Dr. A. (Bram) Peper

A. Peper
bron: Gemeentearchief Rotterdam

PvdA-bestuurder die zijn ministerschap van Binnenlandse Zaken in het tweede kabinet-Kok opgaf in verband met een declaratie-affaire. Wetenschapper (socioloog) en tijdens het kabinet-Den Uyl politiek adviseur voor het welzijnsbeleid. Daarnaast als vicevoorzitter van de PvdA een belangrijk partijideoloog. Als burgemeester van Rotterdam (sinds 1982) werd hij bij een deel van de bevolking populair, maar maakte hij ook nogal wat (politieke) vijanden die vonden dat hij te weinig open bestuurde. Dat beeld leek bevestigd te worden in onderzoek naar zijn ruime declaratiegedrag. Werd later gerehabiliteerd, omdat bij het accountantsonderzoek fouten waren gemaakt. Creatieve denker en doener, die in persoonlijke relaties nog wel eens onhandig optrad.

PvdA
functie(s) in de periode 1982-2000: minister, burgemeester van Rotterdam

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Abraham (Bram)

titulatuur en naam

Dr. A. Peper Abraham (Bram)

geboorteplaats en -datum

Haarlem, 13 februari 1940

overlijdensplaats en -datum

Capelle aan den IJssel, 20 augustus 2022

Partij/stroming

partij(en)

PvdA (Partij van de Arbeid), vanaf 1966

Hoofdfuncties/beroepen

  • wetenschappelijk medewerker Sociologisch Instituut, Nederlandse Economische Hogeschool te Rotterdam, van 1 februari 1966 tot 1967
  • wetenschappelijk medewerker faculteit der sociale wetenschappen en assistent van prof.dr. J.A.A. van Doorn, Nederlandse Economische Hogeschool te Rotterdam, van 1967 tot 1 oktober 1971
  • lector beleidssociologie, Nederlandse Economische Hogeschool (later Erasmus Universiteit) te Rotterdam, van 1 oktober 1971 tot 1 februari 1975
  • persoonlijk beleidsadviseur van minister H.W. van Doorn en van staatssecretaris W. Meijer, ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk, van 1 januari 1974 tot december 1977
  • buitengewoon hoogleraar sociaal-economisch beleid (sociale politiek en arbeidsverhoudingen), Erasmus Universiteit te Rotterdam, van 1 februari 1975 tot 1 september 1977
  • hoogleraar sociaal-economisch beleid (sociale politiek en arbeidsverhoudingen), Erasmus Universiteit te Rotterdam, van 1 september 1977 tot 16 maart 1982 (benoemd in mei 1977)
  • burgemeester van Rotterdam, van 16 maart 1982 tot 3 augustus 1998
  • minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, van 3 augustus 1998 tot 13 maart 2000
  • deeltijd hoogleraar public management, Universiteit Nijenrode te Breukelen, van 1 mei 2002 tot juni 2004

Partijpolitieke functies

overzicht

  • lid redactie tijdschrift "Socialisme en Democratie"
  • lid verkenningscommissie PvdA, D'66, PPR, vanaf januari 1972
  • lid partijbestuur PvdA, van januari 1973 tot 1983
  • tweede vicevoorzitter PvdA, van 10 april 1975 tot 16 maart 1982
  • lid Keerpuntbewakingsgroep PvdA, omstreeks december 1975 tot mei 1976
  • lid PvdA-commissie verkiezingsprogramma 1977
  • lid commissie-Van Kemenade over herstructurering van de PvdA, 1990
  • voorzitter werkgroep Vijfde nota ruimtelijke ordening, van maart 2001 tot september 2001

