KVP
functie(s) in de periode 1946-1961: lid Eerste Kamer, lid Raad van State
Personalia
voornamen (roepnaam)
Herman Franciscus Maria (Herman)
titulatuur en naam
H.F.M. baron van Voorst tot Voorst Herman Franciscus Maria (Herman)
geboorteplaats en -datum
's-Gravenhage, 2 augustus 1886
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 9 juli 1971
levensbeschouwing
Rooms-Katholiek
Partij/stroming
partij(en)
KVP (Katholieke Volkspartij), vanaf 22 december 1945
Hoofdfuncties/beroepen
- officier, vanaf 1910
- docent KMA (Koninklijke Militaire Academie), van 1913 tot 1918
- officier elfde regiment Huzaren, toegevoegd aan de commandant van het veldleger, vanaf 19 augustus 1924
- gedetacheerd bij het regiment wielrijders, van 6 juli 1925 tot 5 september 1925
- officier bij de Generale Staf, van oktober 1925 tot 1 augustus 1929
- toegevoegd aan de commandant van het veldleger, van 1 augustus 1929 tot 1 november 1934
- commandant regiment wielrijders te 's-Hertogenbosch, van 1 november 1934 tot 1 november 1936
- commandant Lichte Brigade te 's-Gravenhage, van 1 november 1936 tot 1 maart 1940
- sous-chef van de Generale Staf, van 1 maart 1940 tot december 1945
- militair raadsheer-plaatsvervanger, Bijzonder Gerechtshof te Amsterdam, van december 1945 tot 1 juni 1949
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 23 juli 1946 tot 1 juni 1949
- lid Raad van State, van 1 juni 1949 tot 1 september 1961 (benoemd bij K.B. van 19 mei 1949)
officiersrangen
- eerste luitenant der cavallerie, van 20 mei 1910 tot 16 oktober 1924
- ritmeester der cavallerie, van 16 oktober 1924 tot 1 augustus 1929 (titulaire rang)
- majoor der cavallerie, van 1 augustus 1929 tot 1 mei 1934
- luitenant-kolonel der cavallerie, van 1 mei 1934 tot 1936
- kolonel der cavallerie, van 1936 tot 1 november 1938
- generaal-majoor der cavallerie, van 1 november 1938 tot december 1945
- luitenant-generaal, 1 mei 1948 (titulair)
Nevenfuncties
- voorzitter ARKO (Algemeene R.K. Officierenvereeniging), omstreeks 1932
- voorzitter commissie uitwerking richtlijnen staat van beleg, 1939
- voorzitter Legercommissie, van 10 juli 1947 tot juli 1948
- voorzitter Vlootcommissie, van 10 juli 1947 tot juli 1948
- voorzitter Defensiecommissie, van 9 juli 1948 tot juni 1949
- grootofficier civiele huis van H.M. koningin Juliana, van 28 april 1961 tot 9 juli 1971
- voorzitter commissie diensttijdverkorting, van 31 mei 1958 tot 6 oktober 1959
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Commissie voor Huishoudelijke aangelegenheden (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 24 juli 1946 tot 1 juni 1949
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 19 maart 1947 tot 17 juni 1949
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 16 september 1947 tot 17 december 1947
- lid afdeling Defensie (Raad van State)
- lid afdeling Oorlog (Raad van State)
- lid afdeling Landbouw en Visserij (Raad van State)
- lid afdeling Marine (Raad van State)
- lid afdeling Volkshuisvesting en Bouwnijverheid (Raad van State)
- lid afdeling geschillen van bestuur (Raad van State)
- lid afdeling Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (Raad van State)
- lid afdeling Financiën (Raad van State)
comités van aanbeveling, erefuncties etc.
ere- en devotie ridder Soevereine en militaire orde van Malta
Opleiding
voortgezet onderwijs
- openbare Hogere Burgerschool te Maastricht
- openbare Hogere Burgerschool te 's-Gravenhage
hoger beroepsonderwijs
- officiersopleiding KMA (Koninklijke Militaire Academie) te Breda, van 1903 tot 1906
- opleiding Hogere Krijgsschool te 's-Gravenhage, van 1918 tot 1920
- opleiding Cavallerieschool te Saumur (Fr.).
Activiteiten
als parlementariër
- Was woordvoerder defensie van de KVP-Eerste Kamerfractie
opvallend stemgedrag
- In 1946 behoorde hij met Barge en Wijffels tot de minderheid van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel Instelling van een Commissie-Generaal voor Nederlandsch-Indië stemde
Wetenswaardigheden
uit de privésfeer
- Zijn grootvader van vaderszijde was lid van Gedeputeerde Staten van Gelderland
- Een zus van zijn vrouw was echtgenote van E.O.J.M. baron van Hövell tot Westerflier, Commissaris van de Koningin in Limburg
- Zijn twee zoons waren jezuïeten en drie dochters waren religieuzen in de Congregatie der Vrouwen van Bethanië
- Zijn broer Cuno was officier, zijn (oudere) broer Jan was commandant van het veldleger en van de vesting Holland en gouverneur der residentie
verkiezingen
- Werd in 1946 en 1948 gekozen door Groep IV: Zuid-Holland
woonplaats(en)/adres(sen)
's-Gravenhage, Jan van Nassaustraat 60, omstreeks 1946 (nog in 1947)
ridderorden
- Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, 30 augustus 1924
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 17 september 1946
- Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, 29 april 1958
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
lid Koninklijke Militaire Sportvereeniging (dressuurruiter)
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Amersfoort, 19 januari 1915
echtgeno(o)t(e)/partner
F.M. barones Schimmelpenninck van der Oye, Felicia Maria
kinderen
7 dochters en 2 zoons
vader
J.J.G. baron van Voorst tot Voorst, Jan Joseph Godfried
geboorteplaats en/of -datum
Elden (gem. Elst, Gld.), 16 september 1846
moeder
A.M.E.M. Cremers, Anna Margaretha Elisabeth Maria
geboorteplaats en/of -datum
Winschoten, 7 september 1851
broers en zusters
6 broers en 3 zussen
beroep grootvader (vaderskant)
officier
familierelaties
- Zoon van J.J.G. baron van Voorst tot Voorst, Eerste Kamerlid en -voorzitter
- Neef van A.E. baron van Voorst tot Voorst, Commissaris der Koningin
- Aangetrouwde neef van jhr. Ch.J.M. Ruijs de Beerenbrouck, Tweede Kamerlid, minister en Commissaris van de Koningin
- Aangetrouwde neef van jhr. G.C.W. van Tets van Goudriaan, directeur Kabinet van de Koningin
- Aangetrouwde neef van A.M. Snouck Hurgronje, secretaris-generaal
- Neef (oomzegger) van A.E.J. baron van Voorst tot Voorst, Commissaris der Koningin
- Kleinzoon van W.C.J.J. Cremers, Eerste en Tweede Kamerlid
- Aangetrouwde neef (oomzegger) van jhr. D.A.W. van Tets van Goudriaan, minister
- Aangetrouwde neef (oomzegger) van jhr. J.W.G. Boreel van Hogelanden, Tweede Kamerlid