M.V.E.H.J.M. (Max) graaf de Marchant et d'Ansembourg

M.V.E.H.J.M. graaf de Marchant et d'Ansembourg
bron: Fotoarchief Eerste Kamer

Zeer Duits geöriënteerde Limburgse edelman, die sinds 1933 bij de NSB in het voorste gelid stond. Trad in 1914 als Fahnen Junker in het Duitse leger en diende daarin tot het einde van de Eerste Wereldoorlog als officier. Burgemeester in een kleine Limburgse gemeente, tot zijn NSB-lidmaatschap tot zijn ontslag leidde. Omschreef zichzelf als een antiparlementaire voorstander van de corporatistische staat, maar was voor de oorlog niettemin lid van het parlement. Liet zich daar geregeld antisemitisch uit. Was belast met de buitenlandse contacten van de NSB en tijdens de bezetting Commissaris der Provincie Limburg. In 1946 veroordeeld tot vijftien jaar gevangenisstraf wegens het helpen van de vijand in tijd van oorlog.

NSB
functie(s) in de periode 1935-1941: lid Tweede Kamer, fractievoorzitter TK, lid Eerste Kamer, fractievoorzitter EK, Commissaris der Provincie (Nazigezind)

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Maximilien Victor Eugène Hubert Joseph Marie (Max)

titulatuur en naam

M.V.E.H.J.M. graaf de Marchant et d'Ansembourg Maximilien Victor Eugène Hubert Joseph Marie (Max)

geboorteplaats en -datum

Gulpen, 18 januari 1894

overlijdensplaats en -datum

Heerlen, 24 januari 1975

begraafplaats en -datum

Amstenrade, 28 januari 1975

levensbeschouwing

Rooms-Katholiek

Partij/stroming

partij(en)

  • RKSP (Roomsch-Katholieke Staatspartij)
  • NSB (Nationaal-Socialistische Beweging), van 15 december 1933 tot september 1944 (stamboeknummer 20.000. Nadat hij begin september 1944 met vrouw en kinderen naar Duitsland was gevlucht (kasteel Herdingen in Westfalen) royeerde Mussert hem als lid)

Hoofdfuncties/beroepen

  • werkzaam in het bankwezen te Rotterdam en Amsterdam, van 1919 tot 1923
  • beambte Staatsmijnen, van 1923 tot 1925
  • burgemeester van Amstenrade, van 1 juli 1925 tot 15 februari 1934 (ontslag vanwege ambtenarenverbod voor NSB'ers)
  • lid Provinciale Staten van Limburg, van 8 april 1927 tot 7 juli 1931 (voor de RKSP)
  • lid Provinciale Staten van Limburg, van 2 juli 1935 tot 18 december 1935 (voor de NSB)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 18 december 1935 tot 8 juni 1937
  • fractievoorzitter NSB Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 18 december 1935 tot 1 juni 1937
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 8 juni 1937 tot 1 februari 1941
  • fractievoorzitter NSB Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 8 juni 1937 tot 10 mei 1940
  • Commissaris der Provincie Limburg, van 1 februari 1941 tot 6 september 1944 (benoemd 5 januari 1941)
  • ambteloos

Partijpolitieke functies

overzicht

  • kringleider NSB in Zuid-Limburg, van november 1933 tot 1935
  • leider NSB in Limburg, van 1935 tot september 1944

Nevenfuncties

  • voorzitter Kamer van Koophandel voor de Zuidelijk Mijnstreek te Heerlen, van 1933 tot 1935
  • gedelegeerd commissaris Rheinische Parasinfabrieken A.G., omstreeks 1940

Opleiding

voortgezet onderwijs

  • gymnasium (geleid door Duitse Jezuïeten) te Sittard, van 1905 tot 1910
  • gymnasium, "Rheinische Ritterakademie" te Duitsland, van 1910 tot 18 februari 1913

academische studie

  • rechten, Westfaalse Wilhemsuniversiteit te Münster (gedurende 1 jaar)

Activiteiten

als parlementariër

  • Diende in 1938 een initiatiefwetsvoorstel in tot afschaffing van de rijwielbelasting. Het voorstel, dat vooral uit propagandistisch oogpunt was ingediend, werd verworpen.
  • Wilde in 1938 een motie indienen waarin het beleid van minister Patijn inzake de erkenning van de Italiaanse soevereiniteit over Abessinnië werd goedgekeurd. De motie kwam niet in behandeling, omdat deze onvoldoende werd ondersteund.
  • Vroeg op 9 mei 1940 een interpellatie aan over de internering van met name Rost van Tonningen. Een besluit over dat verzoek kon door het uitbreken van de oorlog de volgende dag niet meer worden genomen.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Bezocht januari 1934 het Vaticaan om een tegen de NSB gericht pauselijk mandement tegen te houden, doch deze poging had geen succes
  • Werd in 1934 door Mussert belast met de buitenlandse contacten van de NSB
  • Door de Eerste Kamer werd in 1935 een onderzoek ingesteld naar zijn nationaliteit
  • Werd 20 juni 1935 op zijn verzoek uit het Duitse staatsverband ontslagen
  • In juli 1938 besloten de Staten van Limburg hem niet toe te laten als lid (in de vacature-De Bock), omdat hij, zoals de wet vereiste, de twaalf maanden ervoor geen ingezetene van Limburg was geweest
  • Kwam regelmatig met de Kamervoorzitter in conflict vanwege ontoelaatbare uitdrukkingen. Beschuldigde in maart 1940 bijvoorbeeld de regering van landverraad vanwege verwaarlozing van leger en vloot.
  • Op 9 mei 1940 ontnam de Tweede Kamervoorzitter hem het woord, nadat hij in een debat over een wetsvoorstel inzake zwaardere bestraffing van schending van staatsgeheimen zich beledigend had uitgelaten over de regeringen van Zweden en Noorwegen. Hij weigerde die woorden terug te nemen.
  • Werd in 1940 belast met de contacten van de NSB met de bezettingsmachten
  • Voerde als Commissaris der Provincie in 1941 in Limburg het leidersbeginsel in voor de besturen van gemeenten, waarop 44 burgemeesters ontslag namen