Nevenfuncties

  • lid redactie "Sociologische Gids"
  • lid Commissie Ondernemingsraden, SER (Sociaal-Economische Raad), 1972
  • lid Commissie Taak, Samenstelling en Werkwijze SER, van 1972 tot 1979
  • lid Begeleidingsgroep Knelpunten Harmonisatie Welzijnsbeleid, van 1973 tot 1974
  • adviseur CONS (Commissie Ontwikkelingssamenwerking Nederland-Suriname), van 1977 tot 1980
  • kroonlid SER (Sociaal-Economische Raad), van 1 april 1980 tot maart 1983
  • voorzitter SR90 (Stichting Rotterdam 1990, van juni 1987 tot 1990 (herdenking 650 jaar stad Rotterdam)
  • voorzitter OOR (Overleg Orgaan Rijnmond)
  • voorzitter Stadsregio Rotterdam
  • korpsbeheerder regio-politie Rotterdam-Rijnmond
  • lid Comité van Regio's, van 1994 tot 1998
  • president Eurocities, van 1996 tot 1998
  • voorzitter commissie 'Maatschappelijk draagvlak versterking lokale sociale infrastructuur', 1998
  • lid diverse redacties tijdschriften
  • lid Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst, van november 1990 tot 1998
  • voorzitter NBb (Nederlandse Boekverkopersbond)-Educatief, van maart 2005 tot 2011
  • adviseur van Paul Somohardjo, leider van de Surinaamse Partjahah Luhurpartij, vanaf oktober 2009
  • lid Wetenschappelijke Raad van Advies "Montesquieu Instituut", van 2009 tot 1 juli 2021

Opleiding

primair onderwijs

  • Openbare lagere school, Van Zeggelenstraat te Haarlem

voortgezet onderwijs

  • h.b.s.-b, Gemeentelijke Hogere Burgerschool te Haarlem, van 1952 tot 1957

academische studie

  • sociale geografie: macro-economie en niet-Westerse sociologie, Gemeentelijke Universiteit van Amsterdam, van september 1957 tot 20 december 1965 (cum laude)
  • studie economie en sociologie, Universiteit van Oslo (Noorwegen), van 1963 tot 1964

promotie

  • sociale wetenschappen, Nederlandse Economische Hogeschool (thans Erasmus Universiteit) te Rotterdam, 31 mei 1972

Activiteiten

als bewindspersoon (beleidsmatig)

  • Speelde een coördinerende rol bij het beleid op het gebied van orde en veiligheid in het kader van de organisatie van de Europese kampioenschappen voetbal in Nederland en België (Euro 2000)
  • Bracht in 1998 het eerste Beleidsplan Nederlandse Politie (BNP-1998) uit
  • Stelde in 1998, ter uitvoering van een motie-Te Veldhuis/Rehwinkel/Scheltema-de Nie, de Staatscommissie-Elzinga in over dualisering in het gemeentelijk en provinciaal bestuur
  • Bracht in 1999 de notitie "Inrichting en functioneren binnenlands bestuur" uit over het wegnemen van structurele tekortkomingen in het openbaar bestuur. Het gaat daarbij onder meer om: verduidelijking van verantwoordelijkheden in het interne functioneren van gemeenten en provincies, betere procedures voor beleidsvoorbereiding, conflictbeslechting en rechtsbescherming met name in de verhoudingen tussen de bestuurslagen onderling, en de verhoudingen tussen de drie bestuurslagen. (26.422)
  • Slaagde er op 18 mei 1999 samen met minister-president Kok niet in een wetsvoorstel tot grondwetsherziening over invoering van het correctief referendum in tweede lezing door de Eerste Kamer te loodsen. Het voorstel kreeg één stem te weinig voor de vereiste tweederde meerderheid.
  • Bracht in 1999 de Nota "Wijziging kiesstelsel" uit. Daarin werden zes alternatieven (o.a. een beperkt districtenstelsel en diverse varianten van een tweestemmenstelsel) gepresenteerd voor het bestaande kiesstelsel. (26.957)
  • Bracht in 2000 een notitie "Reflecties over de positie van de Eerste Kamer" uit. Daarin wordt onder meer ingegaan op een terugzendrecht voor de Eerste Kamer en op beperking van de rol van de Eerste Kamer bij Grondwetsherziening. (26.976)
  • Belangrijke benoemingen: Opstelten (vvd, burgemeester van Rotterdam), Nijpels (vvd, Commissaris van de koningin in Friesland), Postma (pvda, burgemeester van Leiden), Brouwer-Korf (pvda, burgemeester van Utrecht), Luteijn (vvd, wnd. Commissaris van de Koningin in Zuid-Holland), Van Vliet-Kuiper (d66, burgemeester van Amersfoort)

als bewindspersoon (wetgeving)

