Algemeene Bond (RKSP), RKSP
functie(s) in de periode 1921-1941: lid Tweede Kamer
Personalia
voornamen (roepnaam)
Johannes Georgius
titulatuur en naam
J.G. Suring Johannes Georgius
geboorteplaats en -datum
Veenhuizen (gem. Norg), 11 februari 1882
overlijdensplaats en -datum
Utrecht, 7 juni 1951
levensbeschouwing
Rooms-Katholiek
Partij/stroming
partij(en)
- RKSP (Roomsch-Katholieke Staatspartij), tot 22 december 1945
- KVP (Katholieke Volkspartij), vanaf 22 december 1945
Hoofdfuncties/beroepen
- onderwijzer te Rotterdam, van 1900 tot 1905
- onderwijzer R.K. lagere school "Sint Martinus" te Arnhem, van 1905 tot 1 december 1906
- onderwijzer R.K. lagere school te Dordrecht, van 1 december 1906 tot 1907
- onderwijzer, R.K. lagere school voor jongens te Vlaardingen, van 1907 tot 1910
- onderwijzer, R.K. lagere school voor jongens te Maarssen, van 1910 tot 1913
- hoofd R.K. lagere school voor jongens te Zutphen, van 1913 tot 1917
- hoofd R.K. lagere school voor jongens te Maarssen, van 1917 tot 1921
- lid Provinciale Staten van Utrecht, van 1 juli 1919 tot 1 september 1941
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 2 november 1921 tot 18 december 1941
- lid gemeenteraad van Maarssen, van 6 september 1927 tot juli 1933
- lid gemeenteraad van Utrecht, van 3 september 1946 tot 7 juni 1951
- waarnemend wethouder (van onderwijs) van Utrecht, van 17 mei 1951 tot 7 juni 1951
Partijpolitieke functies
overzicht
- voorzitter RKSP afdeling Maarssen, tot 1921
- secretaris Bond van R.K.-kiesvereenigingen, Kamerkring Utrecht, omstreeks 1928
- lid fractiebureau RKSP Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1935 tot mei 1936
- fractiesecretaris RKSP Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 mei 1936 tot 18 december 1941
lijsttrekkerschappen
- lijstaanvoerder RKSP Tweede Kamerverkiezingen 1929 (in de kieskring Utrecht)
- lijstaanvoerder RKSP Tweede Kamerverkiezingen 1933 (in de kieskring Utrecht)
Nevenfuncties
- redacteur "Het Katholieke Schoolblad" (20 jaar)
- lid bestuur Vereniging van hoofden van scholen in het bisdom Haarlem, vanaf 1908
- voorzitter Vereniging van hoofden van scholen in het aartsbisdom Utrecht
- voorzitter Kruisverbond voor drankbestrijding, aartsbidsom Utrecht
- hoofdredacteur "De Kruisbanier", vanaf 1 juli 1921
- voorzitter "Sobriëtas", federatie van R.K. diocesane bonden tot bevordering der christelijke matigheid en tot bestrijding van alcoholisme in Nederland, van mei 1925 tot mei 1939
- lid Algemeen College van Advies voor de Lichamelijke Opvoeding
- voorzitter bestuur R.K. openbare leeszaal te Utrecht
- lid bestuur Stads- en academisch ziekenhuis te Utrecht
- lid comité oprichting gedenkteken voor Mgr. Ariëns, 1928
- lid Ambtenarengerecht te 's-Gravenhage, vanaf 1 maart 1933 (nog in 1951)
- lid Staatscommissie inzake concentratie van scholen voor bijzonder lager onderwijs, van 4 februari 1936 tot 16 december 1936
afgeleide functies, presidia etc.
- voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1925 tot september 1937
- lid bijzondere commissie van onderzoek naar de affaire-Spoorhout (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van december 1933 tot mei 1935 (onduidelijke houtlevering door de N.V. Spoorhout aan de Nederlandse Spoorwegen)
- voorzitter begrotingscommissie voor hoofdstuk VI (Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen) (Tweede Kamer der Staten-Generaal) (voor 1938)
- voorzitter vaste commissie voor de Belastingen (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 5 oktober 1939 tot 18 december 1941
- voorzitter begrotingscommissie voor hoofdstuk VI (Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen) (Tweede Kamer der Staten-Generaal) (voor 1940)
- voorzitter Commissie voor de Verslag van de Staat van het Onderwijs 1939 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)
comités van aanbeveling, erefuncties etc.
erevoorzitter "Sobriëtas", vanaf mei 1939
Opleiding
opleidingen
- onderwijzersopleiding (akte L.O.), Vormschool Rotterdamsche Vereeniging voor Katholiek Onderwijs, tot 21 april 1900
Activiteiten
als parlementariër
- Was onderwijswoordvoerder van de RKSP-fractie. Hield zich ook bezig met financiën (belastingen, gemeentefinanciën) en ambtenarenzaken en voerde in 1931 het woord bij de behandeling van een wijziging van de Drankwet.
