VDB, PvdA
functie(s) in de periode 1929-1955: lid Eerste Kamer, voorzitter Eerste Kamer, lid Raad van State
Personalia
voornamen (roepnaam)
Roelof
titulatuur en naam
Mr.dr. R. Kranenburg Roelof
geboorteplaats en -datum
Groningen, 8 september 1880
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 28 december 1956
levensbeschouwing
Hervormd
Partij/stroming
partij(en)
- VDB (Vrijzinnig-Democratische Bond), tot 9 februari 1946
- PvdA (Partij van de Arbeid), vanaf 9 februari 1946
Hoofdfuncties/beroepen
- advocaat en procureur te Amsterdam, vanaf 1904
- advocaat en procureur te Groningen, tot 1 februari 1910
- lid gemeenteraad van Groningen, van 24 april 1909 tot 1 februari 1910
- rechter Arrondissementsrechtbank te Tiel, van 1 februari 1910 tot 1 januari 1914
- rechter Arrondissementsrechtbank te Utrecht, van 1 januari 1914 tot 1 januari 1915
- hoogleraar staats- en administratief recht, alsmede volkenrecht en rechtsfilosofie, Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 1 januari 1915 tot 1 september 1927 (benoemd 28 oktober 1914)
- hoogleraar staatsrecht, Rijksuniversiteit Leiden, van 1 september 1927 tot 20 maart 1942 (benoemd bij K.B. van 4 juni 1927; in 1942 ontslagen door de Duitsers)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 17 september 1929 tot 17 september 1935
- lid Provinciale Staten van Zuid-Holland, van 2 juli 1935 tot 4 juli 1939
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 9 juni 1937 tot 1 juni 1951
- hoogleraar Nederlands staatsrecht, Rijksuniversiteit Leiden, van 6 mei 1945 tot 1 juni 1948
- voorzitter Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 23 juli 1946 tot 1 juni 1951 (benoemd bij K.B. van 18 juli 1946)
- lid Raad van State, van 1 juni 1951 tot 1 oktober 1955 (benoemd bij K.B. van 11 mei 1951)
gevangenschap/internering
- geïnterneerd gijzelaarskamp te Sint-Michielsgestel, van 7 augustus 1942 tot 17 december 1942
- gevangenschap in Scheveningen, augustus 1943 (enkele weken)
Partijpolitieke functies
overzicht
- lid bestuur VDB afdeling Amsterdam, van 1918 tot 1923
- voorzitter VDB, van 23 november 1925 tot 1 december 1929
- voorzitter VDB, van 25 november 1933 tot 28 november 1937
- voorzitter VDB-commissie herziening defensiestandpunt, 1935
- lid VDB-studiecommissie Nederland en de internationale verhoudingen, vanaf juni 1937
- fractiesecretaris VDB Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 9 juni 1937 tot 4 juni 1946
- lid partijbestuur PvdA, van 9 februari 1946 tot 1953
- lid commissie beginselprogramma PvdA, van 27 juli 1946 tot 24 april 1947
- lid curatorium WBS (Wiardi Beckman Stichting), vanaf december 1946
- vicevoorzitter PvdA, van 26 april 1949 tot 1 juni 1951
- waarnemend voorzitter PvdA, van januari 1949 tot 28 augustus 1949 (Koos Vorrink afwezig na ongeluk)
- voorzitter PvdA-studiecommissie Wet op de politieke partijen, 1950
Nevenfuncties
- secretaris Kamer van Koophandel en Fabrieken te Groningen, van 1 oktober 1907 tot 1 februari 1910
- plaatsvervangend voorzitter Raad van Beroep (ongevallenverzekering) te Groningen, tot 1 februari 1910
- lid Tiendcommissie te Tiel, tot 1 januari 1914
- voorzitter Vereeniging voor Wijsbegeerte des Rechts (oprichter)
- lid Distributiegerecht van eerste aanleg in Noord-Holland, vanaf 8 januari 1919 (nog in 1928)
- secretaris Raad van Toezicht Rijkspostspaarbank, vanaf 1 april 1924
- lid Radioraad, van 1 januari 1929 tot januari 1930
- lid Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening (Staatscommissie-De Wilde), van 24 januari 1936 tot 8 juni 1936
- voorzitter Nederlands Comité UNAC (United Nations Appeal for Children), 1948
- vicevoorzitter Nederlandse Raad voor de Europese Beweging, vanaf februari 1949
- lid Staatscommissie inzake de Grondwetsherziening (Staatscommissie-Van Schaik), van april 1950 tot 1953
- voorzitter Staatscommissie van advies inzake de status van de ambtenaren, van augustus 1952 tot 28 december 1956
- voorzitter Staatscommissie inzake nadere Grondwetswijziging betreffende de buitenlandse betrekkingen, van 1 oktober 1954 tot 1955
afgeleide functies, presidia etc.
