", tot 1919
  • voorzitter diaconie, Gereformeerde Kerk Amsterdam-Zuid, tot 1919
  • regeringscommissaris NUM (Nederlandse Uitvoer Maatschappij), van 1920 tot 1925 (namens het ministerie van Financiën)
  • lid Hofraad en raadadviseur Huis van de Koningin, van 1921 tot 15 september 1925
  • liquidateur NUM (Nederlandse Uitvoer Maatschappij), vanaf 1925
  • lid Vlootcommissie, van 1 januari 1927 tot december 1929
  • lid Raad van Commissarissen N.V. Christelijk Volksdagblad "De Amsterdammer", omstreeks 1928
  • lid college van directeuren Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde grondslag (Vrije Universiteit), vanaf 1928 (nog in 1932)
  • voorzitter Commissie van Georganiseerd Overleg inzake rakende het werkliedenpersoneel aan de Algemeene Landsdrukkerij, vanaf maart 1928
  • lid bestuur Rijksverzekeringsbank, van 1 november 1929 tot 1938
  • lid Economische Raad, vanaf 1933
  • voorzitter Raad van Beheer Rijksverzekeringsbank, vanaf 1938
  • buitengewoon lid Middenstandsraad
  • voorzitter Ereraad voor de Omroep (zuiveringscommissie)
  • voorzitter Programmaraad NRU (Nederlandse Radio-Unie), van 1947 tot 10 februari 1954

afgeleide functies, presidia etc.

voorzitter begrotingscommissie voor hoofdstuk VI (Marine) 1926 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)

Opleiding

voortgezet onderwijs

  • Gereformeerd Gymnasium te Amsterdam

academische studie

  • rechtsgeleerdheid (gepromoveerd op dissertatie), Vrije Universiteit te Amsterdam, van 23 september 1902 tot 18 december 1908

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak als Tweede Kamerlid over uiteenlopende onderwerpen, waarbij koloniale aangelegenheden en volksgezondheid de belangrijkste waren

opvallend stemgedrag

  • Stemde in 1927 stemden als enige van zijn fractie tegen het wetsvoorstel wijziging van bepalingen omtrent de naamloze vennootschap
  • Behoorde in 1927 tot de vier leden van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel stemden inzake toelating van vrouwen als getuigen bij akten
  • Stemde in 1929 als enige van zijn fractie vóór een motie-Hiemstra over het behoud van de marinewerf in Hellevoetsluis

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Behoorde in de ARP rond 1918 tot de jonge garde, die zich openlijk keerde tegen de autocratische leiding van dr. Kuyper
  • Was in 1919 kandidaat bij de Staten- en gemeenteraadsverkiezingen, maar werd niet gekozen
  • Was compagnon van S. de Vries, de latere minister van Financiën. Verondersteld wordt dat Bijleveld op voorspraak van De Vries minister werd
  • Kwam als minister in opspraak nadat was gebleken dat hij brief aan een Engelse firma over de levering van pantsermateriaal voor nieuwe kruisers had getekend, terwijl die kruisers door hem elf dagen later werden geschrapt. In het debat toonde de liberaal Dresselhuys de door hem getekende brief, waaruit bleek dat hij zich van het tekenen ervan niet bewust was geweest. Het vermoeden bestond dat zijn eigen ambtenaren hem een streek hadden geleverd, omdat in Marinekringen veel bezwaren bestonden tegen zijn beleid. Een motie-Dresselhuys van afkeuring werd met 41 tegen 40 stemmen verworpen.
  • Trad af nadat de begroting van Marine op 12 december 1919 (dezelfde dag dat de motie-Dresselhuys was verworpen) met steun van zes geestverwanten in de Tweede Kamer was verworpen (46 tegen 33 stemmen). Er bestonden zowel bezwaren tegen de hoge uitgaven, als - bij een deel van de ARP - tegen het schrappen van de nieuwe kruisers.
  • Maakte in 1929 plaats als Tweede Kamerlid voor de Hervormd-gereformeerde prof. Severijn

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Amsterdam, Keizersgracht 323, tot 1919
  • 's-Gravenhage, Riouwstraat 79, van 1919 tot 23 juli 1930
  • Amsterdam, Schubertstraat 72, van 23 juli 1930 tot 29 februari 1952
  • Amsterdam, Stadionweg 55/III, vanaf 29 februari 1952

ridderorden

Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • "Coöperatie en socialisme" (dissertatie, 1908)
  • "Socialisme en Christendom" (1910)

literatuur/documentatie

  • P.J. Oud, "Het Jongste Verleden", deel I, 174
  • J.A. de Wilde en C. Smeenk, "Het volk ten baat. De geschiedenis van de AR Partij", 419-421
  • Wie is dat? 1935, 1948
  • Trouw, 6 februari 1954

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Amsterdam, 16 februari 1911

echtgeno(o)t(e)/partner

M.E. Dake, Margaretha Elisabeth

kinderen

3 dochters en 6 zonen

vader

H. Bijleveld, Hendrik

geboorteplaats en/of -datum

Utrecht, 1 februari 1848

moeder

J.E. Hillen, Johanna Elisabeth

geboorteplaats en/of -datum

's-Gravenhage, 5 december 1844

beroep grootvader (vaderskant)

  • onderwijzer
  • hoofdonderwijzer diaconieschool te Utrecht

familierelaties