Mr. H.J. Kruls

H.J. Kruls
bron: Beeldbank Nationaal Archief

Officier die chef staf van het Militair Gezag was. Na een officiersopleiding en rechtenstudie gedetacheerd bij het ministerie van Defensie. Vergezelde in 1940 als adjudant zijn minister naar Londen en werd daar belast met de opbouw van het Militair Gezag dat na de bevrijding het dagelijks bestuur moest overnemen. Ondanks aanvankelijke bezwaren van de koningin werd hij als chef staf zelf belast met de leiding van het Militair Gezag. Goed organisator, maar ook autoritaire man die vaak niet al te diplomatiek optrad. Dat leidde tot de nodige conflicten. Na de oorlog chef van de Generale Staf en ook in die functie vaak in conflict met de minister. Een geschil over de visie op het toekomstige defensiebeleid leidde in 1951 tot zijn gedwongen vertrek.

functie(s) in de periode 1944-1946: chef staf Militair Gezag

Inhoud

  1. Personalia
  2. Hoofdfuncties/beroepen
  3. Nevenfuncties
  4. Opleiding
  5. Wetenswaardigheden
  6. Publicaties van/over
  7. Familie/gezin

Personalia

titulatuur en naam

Mr. H.J. Kruls Hendrik Johan

geboorteplaats en -datum

Amsterdam, 1 augustus 1902

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 13 december 1975

Hoofdfuncties/beroepen

  • officier schoolcompagnie, Korps luchtdoelartillerie te Utrecht, vanaf 1923
  • als officier gedetacheerd te Den Helder, tot 1927
  • officier school voor verlofsofficieren der onbereden artillerie te Utrecht, vanaf 1927
  • als officier gedetacheerd op Aruba, belast met beveiliging Amerikaanse olieraffinaderijen, 1930
  • officier school voor verlofofficieren der onbereden artillerie te Utrecht, 1930
  • gedetacheerd op de afdeling Generale Staf, departement van Defensie (belast met dienstplichtzaken en in het bijzonder met de problematiek rond het vooroefeningsinstituut, later met krijgstuchtzaken), van 1 november 1930 tot 1 maart 1934
  • officier tweede regiment veldartillerie te 's-Gravenhage, van 1 maart 1934 tot 1937
  • gedetacheerd bij de Generale Staf, van 1937 tot 1938
  • gedetacheerd bij de afdeling Generale Staf, departement van Defensie (belast met mobilisatievoorbereiding), van 14 maart 1938 tot 1 april 1939
  • adjudant van de ministers van Defensie, J.J.C. van Dijk en A.Q.H. Dijxhoorn, van 1 april 1939 tot 12 juni 1941 (vanaf mei 1940 in Londen)
  • belast met de leiding hoofdafdeling Landmacht, ministerie van Oorlog, van 1 september 1941 tot 28 januari 1943
  • hoofd Bureau Militair Gezag, ministerie van Oorlog, van 28 januari 1943 tot september 1944
  • chef Staf Militair Gezag, van september 1944 tot 1 januari 1946
  • chef van de Generale Staf, van 1 november 1945 tot 1 februari 1951
  • voorzitter Comité Verenigde Chefs van Staven van de drie krijgsmachtdelen, van 1 mei 1949 tot 1 februari 1951
  • speciaal vertegenwoordiger van handelsonderneming American Express Company, van 1 september 1953 tot 1 oktober 1957
  • adviseur directie Vervoer, respectievelijk directie Verkoop, KLM (Koninklijke Luchtvaart Maatschappij), van 1 oktober 1957 tot 10 juni 1966
  • adviseur afdelingen Bedrijfsdirectie en Hoteldeelnemingen, KLM (Koninklijke Luchtvaart Maatschappij), van 10 juni 1966 tot 1 juli 1971
  • adviseur directie KLM (Koninklijke Luchtvaart Maatschappij), vanaf 1 juli 1971

officiersrangen

  • tweede luitenant der artillerie, van 14 augustus 1922 tot 14 augustus 1926
  • eerste luitenant der artillerie, van 14 augustus 1926 tot 1 mei 1938
  • kapitein der artillerie, van 1 mei 1938 tot 1942
  • majoor der artillerie, van 1942 tot januari 1943
  • kolonel der artillerie, van 28 januari 1943 tot september 1944
  • generaal-majoor, van september 1944 tot 1 november 1945
  • luitenant-generaal, van 1 november 1945 tot 1 mei 1949
  • generaal, van 1 mei 1949 tot 1 september 1954 (eervol ontslag op verzoek)

