Mr. H.W. (Harry) van Doorn

H.W. van Doorn
bron: Beeldbank Nationaal Archief

Bekwame progressieve katholieke magistraat, die in 1956 als voorzitter van de KVP harde strijd voerde tegen de PvdA, maar in 1968 uit onvrede over de koers van zijn partij uit de Kamer trad. In de Nacht van Schmelzer één van de vier KVP-dissidenten. Minister van CRM voor de PPR in kabinet-Den Uyl. Maakte tijdens zijn ministerschap een einde aan radiopiraten die vanuit de Noordzee uitzonden en produceerde een reeks nota's over cultuur- en welzijnsbeleid. Voor hij de politiek in ging advocaat-fiscaal bij het Bijzonder Gerechtshof waar hij vele malen de doodstraf eiste tegen landverraders. Later de dominante voorzitter van de KRO. Eigenzinnig, autoritair en moedig man, die tegen de waan van de dag durfde in te gaan.

KVP, PPR
functie(s) in de periode 1956-1977: lid Tweede Kamer, minister, partijvoorzitter

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Henry Willem (Harry)

titulatuur en naam

Mr. H.W. van Doorn Henry Willem (Harry)

geboorteplaats en -datum

's-Gravenhage, 6 oktober 1915

overlijdensplaats en -datum

Amersfoort, 12 januari 1992

levensbeschouwing

Rooms-Katholiek

Partij/stroming

partij(en)

  • KVP (Katholieke Volkspartij), tot 26 februari 1968
  • PPR (Politieke Partij Radikalen), van 27 april 1968 tot 8 februari 1986
  • PvdA (Partij van de Arbeid), vanaf 9 februari 1986

Hoofdfuncties/beroepen

  • waarnemend ambtenaar (beëdigd klerk), parket kantongerechten te Rotterdam, van 1 augustus 1942 tot 1 februari 1944
  • waarnemend ambtenaar bij kantongerechten, Openbaar Ministerie te Rotterdam, van 1942 tot 16 januari 1944
  • ambtenaar bij kantongerechten, Openbaar Ministerie te Rotterdam, van 16 januari 1944 tot 1 mei 1951
  • belast met in vrijheid stellen van politiek geïnterneerden te Rotterdam, van 1 juni 1945 tot 1 oktober 1945
  • militair commissaris voor inbewaringstelling en vrijlating te Rotterdam, van 1 oktober 1945 tot 16 februari 1946 (vanaf 15 november 1945 tevens hoofd Politieke Recherche Afdeling)
  • hoofd POD (Politieke Opsporings Dienst) te Rotterdam, van 16 februari 1946 tot 1 augustus 1947
  • officier-fiscaal Bijzonder Gerechtshof te 's-Gravenhage, van 1 maart 1946 tot 1 augustus 1947
  • waarnemend advocaat-fiscaal Rotterdamse Kamer, Bijzonder Gerechtshof te 's-Gravenhage, van 1 augustus 1947 tot 1 december 1947
  • advocaat-fiscaal Rotterdamse Kamer, Bijzonder Gerechtshof te 's-Gravenhage, van 1 december 1947 tot 1 juli 1949
  • waarnemend substituut-officier van justitie, Arrondissementsrechtbank te Middelburg, van 1 juli 1949 tot 1 mei 1951
  • belast met reorganisatie, ministerie van Justitie, van 1 januari 1951 tot 1 januari 1952 (gedetacheerd)
  • substituut-officier van justitie, Arrondissementsrechtbank te Rotterdam, van 1 mei 1951 tot 3 juli 1956
  • ambtenaar afdeling politie (belast met reorganisatie van de politie), ministerie van Justitie, van januari 1952 tot juli 1956
  • voorzitter KVP, van 23 januari 1954 tot 23 juni 1962
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 3 juli 1956 tot 28 februari 1968
  • voorzitter KRO (Katholieke Radio-Omroep), van 1 juli 1961 tot 11 mei 1973
  • minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk, van 11 mei 1973 tot 19 december 1977
  • rechter-plaatsvervanger Arrondissementsrechtbank te Utrecht, van september 1979 tot 1 november 1985

takenpakket (bewindspersoon)