  • Loodste in 1998 het door staatssecretaris Van de Vondervoort ingediende wetsvoorstel gemeentelijke herindeling van de Bommelerwaard door de Eerste Kamer. Het aantal van zeven gemeenten wordt teruggebracht naar twee: Zaltbommel en Maasdriel.
  • Bracht in 1999 samen met minister Korthals een wijziging (Stb. 575) van de Politiewet en Wet politieregisters tot stand inzake overdracht van het beheer van de Korps Landelijke Politiediensten (KLPD). Dit beheer gaat per 1 januari 2000 over van Justitie naar Binnenlandse Zaken. Doel is het bereiken van meer eenheid in de samenwerking tussen de korpsen en de beheersmatige aansturing en tevens verduidelijking van de verantwoordelijkheden. (26.461)
  • Bracht in 1999 een wet (Stb. 214) tot stand tot aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht met een regeling over de behandeling van klachten door bestuursorganen. Burgers die van mening zijn dat zij door overheidsgedragingen onheus zijn bejegend, moeten zich op eenvoudige wijze met een klacht tot het desbetreffende bestuursorgaan kunnen wenden. Zij moeten kunnen rekenen op een eerlijke en open behandeling van hun klacht. Er worden daarom uniforme minimumeisen van klachtenregelingen bij bestuursorganen (overheden) opgenomen in de Algemene wet bestuursrecht. Het wetsvoorstel was in 1998 ingediend door staatssecretaris Kohnstamm. (25.837)
  • Bracht in 1999 de Wet subsidiëring politieke partijen (Stb. 257) tot stand. Door deze wet worden de subsidies verhoogd en wordt het aantal activiteiten dat gesubsidieerd kan worden, uitgebreid. Het voorstel was in 1997 ingediend door minister Dijkstal en sloot aan bij het advies van een commissie onder voorzitterschap van J.Th.J. van den Berg. (25.704)
  • Bracht in 1999 wetten tot samenvoeging van de gemeenten Bergen, Egmond en Schoorl en van de gemeenten Hoevelaken en Nijkerk tot stand
  • Bracht in 1999 een wet tot stand tot wijziging van de grens tussen de gemeenten Deventer en Gorssel, tevens grens tussen de provincies Overijssel en Gelderland. Ten behoeve van toekomstige realisering van het bedrijventerrein Epse-Noord werd grondgebied van de gemeente Gorssel aan de gemeente Deventer overgedragen. (26.528)