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 19 september 1933 tot 19 december 1933
- voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1938 tot mei 1940
- lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 4 juni 1946 tot 23 juli 1946
- voorzitter Centrale Commissie (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 23 juli 1946 tot 1 juni 1951
- voorzitter Commissie voor Huishoudelijke Aangelegenheden (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juli 1946 tot 1 juni 1951
- voorzitter vaste commissie voor de Buitenlandse Politiek (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 10 oktober 1950 tot 1 juni 1951
- lid afdeling Algemene Zaken (Raad van State)
- lid afdeling Justitie (Raad van State)
- lid afdeling Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (Raad van State)
Opleiding
voortgezet onderwijs
- Rijks Hogere Burgerschool te Groningen
- gymnasium te Groningen
academische studie
- rechtswetenschap (gepromoveerd op stellingen), Rijksuniversiteit Groningen, tot 1 juli 1903
- staatswetenschap (gepromoveerd op dissertatie), Rijksuniversiteit Leiden, tot 8 mei 1909
eredoctoraten
- doctor honoris causa, Universiteit van Brussel
- doctor honoris causa, Universiteit van Gent
Activiteiten
als parlementariër
- Hield zich in de Eerste Kamer met name bezig met justitie, binnenlandse zaken, waterstaat, PTT- en omroepaangelegenheden en koloniën
- Leidde op 6 september 1948 de Verenigde Vergadering waarin koningin Juliana werd ingehuldigd
- Verliet in 1948 de voorzitterstoel om het woord te kunnen voeren bij het debat over de voorstellen tot Grondwetsherziening
- Verliet in december 1949 de voorzitterstoel om het woord te kunnen voeren bij het debat over het wetsvoorstel inzake de Soevereiniteitsoverdracht aan Indonesië
opvallend stemgedrag
- Stemde in 1933 samen met Van Embden tegen een wetsvoorstel over de bevoegdheid van het rijk om te korten op de salarissen van gemeenteambtenaren
Wetenswaardigheden
algemeen
- Moest zich tussen eind december 1946 en 19 maart 1947 wegens ziekte laten vervangen als Kamervoorzitter
uit de privésfeer
- Werd op 20 maart 1942 als hoogleraar ontslagen door dr. F. Wimmer, de Generalkommissar für Verwaltung und Justiz. In zijn handboek over het staats- en administratief recht uit 1941 schonk hij volgens de Duitse bezetters te weinig aandacht aan hun bepalingen. Na zijn ontslag legden 58 Leidse hoogleraren als collectieve actie vrijwillig hun taak neer.
- Zat in augustus 1943 enkele weken in Scheveningen gevangen wegens deelneming voor de VDB aan geheim overleg der verboden politieke partijen
- Vader van J. L. Kranenburg, griffier van de internationale delegaties van de Staten-Generaal.
- Zijn broer Ferdinand was raadsheer in de Hoge Raad (1927-1940)
verkiezingen
- Werd in 1929 gekozen door Groep I: Noord-Brabant, Zeeland, Utrecht en Limburg
- Werd in 1937, 1946 en 1948 gekozen door Groep II: Gelderland, Overijssel, Groningen en Drenthe
niet-aanvaarde politieke functies
- minister van Justitie, juli 1939 (weigerde benoeming te aanvaarden in vijfde kabinet-Colijn)
woonplaats(en)/adres(sen)
- Leiden, Zoeterwoudscheweg 5, omstreeks 1931 (nog in 1951)
- 's-Gravenhage, Laan van Poot 196a, omstreeks 1955
ridderorden
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 30 augustus 1939
- Grootkruis Orde van de Nederlandse Leeuw, 4 september 1948
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
- lid Groninger Studentencorps "Vindicat atque Polit"
- rector Groningsch Studenten corps te Groningen, vanaf 1901
- lid Nederlandsche Kring voor Wetenschap der Politiek
- lid Koninklijke Vlaamse Academie voor Wetenschappen
- lid Comité van voorlichting inzake het vraagstuk van schadevergoeding door gebiedsuitbreiding te Leiden, 1945
Publicaties van/over
lijst van publicaties
- "De tegenstelling tusschen publiek- en privaatrecht en de ontwerpen tot regeling der administratieve rechtspraak" (dissertatie,1909)
- "Positief recht en rechtsbewustzijn" (1912)
- "De beteekenis der rechtsvergelijking voor de rechtsphilosophie" (oratie, 1915)
- "Studiën over recht en staat" (1919)
- "Het Nederlandsch staatsrecht" (2 delen; 1924-1925)
- "Het Nederlandsch Provinicaal Recht" (1931)
- "Algemene Staatsleer" (1937)
- "Inleiding in het Nederlands administratief recht" (1941)
- "De vrijheidsgedachte bij Spinoza, Johan de Witt, Thorbecke en Groen van Prinsterer" (mede-auteur, brochure 1948)
- "De grondslagen der rechtswetenschap" (1946)
- "Inleiding in de vergelijkende staatsrechtwetenschap" (1950)
literatuur/documentatie
- W.M. Peletier, "Kranenburg, Roelof (1880-1956)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel I, 324
- Wie is dat? 1938, 1956
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
gehuwd te Groningen, 2 september 1905
echtgeno(o)t(e)/partner
H.C. Siemens, Henderika Catharina
kinderen
4 zoons en 1 dochter
vader
I. Kranenburg, Ipoje
geboorteplaats en/of -datum
Groningen, 16 maart 1831
beroep vader
tabaksfabrikant
moeder
E. de Witt, Elisabeth
geboorteplaats en/of -datum
Groningen, 3 november 1846
familierelaties
- Vader van F.J. Kranenburg, staatssecretaris, Tweede Kamerlid en Commissaris der Koningin