  • Was tevens coördinerend minister voor het emancipatiebeleid

Partijpolitieke functies

overzicht

  • lid bestuur KVP afdeling Rotterdam, van 1945 tot 1946
  • lid bestuur KVP afdeling Hillegersberg, van mei 1951 tot 1952
  • lid bestuur KVP Kamerkring Rotterdam, van 1952 tot 2 april 1954
  • lid Deltacommissie KVP, van juni 1956 tot 1958 (sociaaleconomische uitwerking Deltaplan)
  • lid partijbestuur KVP, van 23 juni 1962 tot november 1966

Nevenfuncties

  • inspecteur POD (Politieke Opsporings Dienst) in Zuid-Holland, van 1945 tot 16 februari 1946
  • lid commissie ter voorbereiding van wettelijke maatregelen voor de opheffing van de bijzondere rechterlijke macht, 1947
  • voorzitter Vereniging van katholieke gezinsvoogdij en patronage "Sint Raymundus" te Rotterdam, omstreeks 1954
  • lid bestuur NRU (Nederlandse Radio Unie), van 1961 tot 1966
  • lid bestuur NTS (Nederlandse Televisie Stichting), van 1961 tot 1966
  • lid Pacificatiecommissie voor de omroepkwestie, van 24 december 1963 tot 1965
  • voorzitter sectie gevangeniswezen, Centrale Raad van Advies voor het gevangeniswezen, de Psychopatenzorg en de Reclassering, van 1 augustus 1968 tot 11 mei 1973
  • lid bestuur ALN (Algemene Loterij Nederland), tot 11 mei 1973
  • lid curatorium Instituut voor Sociaal-Wetenschappelijk Onderzoek, Katholieke Hogeschool Tilburg, tot 11 mei 1973
  • voorzitter Federatie van Omroepverenigingen, van 1971 tot 11 mei 1973
  • voorzitter NCB (Nederland Centrum Buitenlanders), van september 1978 tot 12 januari 1992
  • lid bestuur AVR (Algemene Reclasseringsvereniging), van 1 mei 1979 tot 17 maart 1980
  • voorzitter AVR (Algemene Reclasseringsvereniging), vanaf 17 maart 1980 (nog in 1984)

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Raadgevende Interparlementaire Beneluxraad, vanaf mei 1959
  • voorzitter bijzondere commissie voor het wetsontwerp wijziging van de Loterijwet en de ontwerp-wet op de Loterijbelasting (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 10 december 1959 tot juli 1960
  • voorzitter bijzondere commissie voor het wetsontwerp wijziging Loterijwet en de ontwerp-wet op de Loterijbelasting (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van maart 1961 tot juli 1961
  • voorzitter Commissie van Voorbereiding voor de Nota betreffende "de zaak Van der Putten" (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 8 maart 1962 tot 20 februari 1963

Opleiding

voortgezet onderwijs

  • gymnasium, R.K. "Aloysius College" te 's-Gravenhage, van september 1929 tot 2 juli 1935

academische studie

  • Nederlands recht: strafrecht, Rijksuniversiteit Leiden, van september 1935 tot 22 oktober 1940

