Mr. L. van Toulon

L. van Toulon
bron: Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie

Goudse regentenzoon die zijn carrière in 1787 onderbroken zag worden door de patriottische gezindheid van zijn vader. Keerde in de Bataafse tijd echter terug in het bestuur, onder meer bij de directie van de posterijen en als wethouder en schout van Den Haag. Tijdens de inlijving maakte hij deel uit van het Hof van Cassatie in Parijs. Werd in 1815 opnieuw burgemeester van Gouda en vervolgens Statenlid en lid van de Tweede Kamer. Was regelmatig voorzitter van één der Kamerafdelingen en leidde in 1830 als Kamervoorzitter de discussie over mogelijke afscheiding van het Zuiden. Sloot zijn loopbaan af als Gouverneur van Utrecht.

regeringsgezinden ten tijde van Willem I
functie(s) in de periode 1819-1840: lid Staatsraad (1806-1810), lid Tweede Kamer, voorzitter Tweede Kamer, Provinciaal Gouverneur

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Wetenswaardigheden
  7. Publicaties van/over
  8. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Lodewijk

titulatuur en naam

Mr. L. van Toulon Lodewijk

geboorteplaats en -datum

Gouda, 17 augustus 1767

overlijdensplaats en -datum

Utrecht, 5 januari 1840

levensbeschouwing

Gereformeerd (Ned. Hervormd)

Partij/stroming

stroming(en)

regeringsgezind (ten tijde van Willem I)

Hoofdfuncties/beroepen

  • commies van financiële bureau's te 's-Gravenhage, van 1786 tot 1787
  • lid Provinciaal Comité van Justitie te 's-Gravenhage, 1795
  • adjunct-klerk van de Cijfers van Staat, vanaf 22 oktober 1795
  • adjunct-secretaris van de Cijfers van Staat, van 11 februari 1801 tot 1806
  • lid stedelijke raad van 's-Gravenhage, vanaf 4 juni 1802
  • lid kamer van policie (wethouders) van 's-Gravenhage
  • secretaris-generaal College der Posterijen van de Bataafse Republiek, van 1803 tot 1807
  • secretaris-generaal der Posterijen, van 13 oktober 1807 tot 19 februari 1808
  • wethouder van 's-Gravenhage, van 20 januari 1808 tot 20 maart 1808
  • lid Staatsraad, van 5 februari 1808 tot 1 januari 1809
  • hoofdschout en hoofdofficier van 's-Gravenhage, van 27 september 1808 tot maart 1811
  • substituut-fiscaal voor de middelen, departement Maasland, vanaf 5 november 1808
  • lid Hof van Cassatie te Parijs, van 29 juni 1811 tot november 1813
  • gevangenschap door de Engelsen in Zeeland, tot april 1814
  • president college van burgemeesters van Gouda, van 21 maart 1815 tot 1 maart 1824
  • lid Provinciale Staten van Holland, van 23 juli 1817 tot 19 oktober 1819 (voor de steden, Gouda)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 oktober 1819 tot 17 oktober 1831 (voor Holland)
  • burgemeester van Gouda, van 8 maart 1824 tot 1 oktober 1831 (benoemd bij K.B. van 23 februari 1824)
  • voorzitter Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 13 september 1830 tot 17 oktober 1831
  • Gouverneur van Utrecht, van 22 oktober 1831 tot 5 januari 1840 (benoemd bij K.B. van 13 september 1831)

Nevenfuncties

  • voorzitter/lid departementale armencommissie
  • voorzitter Stedelijke armencommissie
  • lid commissie van weldadigheid, omstreeks 1807 (als enig Hollands lid)
  • lid Staatsarmencommissie, vanaf 1815
  • lid commissie tot vervening van de Krimpenerwaard
  • dijkgraaf Landen van Stein en Willes, vanaf 1824
  • staatsraad in buitengewone dienst, Raad van State, van 9 oktober 1830 tot 5 januari 1840

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid sectie wetgeving en algemene zaken (Staatsraad), van 5 februari 1808 tot 1 januari 1809
  • voorzitter één van de afdelingen (Tweede Kamer der Staten-Generaal) (regelmatig)

Opleiding

voortgezet onderwijs

  • Latijnse School

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Utrecht, tot 1 november 1786

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Leidde in september/oktober 1830 de (rumoerige) vergaderingen waarin de vragen van de koning over eventuele scheiding van Noord- en Zuid-Nederland werden besproken

ridderorden

  • Ridder in de Orde van de Unie, 13 februari 1807
  • Ridder in de Orde van de Reünie, 7 maart 1812

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

  • lid Provinciaal Utrechtsch Genootschap voor Geschied- en Oudheidkunde
  • lid Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leiden, vanaf juli 1827

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • "De emtione venditione" (dissertatie, 1786)
  • "Auto-biographie van Mr. L. van Toulon, in leven staatsraad, gouverneur der provincie Utrecht, aldaar overleden den 5 januarij 1840" (Utrecht, 1875)

literatuur/documentatie

  • Levensbericht door M. Siegenbeek, in: Levensberichten van leden van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde, 1840, 26
  • A.J. van der Aa, Biographisch woordenboek der Nederlanden, deel XI, 61
  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel V, 955

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

archivalia

archief-Van Toulon van der Koog, Nationaal Archief

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te 's-Gravenhage, 1 februari 1792

echtgeno(o)t(e)/partner

Jkvr. J. van Nispen, Johanna

kinderen

2 dochters

vader

M. van Toulon, Martinus

geboorteplaats en/of -datum

Gorinchem, 12 februari 1736

moeder

A.M. van Eijck, Adriana Maria

familierelaties