Mr. R.H. Arntzenius

R.H. Arntzenius
bron: Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie

Raadslid in Haarlem, Statenlid van Holland en Tweede Kamerlid. Als classicus, wiskundige en jurist geschoolde Amsterdammer. Daarnaast net als zijn vader dichter. Bekleedde na advocaat te zijn geweest tijdens de Bataafs-Franse tijd ambtelijke functies. In 1820 rijksadvocaat. Het reizen tussen Den Haag en Brussel in het ene jaar dat hij Kamerlid was, viel hem zwaar. Hij overleed op bijna 46-jarige leeftijd.

regeringsgezinden ten tijde van Willem I
functie(s) in de periode 1822-1823: lid Tweede Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Wetenswaardigheden
  7. Publicaties van/over
  8. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Robert Hendrik

titulatuur en naam

Mr. R.H. Arntzenius Robert Hendrik

geboorteplaats en -datum

Amsterdam, 19 december 1777

overlijdensplaats en -datum

Haarlem, 23 november 1823

levensbeschouwing

Nederlands Hervormd

Partij/stroming

stroming(en)

regeringsgezind (ten tijde van Willem I)

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat te Amsterdam voor de hoven van Holland, Zeeland en West-Friesland, vanaf 1798
  • secretaris bestuur, departement van de Amstel, vanaf 1799
  • advocaat-fiscaal voor de gewone middelen, departement Zuiderzee, van 1811 tot 1820
  • lid stedelijke raad van Haarlem, van 1815 tot 23 november 1823
  • rijksadvocaat voor Noord-Holland, van 1822 tot 23 november 1823
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 22 oktober 1822 tot 23 november 1823 (voor Holland)

Nevenfuncties

  • lid commissie voor de bestuurlijke inrichting van het departement Holland, vanaf november 1801
  • commissaris Vaderlandsch fonds ter Aanmoediging van 's Lands Zeedienst, van 1817 tot 1823
  • secretaris Teylers Stichting te Haarlem, omstreeks 1822
  • voorzitter Hollandsche Huishoudelijke Maatschappij, omstreeks 1822

Opleiding

academische studie

  • rechten, wiskunde en oude letteren, Atheneum Illustre te Amsterdam, tot 1798
  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op stellingen), Hogeschool te Leiden, van 1 mei 1798 tot 20 oktober 1798

Wetenswaardigheden

uit de privésfeer

  • Een zoon van hem was gehuwd met een kleindochter van J.A. Taets van Amerongen, lid Notabelenvergadering

anekdotes en citaten

  • Nadat hij in de Tweede Kamer onwel was geworden, werd hij per trekschuit naar Haarlem overgebracht. Daar overleed hij.

woonplaats(en)/adres(sen)

Haarlem

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

  • lid Letterkundig Genootschap "Concordia et Libertate" te Amsterdam
  • lid Gezelschap ter Beoeffening der proefondervindelijke Wijsbegeerte te 's-Gravenhage
  • lid Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leiden

hobby's

dichter

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • "de Confessione doli in delictis" (dissertatie, Ath. Illustre)
  • "Bij de terugkomst van den Vice-admiraal de Winter" (gedicht, 1796)
  • "Onder het Pourtrait van Buonaparte" (gedicht, 1797)
  • "Dichtlievende uitspanningen" (1801)
  • "Nagelaten gedichten" (1825)
  • Schreef enkele huiselijke gedichten

literatuur/documentatie

  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel I, 181
  • levensbericht door M. Siegenbeek in Levensberichten van de leden van de Nederlandsche Maatschappij voor Letterkunde, 1824, 23
  • Ned. Patriciaat, 1917

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

publicaties over en van letterkundigen

biografie

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Amsterdam, 24 augustus 1799

echtgeno(o)t(e)/partner

A.E. Tideman, Anna Elisabeth

kinderen

8 zoons en 2 dochters

vader

Mr. P.N. Arntzenius, Petrus Nicolaas

geboorteplaats en/of -datum

Delft, 20 december 1745

beroep vader

advocaat en notaris

moeder

M.I. Armenault, Margaretha Ida

geboorteplaats en/of -datum

Batavia (Ned.-Indië), 18 maart 1752

beroep grootvader (vaderskant)

secretaris Jachtgericht van Gooiland

familierelaties

  • Grootvader van A.R. Arntzenius, griffier Tweede Kamer en staatsraad in buitengewone dienst