Activiteiten

als parlementariër

  • Was woordvoerder justitie-aangelegenheden (algemeen justitiebeleid en strafrecht, strafvordering) van de KVP-fractie. Hield zich verder bezig met omroep-aangelegenheden.
  • Was in 1958-1962 woordvoerder spijtoptantenbeleid (Indische Nederlanders die wilden terugkeren naar Nederland)
  • Was in 1957 woordvoerder van zijn fractie bij de behandeling van de ontwerp-Politiewet
  • Was in 1961 woordvoerder van zijn fractie bij de behandeling van wetsvoorstellen tot herziening van het kinderstrafrecht en kinderstrafprocesrecht
  • Voerde in 1968 namens de KVP-fractie het woord bij de behandeling van de Nota over de bestuurscrisis in Amsterdam

opvallend stemgedrag

  • Behoorde in 1957 tot de acht leden van zijn fractie die tegen de ontwerp-Deltawet stemden vanwege een grondwettelijk bezwaar
  • Behoorde in 1958 tot de 18 leden van de KVP-fractie die tegen een wijziging van de Lager-onderwijswet stemden vanwege het opheffen van het automatisch ontslag van de huwende onderwijzeres
  • In 1961 stemden hij en J.M. Peters als enigen van hun fractie vóór een motie-Baart over verbetering van de positie van het omroeppersoneel
  • Behoorde in 1963 tot de minderheid (5 leden) van zijn fractie die vóór een motie-Kranenburg stemde, waarin de regering onbevoegd werd verklaard op grond van het televisiebesluit 1956 preventief toezicht uit te oefenen op tv-uitzendingen
  • Behoorde in 1964 tot de 18 leden van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel Instelling openbaar lichaam Rijnmond stemden
  • Behoorde in 1964 tot de 19 leden van zijn fractie die vóór het (onaanvaardbaar verklaarde) amendement-Scheps stemden, waardoor de Bijlmermeer bij de gemeente Amsterdam zou worden gevoegd
  • Behoorde op 14 oktober 1966 met Laan, Verdijk en mevrouw Kessel tot de minderheid van zijn fractie, die tegen de motie-Schmelzer stemde. Aanneming van deze motie leidde tot de val van het kabinet-Cals/Vondeling.
  • Behoorde in 1967 tot de drie leden van zijn fractie die vóór een (verworpen) amendement-Voogd over afschaffing van keuring van tv-films stemden
  • Behoorde in februari 1968 met mevrouw Kessel en Westerterp tot de minderheid van de KVP-fractie die vóór een motie-Aarden stemde, waarin om verhoging van het budget voor ontwikkelingshulp werd gevraagd

als bewindspersoon (beleidsmatig)

