Mr. A. van Gennep

A. van Gennep
bron: Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie

Ultraconservatieve staatsman en jurist uit de periode vóór 1848. Rotterdamse regent, die in de Bataafse Tijd belangrijke bestuurlijke functies vervulde en onder de Franse Republiek president van het Keizerlijk Gerechtshof was. Werd door Lodewijk Napoleon belast met het bewerken van de Code Napoleon. Na 1813 staatsraad en Eerste Kamerlid. Was ook toen betrokken bij de invoering van nieuwe wetboeken. Nam na het onvrijwillige aftreden van minister Beelaerts in 1840 financiën waar. Wenste als Kamervoorzitter in 1845 de koning geluk met de afwijzing van de voorstellen van de Negenmannen (voorstellen voor een liberale Grondwet).

regeringsgezinden ten tijde van Willem I en Willem II, behoudend (vóór 1848)
functie(s) in de periode 1808-1840: lid Staatsraad (1806-1810), Landdrost, lid Eerste Kamer, voorzitter Eerste Kamer, minister, lid Raad van State

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Wetenswaardigheden
  7. Publicaties van/over
  8. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Arnoldus

titulatuur en naam

Mr. A. van Gennep Arnoldus

geboorteplaats en -datum

Rotterdam, 4 januari 1766

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 5 juli 1846

levensbeschouwing

Evangelisch-Luthers

Partij/stroming

stroming(en)

  • regeringsgezind (ten tijde van Willem I)
  • ultraconservatief

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat te Rotterdam, vanaf 1789
  • lid stedelijke raad van Rotterdam, van 9 augustus 1805 tot 1 februari 1808
  • weesmeester van Rotterdam, van 20 augustus 1805 tot 1 februari 1808
  • regent pesthuis te Rotterdam, van 1805 tot 1809
  • Landdrost van Maasland, van 2 december 1807 tot december 1810
  • lid Staatsraad, van 5 februari 1808 tot 1 augustus 1810
  • lid Raad voor Zaken van Holland te Parijs, van 22 juli 1810 tot 29 oktober 1810
  • kamerpresident Keizerlijk Gerechtshof te 's-Gravenhage, van maart 1811 tot 1 december 1813
  • raad en advocaat-fiscaal-generaal over de middelen te water en te lande, van januari 1814 tot juli 1814
  • lid Raad van State, van 1 augustus 1814 tot 9 mei 1826 (benoemd bij K.B. van 24 juli 1814)
  • vicepresident Amortisatie Syndicaat, van 1823 tot 1845
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 17 oktober 1826 tot 24 maart 1846
  • minister van Financiën ad interim, van 10 januari 1837 tot 1 juni 1837
  • voorzitter Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 15 oktober 1838 tot 20 oktober 1845
  • minister van Financiën ad interim, van 9 januari 1840 tot 1 augustus 1840

ambtstitel

  • minister van staat, van januari 1837 tot 5 juli 1846

Nevenfuncties

  • lid commissie van administratie van het Werkhuis te Rotterdam, van 11 november 1806 tot 13 maart 1807
  • voorzitter commissie ter bewerking en invoering van de Code Napoleon, vanaf 18 november 1807
  • lid commissie tot ontwerpen van een Wetboek van Koophandel, vanaf 29 oktober 1808
  • lid commissie tot ontwerpen van Wetboeken van burgerlijk recht, van Strafrecht en Strafprocesrecht, vanaf mei 1814
  • voorzitter commissie van verevening der achtergestelde vorderingen, vanaf maart 1818
  • voorzitter commissie tot verbetering van de toestand der financiën, 1839
  • lid Commissie voor het Muntwezen, vanaf april 1839
  • voorzitter Staatscommissie inzake de financiële gevolgen van de overeenkomst met België, van 9 mei 1839 tot januari 1841

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid sectie Koophandel en Koloniën (Staatsraad), van 5 februari 1808 tot 24 juni 1808
  • president sectie Financiën (Staatsraad), van 24 juni 1808 tot 30 september 1809
  • president sectie Oorlog en Marine (Staatsraad), van 30 september 1809 tot 30 november 1808
  • lid sectie Oorlog en Marine (Staatsraad), van 30 november 1808 tot 1 augustus 1810

Opleiding

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 9 september 1784 tot 13 juni 1789

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Verdedigde in 1840 na de verwerping door de Tweede Kamer van de tienjarige begroting de ontwerp-Kredietwet
  • Was bij de sluiting van de zitting op 28 juni 1845 vanwege ziekte afwezig

uit de privésfeer

  • Zijn vader was koopman te Rotterdam

ridderorden

  • Commandeur in de Orde van de Unie, 1 januari 1810
  • Grootkruis Orde van de Nederlandse Leeuw, 28 december 1839

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

directeur Bataafsch Genootschap der Proefondervindelijke Wijsbegeerte te Rotterdam, omstreeks 1807 en nog in 1822

Publicaties van/over

lijst van publicaties

"Ad quinque priores paragraphos, legis 3 2. Dig. de donation. int. vir. et uxor" (dissertatie, 1789)

literatuur/documentatie

  • Levensbericht door M. Siegenbeek, in: Levensberichten van leden van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde, 1847, 14
  • A.J. van der Aa, Biographisch Woordenboek der Nederlanden, deel III
  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel VII, 465
  • O. Schutte, "De Orde van de Unie" (1985)
  • Ned. Patriciaat, 1918

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

  • gehuwd te Vlijmen, 23 februari 1790 (echtgenote overleden 4 september 1801)
  • gehuwd (tweede huwelijk) te Alkmaar, 31 oktober 1802 (echtgenote overleden 9 april 1823)
  • gehuwd (derde huwelijk) te Mijnsheerenland, 26 juli 1827

echtgeno(o)t(e)/partner

J.M. van Schack, Jacobina Maria

2e echtgeno(o)t(e)/partner

C. Pilander, Cornelia (weduwe van Johan Arnold van Grootenray, kapitein ter zee)

3e echtgeno(o)t(e)/partner

A.A. van Assendelft de Coningh, Agatha Anna

vader

A. van Gennep, Arnoldus

geboorteplaats en/of -datum

Eethen, 28 juni 1732

moeder

A. Verrijst, Adriana

geboorteplaats en/of -datum

Rotterdam, januari 1736 (gedoopt 15 januari)

beroep grootvader (vaderskant)

predikant

familierelaties