Mr. F. Alting Mees

F. Alting Mees
bron: Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie

Conservatief-liberaal minister en staatsraad uit een Groningse notabelenfamilie. Oefende vijfentwintig jaar de advocatenpraktijk uit in Nederlands-Indië en werd daarna directeur van de Java-bank en president van de Hogegerechtshoven in Batavia. In 1876-1877 minister van Koloniën in het conservatieve kabinet-Heemskerk/Van Lynden van Sandenburg. Kon ondanks zijn kennis en werklust niet veel tot stand brengen. Nadien zeven jaar lid van de Raad van State en vervolgens elf jaar president van de Handel-Maatschappij.

conservatief-liberaal
functie(s) in de periode 1876-1889: minister, lid Raad van State

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Fokko

titulatuur en naam

Mr. F. Alting Mees Fokko

wijziging in naam en/of titulatuur

F.A. Mees (formeel was Alting zijn tweede voornaam. Hij voegde die bij zijn achternaam. Ook zijn grootvader had Alting als tweede voornaam.)

geboorteplaats en -datum

Appingedam, 27 november 1819

overlijdensplaats en -datum

Amsterdam, 1 juni 1900

Partij/stroming

stroming(en)

conservatief-liberaal

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat te Appingedam, van 1842 tot 1845
  • advocaat te Batavia (Nederlands-Indië), van 1845 tot 1 april 1870
  • president Java-bank, van 1 april 1870 tot 1 april 1873
  • president Hoog-Gerechtshof en Hoog-Militair Gerechtshof in Nederlands-Indië, van 1 april 1873 tot 9 april 1876 (ontslag op verzoek)
  • ambteloos, van mei 1876 tot 11 september 1876
  • minister van Koloniën, van 11 september 1876 tot 3 november 1877
  • ambteloos, van 3 november 1877 tot 1 februari 1882
  • lid Raad van State, van 1 februari 1882 tot 1 maart 1889 (benoemd bij K.B. van 13 januari 1882)
  • president Nederlandsche Handel-Maatschappij, van 1 maart 1889 tot 1 juni 1900

Nevenfuncties

  • secretaris commissie herziening van het Burgerlijk Wetboek in Nederlands-Indië, 1865
  • koninklijk commissaris bij de Nederlandsche Handel-Maatschappij, van januari 1878 tot 1 maart 1889
  • voorzitter Raad van Commissarissen Nederlandsch-Indische Spoorwegmaatschappij, van 1 november 1889 tot 1 juni 1900

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid afdeling Financiën (Raad van State)
  • lid afdeling Koloniën (Raad van State)

Opleiding

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Groningen, van 19 september 1836 tot 11 juni 1842

Activiteiten

als bewindspersoon (beleidsmatig)

  • Bevorderde als minister de spoorwegaanleg in Nederlands-Indië
  • In 1876 verwierp de Eerste Kamer met algemene stemmen het door hem verdedigde wetsvoorstel nadere bepalingen omtrent het muntwezen in Nederlandsch-Indië. Hij zag af van verdere verdediging, nadat eerder een wetsvoorstel met 16 tegen 11 stemmen was verworpen over het Nederlandse muntwezen.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Dankzij zijn aandrang werd Europese handelswetgeving van toepassing verklaard op de vreemde oosterlingen in hun transacties met Europeanen
  • Door zijn initiatief is als bankpresident wijziging in octrooi van die instelling tot stand gekomen, waardoor de bank de bevoegdheid kreeg 1/3 van te groot kapitaal in schuldbrieven onder verband van onroerende goederen te beleggen
  • Werd in het conservatieve kabinet-Heemskerk/Van Lynden van Sandenburg opgenomen, hoewel hij tegenstander was van het cultuurstelsel

uit de privésfeer

  • Een broer van hem, P. Alting Mees, was burgemeester van Kloosterburen (1851-1856) en van Eenrum (1852-1856). Nadien was hij geneesheer in een krankzinnigeninstituut in Nederlandsch-Indië.
  • Zijn tweede echtgenote was een nicht (oomzegger) van hem

woonplaats(en)/adres(sen)

Batavia (Ned.-Indië), van 1845 tot 1876

ridderorden

  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 20 augustus 1870
  • Grootkruis Orde van de Eikenkroon, september 1882
  • Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, november 1899

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • "De Indische groothandel" en "De Chinese lijnwaadhandel", in: "De Economist" (1884)
  • "Observationes de mora" (dissertatie, 1842)

literatuur/documentatie

  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel VIII, 1140
  • Ned. Patriciaat, 1983

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

archivalia via site Nationaal Archief

vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

  • gehuwd te Batavia (Ned.-Indië), 14 mei 1857 (echtgenote overleden 21 april 1860)
  • gehuwd (tweede huwelijk) te Batavia, 22 juli 1873

echtgeno(o)t(e)/partner

M.P.F. van Thielen, Maria Perina Francisca

2e echtgeno(o)t(e)/partner

A.G.P. Du Cloux, Anna Gerardina Paulina

kinderen

1 zoon en 1 dochter (uit eerste huwelijk)

vader

Mr. R.Tj. Mees, Regnerus Tjaard

geboorteplaats en/of -datum

Leermens (Gr.), 13 juli 1790

moeder

M.J.C. de Revallet, Margaretha Johanna Cornelia

geboorteplaats en/of -datum

Hoogeveen, maart 1789 (gedoopt 8 maart)

beroep grootvader (vaderskant)

predikant

familierelaties