  • Stelde in september 1974 het Bedrijfsfonds voor de Pers in, nadat hij eerst via een ad hoc-regeling dagblad "De Tijd" had ondersteund (overigens tevergeefs). De Tweede Kamer bekritiseerde deze steun via een ad hoc-regeling zonder dat er een Bedrijfsfonds was dat hierover kon adviseren. Het Bedrijfsfonds moest meewerken aan het ondersteunen van persorganen om daarmee de bestaande pluriformiteit in stand te houden.
  • Gaf in 1974 de Stichting Amsterdamse Draadloze Omroep (STAD) een vergunning om in de Amsterdamse regio (experimenteel) een regionale radio-omroep te starten.
  • Bracht in 1974 de Knelpuntennota Welzijnsbeleid uit. Gemeenten en (toekomstige) gewesten moeten een belangrijke rol krijgen bij voorbereiding en uitvoering van het welzijnsbeleid. De bereikbaarheid van welzijnsvoorziening en het democratisch functioneren van instellingen moet worden verbeterd. Wetgeving moet het toezicht op de uitvoering van het beleid vastleggen en er moet een vast college van advies en bijstand voor het welzijnsbeleid komen. (12.968)
  • Bracht in 1974 een Sportnota uit. Meer mensen moeten worden betrokken bij actieve sportbeoefening. Daarvoor wordt 1,4 miljoen gulden uitgetrokken. Het accent komt te liggen op 'bewegen' (sportieve recreatie) boven strikte vormen van sportbeoefening. Er komt een subsidieregeling kaderopleiding en een subsidieregeling voor de centrale administratie van landelijke sportorganisaties. Het extra geld dat voor sport wordt uitgetrokken, is onder meer bestemd voor nieuwe accommodaties. (13.019)
  • Werd in 1974 coördinerend minister voor de migratie en begeleiding van rijksgenoten en nam diverse maatregelen op het gebied van voorlichting en opvang van met name Surinaamse Nederlanders die zich in ons land wilden vestigen. (13.254)
  • Installeerde op 17 december 1974 de Nationale Commissie voor Emancipatievraagstukken en diezelfde maand het Nationaal Comité Internationaal Jaar van de Vrouw 1975
  • Gaf in 1975 toestemming voor de nieuwe (klassieke) zender Hilversum IV
  • Bracht in 1975 de Nota over het Massamediabeleid uit. De nota moet de aanzet geven voor het politieke beleid op mediagebied (pers en media). Doel is het verwezenlijken van een samenhangend beleid om zowel de vrijheid van meningsuiting als een zo ruim mogelijke deelname van het gebruik van de media te bevorderen. Er zal enerzijds sprake moeten zijn van een gedifferentieerd beleid voor de onderscheiden sectoren, maar er zal anderzijds op effecten moeten worden gelet die maatregelen voor een sector kunnen hebben voor andere sectoren. (13.353)
  • Benoemde in augustus 1975 zijn partijgenoot Jurgens tot voorzitter van de NOS. Ging daarbij voorbij aan een voordracht door het NOS-bestuur. De voornaamste kandidaat van die zijde, A.R. Vermeer, trok zich in juli terug na een gesprek met de minister. (13.527)
  • Bracht in 1975 samen met staatssecretaris Meijer de Nota nadere beleidsbepaling inzake de samenlevingsopbouw uit. Daarin wordt ingegaan op de groei van particuliere en overheidsinitiatieven gericht op het bevorderen van zelfwerkzaamheid en medeverantwoordelijkheid bij de vormgeving van de eigen woon- en leefomgeving. De opleiding, scholing, training en begeleiding van opbouwwerkers moet worden verbeterd. Verder moeten zij meer samenwerken met deskundigen en projecten dienen op concrete problemen gericht te worden. Voorrang moet worden gegeven aan groepen in een achterstandssituatie. Decentrale aanpak staat voorop. (13.555)
  • Gaf in 1976 toestemming voor oprichting van een Fonds voor de Scheppende Toonkunst
  • Bracht in 1976 de Nota Kunst en Kunstbeleid. Hierin staan uitgangspunten en doelstellingen van het kunstbeleid. Kunst en kunstenaars moeten onderdeel worden van een algeheel cultuurbeleid en moeten bij maatschappelijke processen, zoals onderwijs, stadsvernieuwing en vormingswerk betrokken worden. De participatie van de bevolking aan kunst moet worden bevorderd. Het kunstbeleid moet gericht zijn op het ontwikkelen en in stand houden van culturele waarden. Het kunstbeleid zal meer worden gedecentraliseerd; gemeenten krijgen meer ruimte voor het voeren van een eigen beleid. De algemene nota wordt in 1976 gevolgd door de sectornota's over het orkestenbestel en over het toneelbeleid en door de Nota 'Naar een nieuw museumbeleid'. (13.981 & 14.290 & 14.296 & 14.305)
  • Bracht in 1976 samen met minister Pronk de Nota 'enige beleidsgevolgen voor Nederland van het internationaal jaar voor de vrouw' uit. Er komt onder meer een Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid om ervoor te zorgen dat voordurend aandacht wordt bevorderd voor dit beleid. (14.030)
  • Beperkte in 1976 de mogelijkheden voor omroeporganisaties om via de televisie reclame te maken voor zichzelf en voor het eigen omroepblad en om leden te werven via aanbiedingen van boeken, platen etc.
  • Diende in 1977 samen met staatssecretaris Van Hulten een wetsvoorstel in over wijziging van de wetgeving met betrekking tot de omroep. Dat betrof met name aanpassing vanwege kabeltelevisie, het schrappen van 'tuchtmaategelen' en de taak en zendtijd van de NOS. De wet werd in 1978 door minister Gardeniers in het Staatsblad gebracht. (14.351)
  • Bracht in 1977 als coördinerend minister de Nota 'Positie van migranten uit Suriname in Nederland en het beleid op middellange termijn uit'. Vanwege blijvende vestiging van grote aantallen Surinaamse Nederlanders is specifiek beleid wenselijk. Het betreft onder meer huisvesting, werkgelegenheid, onderwijs, maatschappelijke voorzieningen en sociaal-culturele voorzieningen. Tevens wordt ingegaan op remigratie. (14.398)
  • Diende in 1977 een wetsvoorstel in tot wijziging van de Omroepwet, waardoor onder meer de koppeling tussen een abonnement op een omroepblad en lidmaatschap van een omroepvereniging zou vervallen. Zijn opvolgster handhaafde die koppeling echter. (14.486)
  • Diende in 1977 samen met minister-president Den Uyl het wetsvoorstel Kaderwet specifiek welzijn in, waarmee een wettelijke plannings- en bekostigingskader moest worden geschapen voor alle welzijnsvoorzieningen. Het wetsvoorstel werd in 1981 met succes door minister Gardeniers in de Tweede Kamer en in 1982 door minister De Boer in de Eerste Kamer verdedigd, maar zou daarna, voor de inwerkingtreding, worden ingetrokken. (14.493)
  • Bracht in 1977 de Emancipatienota ('Emancipatie, proces van verandering en groei') uit. Hierin wordt ingegaan op allerlei aspecten die samenhangen met vrouwenemancipatie, zoals vrouwen en openbaar bestuur, arbeid, inkomen en sociale zekerheid, overheidspersoneelsbeleid, onderwijs, volwasseneneducatie, emancipatiewerk, gezondheidszorg en internationale samenwerking. Doel van het emancipatiebeleid is het scheppen van voorwaarden voor, en het zo nodig stimuleren van veranderingsprocessen gericht op een grotere vrijheid van keuze voor vrouwen en mannen om alleen of samen met anderen vorm en inhoud aan hun leven te geven. Beleidsinstrumenten om dit te bereiken zijn wetgeving, bestuur, voorlichting, maar ook bevordering van onderzoek, het benoemingenbeleid en subsidies. (14.496)

