Jhr.Mr. E.J.P. van Meeuwen

E.J.P. van Meeuwen
bron: Fotoarchief Eerste Kamer

Bossche rechtsgeleerde, die in de Zuidelijke Nederlanden studeerde en daarna advocaat en procureur-generaal was. In 1846 gouverneur van Limburg, als opvolger van zijn overleden zwager. Hij was de laatste bestuurder van het hertogdom, die met recht die titel mocht voeren. Door de Provinciale Wet van 1850 werd zijn titel, net als in andere provincies, Commissaris des Konings. Na zijn aftreden, kozen de Staten van Brabant hem tot Eerste Kamerlid. In de vijf jaar dat hij dat was, nam hij steeds meer afstand van de liberalen. Zoon van een Tweede Kamerlid.

'pragmatisch' liberaal
functie(s) in de periode 1846-1871: lid Eerste Kamer, Commissaris van de Koning(in)

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Eduardus Johannes Petrus

titulatuur en naam

Jhr.Mr. E.J.P. van Meeuwen Eduardus Johannes Petrus

geboorteplaats en -datum

's-Hertogenbosch, 12 september 1802

overlijdensplaats en -datum

's-Hertogenbosch, 8 oktober 1873

levensbeschouwing

Rooms-Katholiek

Partij/stroming

stroming(en)

'pragmatisch liberaal' (tot omstreeks 1870)

Hoofdfuncties/beroepen

  • advocaat te 's-Hertogenbosch
  • substituut-officier van Justitie, rechtbank van eerste aanleg te 's-Hertogenbosch, van 1830 tot 1 oktober 1838
  • advocaat-generaal Provinciaal Gerechtshof te 's-Hertogenbosch, van 1 oktober 1838 tot 1 oktober 1845
  • procureur-generaal Provinciaal Gerechtshof te 's-Hertogenbosch, van 1 oktober 1845 tot 1 maart 1846
  • Gouverneur van Hertogdom Limburg, van 1 maart 1846 tot 1 augustus 1850
  • Commissaris des Konings in Limburg, van 1 augustus 1850 tot 10 september 1856
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 30 oktober 1856 tot 18 september 1871 (voor Noord-Brabant)
  • lid gemeenteraad van 's-Hertogenbosch, van 17 juli 1858 tot 8 oktober 1873

Nevenfuncties

  • lid Ridderschap van Noord-Brabant, vanaf 1841
  • lid collegie van bestuur der goederen en renten behorende aan de beursstichting in de voormalige stad en Meijerij van 's-Hertogenbosch, omstreeks 1862

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1859 tot december 1859
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van augustus 1860 tot september 1860
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van december 1863 tot januari 1864
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van april 1866 tot juni 1866
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van juli 1871 tot september 1871

Opleiding

academische studie

  • rechten (licentiaat), Universiteit in de Oostenrijkse Nederlanden

Activiteiten

als parlementariër

  • Behoorde in 1829 tot de zes noordelijke leden die vóór het initiatiefwetsvoorstel-Barthelémy c.s. stemden over herziening van de wet op de rechterlijke organisatie
  • Sprak vrij zelden in de Eerste Kamer, onder meer over koloniale zaken, spoorwegen en schutterijen
  • Behoorde in 1860 tot de 17 leden die vóór de (verworpen) ontwerp-wet over aanleg en exploitatie van de Noorder- en Zuiderspoorwegen stemden
  • Behoorde in 1863 tot de 14 leden die vóór de (verworpen) begroting van Buitenlandse Zaken voor 1864 stemden. De verwerping leidde tot het aftreden van minister Van der Maesen de Sombreff.
  • Stemde in 1865 tegen de ontwerp-Wet op het Geneeskundig Staatstoezicht
  • Stemde in 1869 vóór het voorstel tot afschaffing van het dagbladzegel
  • Stemde in 1870 tegen het voorstel tot afschaffing van de doodstraf
  • Behoorde in 1870 tot de meerderheid die bewerkstelligde dat de begroting van Nederlands-Indië werd verworpen, wat leidde tot het aftreden van minister De Waal

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Keerde zich in 1848 tegen de beweging die aansluiting van Limburg bij de Duitse Bond nastreefde

verkiezingen

  • Versloeg in 1856 bij de verkiezing tot Eerste Kamerlid in Provinciale Staten van Noord-Brabant in een derde stemronde A.J. Borret met 26 tegen 25 stemmen
  • Werd in 1862 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Brabant met 49 van de 53 stemmen herkozen

woonplaats(en)/adres(sen)

  • 's-Hertogenbosch, tot 1846
  • Maastricht, van 1846 tot 1856
  • 's-Hertogenbosch, vanaf 1856

ridderorden

  • Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 1846
  • Grootofficier in de Orde van de Eikenkroon, 1855

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

lid Sociëteiten Amicitia/De Zwarte Arend te 's-Hertogenbosch

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IX, 660

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te 's-Hertogenbosch, 5 mei 1836

echtgeno(o)t(e)/partner

C.Th. Hanssen, Cornelia Theresia

kinderen

4 zonen en 1 dochter

vader

Jhr.Mr. P.A. van Meeuwen, Petrus Andreas

geboorteplaats en/of -datum

's-Hertogenbosch, 27 januari 1772

moeder

R.C. Solvijns, Rosa Cornelia

geboorteplaats en/of -datum

Antwerpen, 16 september 1777

broers en zusters

1 zus

beroep grootvader (vaderskant)

bierbrouwer

familierelaties