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Was begin jaren zeventig lid van de zgn. 'Steenwijk-groep', een informele denktank in de PvdA voor partijvoorzitter Van der Louw, waarvan verder o.a. Wim Meijer, Hans Kombrink, Jan Pronk en Relus ter Beek deel uitmaakten
  • Behoorde in oktober 1977 tot de acht partijbestuursleden die vóór het aanvaarden van de verhouding 8-7-1 in het beoogde tweede kabinet-Den Uyl stemden
  • Stond in 1982 als tweede op de voordracht voor het burgemeesterschap van Rotterdam. Het kabinet gaf niettemin aan hem de voorkeur boven Schelto Patijn.
  • Zette zich als burgemeester in voor behoud en versterking van de positie van Rotterdam als havenstad, onder andere door leiding te geven aan diverse handels- en havenmissies
  • Nam in 1987 het initiatief tot instelling van de Commissie-Albeda die advies moest uitbrengen over sociaal-economische vernieuwing van Rotterdam. Die gaf mede de aanzet tot ontwikkeling van 'de Kop van Zuid', de aanleg van de Erasmusbrug, stadsvernieuwing en de ontwikkeling van de zogenoemde koopgoot in het centrum.
  • Schreef in 1987 voor Paul Kalma een rede waarin de zin voorkwam: "Het afschaffen van ideologische veren is voor een politieke partij als de onze niet alleen een probleem, het is in bepaalde opzichten ook een bevrijdende ervaring." Wim Kok citeerde die zin in 1995 in zijn J.M. den Uyl-lezing. De term 'ideologische veren' kwam van Neelie Kroes, zijntoenmalige echtgenote.
  • Initieerde eind 1988, met medeweten van Lubbers en Kok, gesprekken tussen vooraanstaande PvdA'ers en CDA'ers over mogelijke (hernieuwde) regeringsvorming door die partijen. De gesprekken vonden plaats in het Rotterdamse stadhuis.
  • Werd in 1991 in een rapport van de hoogleraar A. Zijderveld verantwoordelijk gehouden voor het financiële debacle van de viering van 650 jaar stad Rotterdam. Een motie van wantrouwen van GroenLinks werd echter verworpen.
  • Problemen waarmee hij als burgemeester onder meer mee te maken kreeg, waren de (mislukte) plannen voor splitsing van Rotterdam in deelgemeenten, de drugsproblematiek rond 'Perron Nul' en de affaire rond de benoeming van generaal J.W. Brinkman tot hoofdcommissaris van politie.
  • Dreigde in juni 1999 met aftreden als niet PvdA-lid Annie Brouwer, maar D66'er Jacob Kohnstamm tot burgemeester van Utrecht zou worden benoemd. De kandidatuur van Kohnstamm werd gelekt vanuit de ministerraad.
  • In september 1999 verschenen onthullingen in dagbladen (onder andere het 'Algemeen Dagblad') over zijn declaratiegedrag als burgemeester van Rotterdam. Naar dit declaratiegedrag werd onderzoek gedaan door de commissie van de rekening (COR) uit de gemeenteraad van Rotterdam, die daartoe het onderzoeksbureau KPMG inschakelde.
  • Trad af als minister om, naar zijn zeggen, als vrij man te kunnen reageren op het rapport van de COR
  • Het accountantsonderzoek concludeerde dat Peper veel uitgaven had gedeclareerd, die hij niet in functie had gedaan. De gemeente Rotterdam diende een claim van f 64.000 bij hem in.
  • Het OM besloot later de zaak onvoorwaardelijk te seponeren, waarbij hij met het OM overeenkwam - om elke schijn van bevoordeling en verrijking te vermijden, maar zonder schuld te erkennen - f 7500 aan Rotterdam terug te betalen.
  • In mei 2001 verklaarde de Raad van Tucht voor Registeraccountants zijn klacht tegen het onderzoek door het op verzoek van de COR door onderzoeksbureau KPMG ingestelde onderzoek naar zijn declaratiegedrag deels gegrond, en deels ongegrond. De Raad van Tucht deelde Pepers mening dat er onzorgvuldig was opgetreden bij het onderzoek. De klacht over onjuiste gegevens die ten grondslag van het onderzoeksrapport hadden gelegen, werd niet gegrond verklaard.
  • Op 13 juni 2002 sprak het College van Beroep (CvB) voor het bedrijfsleven uit dat het door KPMG uitgevoerde accountantsonderzoek naar het declaratiegedrag een onvolledig en onjuiste rapportage had opgeleverd. Met name de conclusie dat uit het feit dat Peper niet had willen meewerken aan het onderzoek kon worden afgeleid dat het om onrechtmatige declaraties ging, had niet mogen worden getrokken. De onderzoekers van KMPG kregen een schriftelijke berisping.
  • In maart 2003 kwam het tot een schikking tussen hem en KPMG, waarbij een financiële regeling werd getroffen. Op basis van het vonnis van het CvB veroordeelde de president van de Rechtbank van Amsterdam in oktober 2002 KMPG tot een schadevergoeding van f. 374.000.
  • Op initiatief van burgemeester Opstelten kwam in 2008 tot een verzoening tot stand tussen hem en de gemeente. In het Rotterdamse stadhuis werd op 24 november 2008 een geschilderd portret van hem onthuld.

uit de privésfeer

  • Werd als voetballer geselecteerd voor het Nederlands Jeugdelftal, het Nederlandse studentenelftal en het Nederlands amateurelftal
  • Tijdens zijn studententijd was Wouter Gortzak enige tijd zijn mentor
  • Woonde tijdens zijn studie tien maanden in Oslo. Keerde later geregeld terug naar Noorwegen.
  • Was november 1990 tot 1 februari 1991 uitgeschakeld vanwege 'burn out'-verschijnselen
  • Zijn (derde) huwelijk, met Neelie Kroes, werd in 2001 gesloten door mr. F. Korthals Altes, die met Peper bevriend was
  • Was sinds de tijd dat hij burgemeester was van Rotterdam bevriend met de schrijver Gerard Reve
  • Zijn vader was actief in de illegaliteit in de verzetsgroep van Hannie Schaft.
  • Zijn ouders waren lid van de CPN, maar braken in de jaren vijftig met het communisme
  • Hij was 24 jaar toen zijn vader op 46-jarige leeftijd overleed