als bewindspersoon (wetgeving)

  • Bracht in 1974 samen met de staatssecretarissen Van Hulten en Kooijmans en minister Van Agt twee wetjes tot stand waarbij de op 22 januari 1965 te Straatsburg tot stand gekomen Europese Overeenkomst inzake voorkoming van radio- en televisie-uitzendingen door stations buiten nationaal gebied werd goedgekeurd en waardoor de Telefoon- en telegraafwet 1904 hieraan werd aangepast (de zgn. anti-piratenwetjes). Daardoor kon een einde worden gemaakt aan de uitzendingen van de piratenzender "Radio Veronica" vanaf de Noordzee. Deze zenders onttrokken zich aan regels en controle en gebruikten zonder toestemming frequenties. De voorstellen waren in 1971 ingediend door de ministers Bakker, Luns, Polak en Klompé. (11.373 & 11.374)
  • Bracht in 1975 de Tijdelijke verstrekkingenwet Maatschappelijke Dienstverlening (Stb. 157) tot stand, die beleidsregels voor gesubsidieerde instellingen zoals dagverblijven voor gehandicapten bevatte. Deze beleidsregels ontbraken doordat deze instellingen onder de werking van de AWBZ waren gebracht. Het wetsvoorstel was in 1971 ingediend door staatssecretaris Van de Poel (11.371)
  • Bracht in 1977 een wet (Stb. 364) tot stand waarbij de Raad voor de Kunst werd gemoderniseerd. Er komt een systeem van voordrachten door organisaties voor de benoeming van de leden. (13.035)

