Mr. J.B.J. Hengst

J.B.J. Hengst
bron: Fotoarchief Eerste Kamer

Burgemeester van Beugen en van Boxmeer die als katholiek-liberaal in de Tweede Kamer kwam. Trad als Kamerlid niet erg op de voorgrond, maar nam wel geregeld deel aan de werkzaamheden van de Kamer. In 1860 verliet hij de Tweede Kamer, maar mede met steun van zijn zwager Sassen kozen de Brabantse Staten hem in 1863 tot Eerste Kamerlid. Hij behoorde daar tot de conservatief-katholieken. Was 48 jaar burgemeester.

'pragmatisch' liberaal, Rooms-Katholieken
functie(s) in de periode 1849-1890: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Johannes Baptista Josephus

titulatuur en naam

Mr. J.B.J. Hengst Johannes Baptista Josephus

geboorteplaats en -datum

Boxmeer, 23 juni 1817

overlijdensplaats en -datum

Boxmeer, 23 maart 1892

levensbeschouwing

Rooms-Katholiek

Partij/stroming

stroming(en)

  • 'pragmatisch' liberaal (vanaf 1849 tot omstreeks 1869)
  • conservatief (sinds omstreeks 1870)

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat te Boxmeer, vanaf 1839
  • burgemeester van Beugen en Rijckevoort, van 1 oktober 1842 tot 17 april 1857
  • burgemeester van Boxmeer, van 1 februari 1844 tot 1 juni 1890
  • lid gemeenteraad van Boxmeer, van 1844 tot 1 juni 1890
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 13 februari 1849 tot 20 augustus 1850 (voor het kiesdistrict Grave)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 oktober 1850 tot 26 april 1853 (voor het kiesdistrict Boxmeer)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juni 1853 tot 15 september 1860 (voor het kiesdistrict Boxmeer)
  • kantonrechter-plaatsvervanger te Boxmeer, van 1 mei 1856 tot 1 juni 1890
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 16 juni 1863 tot 11 oktober 1884 (voor Noord-Brabant)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 17 november 1884 tot 17 augustus 1887 (voor Noord-Brabant)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1887 tot 27 maart 1888 (voor Noord-Brabant)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 1 mei 1888 tot 1 november 1890 (voor Noord-Brabant)

Nevenfuncties

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1875 tot april 1876
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van november 1876 tot december 1876
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van mei 1880 tot juli 1880
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van mei 1882 tot juli 1882
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1882 tot november 1882
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juli 1885 tot november 1885
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1886 tot januari 1887
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van april 1887 tot mei 1887
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van augustus 1887 tot september 1887
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), maart 1888
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1889 tot april 1890

Opleiding

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 12 april 1836 tot 11 maart 1839

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak in de Tweede Kamer onder meer over binnenlandse zaken, handel, onderwijs en Limburgse aangelegenheden
  • Stemde in 1860 vóór een (verworpen) amendement-Thorbecke over aanleg van spoorwegen door particulieren, maar stemde tevens vóór de ontwerp-Wet aanleg van spoorwegen voor rekening van de staat
  • Sprak in de Eerste Kamer over onderwerpen op het terrein van binnenlandse zaken, landbouw, justitie en waterstaat
  • Behoorde in 1863 tot de 14 leden die vóór de (verworpen) begroting van Buitenlandse Zaken voor 1864 stemden. De verwerping leidde tot het aftreden van minister Van der Maesen de Sombreff.
  • Stemde in 1868 tegen het (verworpen) voorstel van 5 liberale leden om een adres aan de Koning te zenden over een mogelijk derde Kamerontbinding
  • Stemde in 1869 vóór het voorstel tot afschaffing van het dagbladzegel
  • Stemde in 1870 tegen het voorstel tot afschaffing van de doodstraf
  • Behoorde in 1870 tot de meerderheid die bewerkstelligde dat de begroting van Nederlands-Indië werd verworpen, wat leidde tot het aftreden van minister De Waal
  • Behoorde in 1886/1887 tot een groep van acht katholieke Eerste Kamerleden die tegen de voornaamste herzieningen van de Grondwet stemde

Wetenswaardigheden

uit de privésfeer

  • Een zus van hem was gehuwd met een zoon van A.J.J.H. Verheyen, lid Notabelenvergadering en Tweede Kamerlid
  • Hij werd in 1890 als burgemeester van Boxmeer door één van zijn zonen opgevolgd
  • Zijn vader was rentmeester der domeinen en rentenier

verkiezingen

  • Versloeg in 1848 in het district Grave R.J.N. Walter en J.L.A. Luyben
  • Werd in 1850 in het district Boxmeer met 80% van de stemmen gekozen
  • Versloeg in 1853 jhr. J.B. van Sasse van Ysselt
  • Werd in 1856 met ruim 85% van de stemmen gekozen
  • Stelde zich in 1860 niet meer herkiesbaar voor de Tweede Kamer
  • Werd in 1861 in het district Roermond na herstemming verslagen door K.L.J. Cornelis
  • Werd in 1863 bij een tussentijdse verkiezing van een Eerste Kamerlid in Provinciale Staten van Noord-Brabant met 30 van de 56 stemmen gekozen
  • Werd in 1865 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Brabant met 44 van de 55 stemmen herkozen
  • Werd in 1874 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Brabant met 52 van de 56 stemmen herkozen
  • Werd in 1883 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Brabant met algemene stemmen herkozen
  • Werd in 1884 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Brabant met 58 van de 63 stemmen herkozen
  • Werd in 1887 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Brabant met 56 van de 60 stemmen herkozen
  • Werd in 1888 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Brabant met 55 van de 58 stemmen herkozen
  • Werd in 1890 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Brabant met 57 van der 59 stemmen herkozen

woonplaats(en)/adres(sen)

Boxmeer

Publicaties van/over

lijst van publicaties

"De advocatis" (dissertatie, 1839)

literatuur/documentatie

Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IX, 354

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

  • gehuwd te Boxmeer, 10 april 1839 (echtgenote overleden 28 december 1852)
  • gehuwd (tweede huwelijk) te Maastricht, 5 september 1854

echtgeno(o)t(e)/partner

C.A.H.H. de Kesschietre van Havre, Cornelia Anna Henrica Huberta

2e echtgeno(o)t(e)/partner

I.P.H. Tielens, Ida Paulina Huberta

kinderen

3 zoons (uit eerste huwelijk)

vader

J.A.P. Hengst, Joannes Antonius Petrus

geboorteplaats en/of -datum

Boxmeer, september 1772 (gedoopt 5 september)

moeder

M.A. Hoctin, Maria Agatha

geboorteplaats en/of -datum

Boxmeer, september 1786 (gedoopt 17 september)

beroep grootvader (moederskant)

arts

familierelaties