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Haarlem, Alberdingk Thijmstraat 13, tot 1961
  • Amsterdam, vanaf 1961
  • Amsterdam, Marnixstraat
  • Oslo (tien maanden)
  • Capelle aan den IJssel, van 1965 tot 1970
  • Bloemendaal, vanaf 1970
  • Rotterdam-Ommoord
  • Wassenaar (omstreeks 1995 en 2000)
  • Rotterdam

ridderorden

Officier in de Orde van Oranje-Nassau, 11 april 2003

buitenlandse onderscheidingen

diverse buitenlandse onderscheidingen

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

  • lid voetbalvereniging "D.S.K." (Door Samenspel Kampioen) te Haarlem, van 1949 tot 1952
  • lid voetbalvereniging "R.C.H." (Racing Club Haarlem), van 1952 tot 1964 (speelde in 1957-1963 als rechtsbuiten en midvoor in het eerste elftal als (semi-)betaald voetballer)
  • lid A.S.V.A. (Algemene Studenten Vereniging Amsterdam)
  • lid A.F.C. (Amsterdamsche Football Club), van 1965 tot 1967
  • lid Rotterdamse voetbal- en athletiekvereniging "V.O.C." (Volharding Olympia Combinatie) te Rotterdam, vanaf 1967

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • "Mooi rood is niet lelijk" (red. met J. Pronk en P.A. de Ruiter, 1969) (artikelen over o.a. democratisering, ontwikkelingshulp, economische groei en inkomensbeleid)
  • "Vorming van welzijnswerkbeleid" (dissertatie, 1972)
  • "De verbeelding aan de macht (1970-1980)", in: J. Bank en S. Temming, "Van brede visie tot smalle marge. Acht prominenten over de SDAP en de PvdA" (1981)
  • "Een dolend land" (oratie, 2002)
  • "Over klefheid en lafheid" (2003)
  • "Crisis en creativiteit" (2011)
  • vele artikelen in partijorganen en tijdschriften

redevoeringen

Thorbeckelezing 1999

literatuur/documentatie

  • "Van arbeiderszoon tot selfmade theoreticus", NRC Handelsblad, 6 mei 1996
  • Arjan Visser, "'Ik heb grote vreugde als het een ander goed gaat'", Trouw, 10 april 2010 (rubriek 'Tien geboden')
  • H. van Osch, "Bram Peper. Man van contrasten" (2010)
  • Adri Vermaat, "Onhandige professor met bestuurlijke uitgaven", Trouw, 22 augustus 2022
  • Hans Nijenhuis, "Visionair die soms struikelde over praktijk van alledag. Bram Peper 1940-2022", Algemeen Dagblad, 22 augustus 2022
  • J.P. Pronk, "Fullprof Bram Peper (1940-2022), in: Jaarboek Parlementaire Geschiedenis 2023, 137-140
  • Toof Brader en Marja Vuijsje, "Haagse portretten. Tweede-Kamerleden, ministers, staatssecretarissen" (1999)

archivalia via site Nationaal Archief

vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

  • gehuwd te Bloemendaal, augustus 1963 (huwelijk ontbonden 13 september 1977)
  • gehuwd (tweede huwelijk) te Rotterdam, 1 juni 1979 (huwelijk ontbonden 19 februari 1992)
  • gehuwd (derde huwelijk) te Rotterdam, 19 juli 1995 (huwelijk ontbonden in 2003)
  • ongehuwd

echtgeno(o)t(e)/partner

R. Schoorl, (Rinske)

2e echtgeno(o)t(e)/partner

G. Mulder, (Gusta)

3e echtgeno(o)t(e)/partner

Drs. N. Kroes, (Neelie)

kinderen

  • 1 zoon en 1 dochter (uit eerste huwelijk)
  • 1 zoon (uit tweede huwelijk)

vader

A. Peper, Abraham (Bram)

geboorteplaats en/of -datum

Haarlem, 12 november 1917

beroep vader

fietsenmaker en metaalbewerker

moeder

C. Heijnis, Cornelia (Corrie)

geboorteplaats en/of -datum

Haarlem, 29 september 1921

familierelaties

  • Ex-echtgenoot van mevrouw drs. N. Kroes, Tweede Kamerlid, staatssecretaris, minister en Europees commissaris