Nevenfuncties

  • militair medewerker "Algemeen Dagblad" en "Elseviers Weekblad"
  • publiceerde incidenteel in de "Neue Zürcher Zeitung", de "Schweizer Monatshefte" en "Foreign Affairs"
  • hoofdredacteur tijdschrift "NATO's Fifteen Nations", van 1954 tot 1975

Opleiding

primair onderwijs

  • lagere school te Amsterdam

voortgezet onderwijs

  • h.b.s. te Amsterdam, van 1919 tot 1922
  • gymnasium-a (staatsexamen), 1926

hoger beroepsonderwijs

  • officiersopleiding KMA (Koninklijke Militaire Academie) te Breda, van 16 september 1919 tot augustus 1922
  • opleiding Hogere Krijgsschool te 's-Gravenhage, van 1934 tot 1937

academische studie

  • Nederlands recht, Rijksuniversiteit Utrecht, van 1926 tot 24 april 1931

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Had een groot aandeel in de voorbereiding van het Besluit op de Bijzondere Staat van Beleg (BSBB), een juridisch raamwerk ter regeling van het openbare leven in de eerste maanden na de bevrijding
  • Verzette zich in het najaar van 1944 tegen de komst van vier minister-kwartiermakers. De ministers Burger en Van Heuven Goedhart drongen te vergeefs bij Gerbrandy aan op zijn ontslag.
  • Tussen hem en een deel van het kabinet bestond tussen oktober 1944 en februari 1945 een gespannen verhouding vanwege zijn in sommige ogen te geringe bereidheid om zich te voegen naar ministeriële instructies. Er werd door hen aangedrongen op zijn ontslag. Alleen de ministers Van Lidth de Jeude en Van Boeijen steunden hem voluit. Ook de koningin had vertrouwen in hem.
  • Het door hem geleide Militair Gezag kreeg vanwege de grote bureaucratie de bijnaam 'Circus Kruls', en ook wel 'Malle Gevallen'.
  • Droeg tijdens de inhuldigingsplechtigheid voor koningin Juliana het rijkszwaard
  • Werd in 1951 eervol ontslagen als chef van de Generale Staf, vanwege toegenomen kritiek op zijn beleid ten aanzien van de legerorganisatie. Ten onrechte werd verondersteld dat hij voeding had gegeven aan kritiek van NAVO-bevelhebber Eisenhouwer op de Nederlandse defensie-inspanning. Dat was tekenend voor het toegenomen politieke wantrouwen in hem.

uit de privésfeer

  • Zijn tweede echtgenote was een nicht (oomzegger) van A.Q.H. Dijxhoorn, minister van Oorlog

ridderorden

Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau, met de zwaarden, 17 september 1946

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • "De practijk van het militaire tuchtrecht. Handboek ten dienste van hen, die bij de Koninklijke Landmacht met eenig gezag zijn bekleed" (1932. 2 dl.) (met D. van Voorst Evekink en A.P.J. Berger)
  • "Op de bres voor Neerlands onafhankelijkheid" (Amsterdam, 1939) (met H. Staring jr.)
  • "Overzicht der werkzaamheden van het Militair Gezag gedurende de bijzondere staat van beleg 14 Sept. 1944 - 4 Maart 1946" (1947)
  • "Op inspectie" (1947)
  • "Nederland paraat? (Onze Koninklijke Landmacht)" (1948)
  • "Vrede of oorlog. De wereld, West-Europa en de Benelux onder de dreiging van onze tijd" (1952)

literatuur/documentatie

  • J.A.M.M. Janssen, "Kruls, Hendrik Johan (1902-1975)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel III
  • J. Hoogenboezem, "H.J. Kruls. Een politieke generaal" (2010)

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

archivalia

  • persoonlijk archief in Archief ministerie van Oorlog, berustend bij het Centraal Archievendepot van het ministerie van Defensie te 's-Gravenhage
  • collectie-Kruls, Documentatie Sectie Militaire Geschiedenis van de Landmachtstaf

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

  • gehuwd te Epe, 21 oktober 1926 (huwelijk ontbonden 21 februari 1946)
  • gehuwd (tweede huwelijk) te Londen, 12 maart 1946

echtgeno(o)t(e)/partner

W.G. Jansen, Wilhelmine Gertraud

2e echtgeno(o)t(e)/partner

M.E. Dijxhoorn, Maria Elisabeth

kinderen

1 dochter (uit eerste huwelijk)

vader

J. Kruls, Johan

moeder

H.J. Overbeek, Hendrica Johanna