uit de privésfeer

  • Genaturaliseerd tot Pruisisch staatsburger op 23 november 1912
  • Trad op 3 maart 1914 vrijwillig als Fahnen Junker toe tot het Duitse leger en diende daarin als officier tot het einde van de Eerste Wereldoorlog
  • Keerde in 1918 naar Nederland terug
  • Een verzoek tot renaturalisatie werd in 1920 afgewezen, omdat hij volgens de minister van Justitie het Nederlanderschap niet had verloren
  • Een broer van hem was lid van Provinciale Staten van Limburg (1923-1927)
  • Nam in 1925 van een oom het landgoed Amstenrade over en beheerde dat daarna als eigenaar
  • Hij volgde in 1925 zijn oom op als burgemeester van Amstenrade
  • Van zijn vijf broers waren er vier met Duitse edelvrouwen gehuwd, zijn twee zussen waren met een Duitse graaf, respectievelijk jonkheer gehuwd
  • Huwde in 1930 met een Duitse jonkvrouw
  • Door de marechaussee werd in april 1940 op zijn kasteel in Amstenrade - zonder resultaat - huiszoeking gedaan naar illegale wapens
  • Nadat de doodstraf tegen hem was geëist, veroordeelde het Bijzonder Gerechtshof te 's-Hertogenbosch hem op 13 mei 1946 tot vijftien jaar gevangenisstraf en levenslange ontzetting uit de beide kiesrechten, wegens het in tijd van oorlog opzettelijk hulp verlenen aan de vijand. Nadat wederom de doodstraf tegen hem was geëist, is dit vonnis op 9 oktober 1946 bevestigd door de Bijzondere Raad van Cassatie.
  • Werd op 1 juli 1954 na tweederde van zijn straf vrijgelaten

anekdotes en citaten

  • Hij hield veel van het uniform van de NSB dat hij bij allerlei gelegenheden droeg

verkiezingen

  • Werd in 1935 tot Eerste Kamerlid gekozen door Groep I: Noord-Brabant, Zeeland, Utrecht en Limburg

niet-aanvaarde politieke functies

  • lid Eerste Kamer, juni 1937 (wegens verkiezing tot Tweede Kamerlid)

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Gulpen, kasteel Neubourg (jeugdjaren)
  • Amstenrade, kasteel Amstenrade (vanaf 1937 buitenverblijf)
  • 's-Gravenhage, Willem Frederiklaan 8, vanaf 5 oktober 1937

buitenlandse onderscheidingen

  • IJzeren Kruis, tweede klasse, 16 september 1914
  • IJzeren Kruis, eerste klasse, 25 juni 1917

bezit van heerlijkheden

  • heer van Amstenrade en Schinveld, vanaf 1925

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

lid Landstand (boerenorganisatie van de NSB)

rang(en) reserve-officier

  • Oberleutnant, Reserve Veld-Artillerie, van 1914 tot 1918

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • A.A. de Jonge, "Marchant et d'Ansembourg, Maximilianus Victor Eugène Hubertus Josef Maria graaf de (1894-1975)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel IV, 322
  • Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld (1938)
  • L. de Jong, "Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog", deel 1 (Voorstel), 317
  • L. Heynens, "Graaf Maximiliaan de Marchant et d'Ansembourg", in: R.H.P. Coumans e.a. (red.), "Adel aan Maas, Roer en Geul" (2009), 111

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

archivalia

  • archief-De Marchant et d'Ansembourg, RIOD
  • dossiers bijzondere rechtspleging: Nationaal Archief, CABR inv. nr. 74914

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Heessen (bij Hamm), 8 oktober 1930

echtgeno(o)t(e)/partner

M.Th.S.A.W.H. freiin von Fürstenberg, Myriam Therèse Selimée Aimée Wardia Hubertus

kinderen

2 dochters en 3 zonen

vader

J.B.C.E.M. graaf de Marchant et d'Ansembourg, Jean Baptiste Constantin Edgard Marie (Ivan)

geboorteplaats en/of -datum

Gulpen, 27 januari 1850

moeder

L.J.E.K. gravin de la Fontaine und d' Harnoncourt-Unverzagt, Ludmilla Josephine Eugenie Konstantia

geboorteplaats en/of -datum

Graz (Oost.), 16 oktober 1860

broers en zusters

5 broers en 5 zussen (zelf het achtste kind en de vierde zoon)

beroep grootvader (vaderskant)

  • landeigenaar
  • burgemeester van Gulpen

familierelaties