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Weigerde in maart 1963 als KRO-voorzitter aanvankelijk gehoor te geven aan een verzoek van de staatssecretarissen Scholten en Van Houten om een interview met de Franse politicus Bidault niet uit te zenden. Na dreiging door de regering om de KRO van de zender te halen, werd het interview onder protest toch niet uitgezonden.
  • Behoorde in juni 1963 tot de 12 leden van de KVP-fractie die de keuze van formateur (en KVP-fractievoorzitter) De Kort voor een coalitie met de VVD afwezen
  • Werd in 1966 aanvankelijk op een onverkiesbare plaats gezet op de noordoostelijke lijst van de KVP (Tweede Kamerverkiezingen 1967). Kreeg later alsnog een verkiesbare plaats op de Brabantse lijst.
  • Stapte in 1968 met Jacques Aarden, Paul Janssen en Annie Kessel uit de KVP-fractie. In tegenstelling tot hen vertrok hij als Tweede Kamerlid.

uit de privésfeer

  • Fervent pijproker
  • Eiste onder de bijzondere rechtspleging verscheidene malen de doodstraf, maar was blij dat het gewone strafrecht in Nederland de doodstraf niet kent.
  • Eiste de doodstraf tegen de landverrader Anton van der Waals die schuldig was aan de dood van tachtig mensen en woonde als advocaat-fiscaal diens fusillade persoonlijk bij.

woonplaats(en)/adres(sen)

  • 's-Gravenhage, van 6 oktober 1915 tot 1924
  • Voorburg, vanaf 1924
  • Rotterdam, Statenlaan 9, omstreeks 1957 tot 1962
  • Baarn, Prinses Marielaan 2, van 1962 tot januari 1992

ridderorden

  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 29 april 1966
  • Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, 11 april 1978

overige onderscheidingen en prijzen

Ridder van het H. Graf van Jeruzalem, van 1964 tot 1986 (lidmaatschap opgezegd)

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

lid Sint Vincentiusvereniging (vrijwilligersorganisatie op het gebied van maatschappelijke dienstverlening)

rang(en) reserve-officier

  • reserve-kapitein, vanaf 1945

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • J. Bosmans, "Doorn, Henri Willem van (1915-1992)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel IV (digitale versie)
  • "Oud-minister Harry van Doorn: 'Ik hoefde nooit twee keer te zeggen dat ik iets niet pikte', Haagse Post, 2 augustus 1980
  • Maarten Huygen, "Afscheid van een statig magistraat met natuurlijk gezag", NRC Handelsblad, 30 oktober 1985
  • Frits Groeneveld, "H.W. van Doorn 1915-1992; Katholiek bestuurder", NRC Handelsblad, 13 januari 1992
  • Kees Bastianen, "Mr Harry van Doorn stond model voor een linkse héér" (in memoriam), De Volkskrant, 14 januari 1992
  • Hans Goslinga, "Oud-politicus pleitte al vroeg voor een duaal omroepbestel. Harry van Doorn 1915-1992", Trouw, 14 januari 1992
  • Kris van der Aar: "Harry van Doorn: veelzijdig, rechtlijnig en eigenzinnig", in: Ch. van de Belt e.a. (red.), "De Politieke Partij Radikalen 1968-1990. Macht uit het zadel" (2022), 84-86

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

archivalia

Archief H.W. van Doorn, Nationaal Archief (inventaris 2.21.376)

archivalia via site Nationaal Archief

vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Voorburg, 17 maart 1942

echtgeno(o)t(e)/partner

H. de Jager, Hans

kinderen

2 zoons en 4 dochters

vader

J.W.J. van Doorn, Jan Willem Joseph

geboorteplaats en/of -datum

Zwolle, 31 juli 1888

beroep vader

  • eigenaar van een winkel in parfumerie-artikelen
  • accountant

moeder

E.H.M. Derboven, Elizabeth Hendrika Maria

geboorteplaats en/of -datum

Zwolle, 6 april 1888

broers en zusters

5 broers en/of zussen (zelf het tweede kind)

beroep grootvader (vaderskant)

slijter en hotelier

beroep grootvader (moederskant)

veehandelaar