W.J. Cohen Stuart

W.J. Cohen Stuart
bron: Beeldbank ministerie van Defensie / Instituut voor Militaire Geschiedenis

Marineofficier, die minister van Marine was in het liberale kabinet-De Meester. Had deel genomen aan expedities in Atjeh en was commandant op diverse schepen. Zoals veel ministers van Marine kreeg hij te maken met bezwaren tegen zijn nieuwbouwplannen. Zowel daarbij als bij zijn voorstellen over het Korps Mariniers volgde hij een tamelijk onvast beleid. Het afnemende vertrouwen in de Tweede Kamer deed hem in juli 1907 besluiten af te treden. Hij keerde daarna nog enige tijd terug naar de marine.

liberaal
functie(s) in de periode 1905-1907: minister

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

William James

titulatuur en naam

W.J. Cohen Stuart William James

opmerkingen over de naam en/of titel

Ondertekende stukken met de naam 'Stuart'

geboorteplaats en -datum

's-Gravenhage, 4 maart 1857

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 2 juni 1935

levensbeschouwing

Hervormd: vrijzinnig

Partij/stroming

stroming(en)

liberaal

Hoofdfuncties/beroepen

  • marineofficier, vanaf 16 november 1878
  • docent KIM (Koninklijk Instituut van Marine), van 1 september 1889 tot 1893
  • officier, ramtorenschip Hr.Ms. "Prins Hendrik der Nederlanden", 1894
  • officier, pantserdekcorvet Hr.Ms. "Sumatra"
  • officier op Hr.Ms. "Flores" en Hr.Ms. "Pontianak", 1896
  • commandant, instructieschip Hr.Ms. "Gier" voor de opleidingen marine-reserve, van 1 april 1897 tot 1 november 1899
  • chef sectie materieel der marine te Batavia (Ned.-Indië), van 1 november 1899 tot 16 mei 1903
  • commandant, logementschip Hr.Ms. "Buffel", van 1 november 1903 tot juli 1904
  • commandant, instructieschip Hr.Ms. "Nautilus", van juli 1904 tot augustus 1905
  • minister van Marine, van 17 augustus 1905 tot 5 augustus 1907
  • commandant, pantserdekschip Hr.Ms. "Friesland, van 17 augustus 1908 tot november 1909
  • gepensioneerd, vanaf 16 november 1909

officiersrangen

  • luitenant-ter-zee tweede klasse, van 16 november 1878 tot 1 maart 1890
  • luitenant-ter-zee eerste klasse, van 1 maart 1890 tot 15 augustus 1900
  • kapitein-luitenant-ter-zee, van 16 augustus 1900 tot 10 mei 1905
  • kapitein-ter-zee, van 10 mei 1905 tot 16 november 1909

Nevenfuncties

lid plaatselijke commissie van toezicht op het middelbaar onderwijs, van 21 april 1899 tot 1 september 1899

comités van aanbeveling, erefuncties etc.

erelid Vereniging van Officieren en Oud-Officieren "Onderdeel Bijstand"

Opleiding

hoger beroepsonderwijs

  • officiersopleiding KIM (Koninklijk Instituut voor de Marine) te Willemsoord (Den Helder), van 1 september 1873 tot 1876
  • adelborst tweede klasse, van 1 september 1875 tot 1 september 1876
  • adelborst eerste klasse, van 1 september 1876 tot 15 november 1878

Activiteiten

als bewindspersoon (beleidsmatig)

  • Nam in 1906 het besluit tot aankoop van een eerste onderzeeboot. Deze was een jaar eerder bij een particuliere werf gebouwd.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Nam in 1896 met de "Flores" en de "Pontianak" deel aan expedities tegen Atjeh
  • De Tweede Kamer verwierp op 23 oktober 1906 met 33 tegen 27 zijn voorstel tot reorganisatie van het Korps Mariniers. Hij verzette zich tegen opheffing van het Korps Mariniers.
  • Wist in december 1906 een begrotingsartikel over de aanbouw van een pantserschip te 'redden' door in te stemmen met een suggestie van Talma (a.r.) dat het schip niet voor de Europese maar voor de Indische dienst zou worden bestemd
  • Vroeg op 17 juli 1907 ontslag als minister, nadat een nieuw wetsvoorstel over bezuiniging bij het Korps Mariniers slecht was ontvangen in de Tweede Kamer. Anders dan in oktober 1906 koos hij nu wel vóór opheffing van het Korps door het stopzetten van de werving.
  • Zette zich na zijn pensionering in voor het Zeemansfonds

uit de privésfeer

  • Was medeoprichter van een Burgerwacht en de Nederlandse padvinderij
  • Overleed door een dodelijke hartattaque in de tram, op weg naar zoon

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Suriname, van 1866 tot 1871
  • Batavia (Ned.-Indië), vanaf 13 september 1899
  • 's-Gravenhage, Dirk Hoogenraadstraat 224, omstreeks 1915
  • 's-Gravenhage, Van Boetzelaerlaan 98, tot 2 juni 1935

ridderorden

  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 27 augustus 1904
  • Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, 10 juli 1899

buitenlandse onderscheidingen

diverse buitenlandse onderscheidingen

overige onderscheidingen en prijzen

  • ereteken met gesp Atjeh 1873-1880, 15 februari 1896
  • gesp Atjeh 1896-1900, 28 januari 1902

Publicaties van/over

lijst van publicaties

verschillende werken op maritiem gebied (overzicht in scriptie-Manzoli)

literatuur/documentatie

  • "N.R.C.", 3 juni 1935
  • P.A. Manzoli, scriptie Staatkundig-Historische Studiën, RU Leiden (1984)
  • Ned. Patriciaat, 1984

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Breukelen-Nijenrode, 23 oktober 1888

echtgeno(o)t(e)/partner

V.J.C.S. Voorduin, Victoria Justina Cornelia Sophia

kinderen

2 zoons

vader

J.A.Th. Cohen Stuart, James Abraham Theodore

geboorteplaats en/of -datum

Alkmaar, 2 december 1818

beroep vader

ambtenaar (referendaris) ministerie van Financiën

moeder

C. Beijerinck, Cornelia

geboorteplaats en/of -datum

Zwolle, 22 december 1823

beroep grootvader (vaderskant)

inspecteur-generaal registratie en staatsloterij

beroep grootvader (moederskant)

hoofdingenieur van Waterstaat