- Een door hem ingediend (en aangenomen) amendement leidde in 1935 tot de bepaling dat een onderwijzeres die huwde, ontslag diende te nemen
opvallend stemgedrag
- Stemde in 1923 met negen andere Katholieken tegen de ontwerp-Vlootwet, waardoor dit ontwerp met 50 tegen 49 stemmen werd verworpen. Dit leidde tot de ontslagaanvrage door het tweede kabinet-Ruijs de Beerenbrouck.
- Behoorde in 1925 tot de zeven leden van zijn fractie die vóór een (verworpen) initiatiefwetsvoorstel-Van der Waerden stemden over een onderzoek door de Staatscommissie inzake socialisatie naar kartelvorming
- Behoorde in 1925 tot de dertien leden van zijn fractie die (met o.a. de SDAP) tegen het initiatiefwetsvoorstel-Westerman over Franse les in het lager onderwijs stemden
- Behoorde in 1930 tot de elf leden van zijn fractie die vóór een amendement-Boon c.s. stemden dat de benoeming van vrouwen tot burgemeester of gemeentesecretaris mogelijk maakte
- Behoorde in 1932 tot de acht leden van zijn fractie die tegen een wetsvoorstel stemden over verlaging van uitkeringen aan gemeenten en provincies, ten einde tot salarisverlaging van hun ambtenaren te komen
- Behoorde in 1933 tot de negen leden van zijn fractie die tegen een wetsvoorstel over korting op pensioenen van voormalige Indische ambtenaren stemden
- Behoorde in 1934 tot de zes leden van zijn fractie die tegen de ontwerp-Wegenwet tegengaan lintbebouwing stemden
- Behoorde in 1935 tot de acht leden van zijn fractie die tegen een wetsvoorstel tot wijziging van de Pensioenwet voor spoorwegambtenaren stemden
- Behoorde in 1935 tot de acht leden van zijn fractie die tegen een wetsvoorstel over korting op pensioenen voor gewezen Indische landsdienaren stemden
- Behoorde in 1937 tot de zes leden van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel herberekening van de Indische pensioenen stemden
Wetenswaardigheden
uit de privésfeer
- Zijn moeder overleed in januari 1885 op 33-jarige leeftijd
- Nam in 1941 ontslag vanwege financiële redenen. Hij beschikte over onvoldoende kapitaal om zonder pensioen te kunnen.
- Zijn tweede echtgenote was onderwijzeres in Schiedam
verkiezingen
- Werd in 1913 in het kiesdistrict 's-Gravenhage III verslagen door J.C. Jansen (ul)
woonplaats(en)/adres(sen)
- Rotterdam, van 1899 tot 1905
- Arnhem, van 1905 tot december 1906
- Dordrecht, 1907
- Vlaardingen, van 1907 tot 1910
- Maarssen, Raadhuisstraat 16, van 1910 tot juli 1933
- Utrecht, Sweelinckstraat 1, vanaf juli 1933 (nog in 1935)
- Utrecht, Biltstraat 150bis, omstreeks 1937 (nog in 1939)
ridderorden
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 30 augustus 1929
Publicaties van/over
literatuur/documentatie
Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld (1938)
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
- gehuwd te Rotterdam, 25 november 1908 (echtgenote overleden 8 november 1939)
- gehuwd (tweede huwelijk) te Schiedam, 19 juni 1946
echtgeno(o)t(e)/partner
A.J.L. Seesink, Agatha Johanna Ludovica
2e echtgeno(o)t(e)/partner
A.J.M. Collignon, Agatha Johanna Maria
kinderen
1 dochter
vader
C.G.P. Suring, Cornelis Georgius Paulus
geboorteplaats en/of -datum
Ommerschans (gem. Stad Ommen), 1 januari 1849
beroep vader
- boekhouder rijkswerkinrichting te Norg
- adjunct-directeur strafgevangenis te Rotterdam, vanaf juli 1899
- directeur strafgevangenis te Arnhem
moeder
W. Verhagen, Wilhelmina (derde echtgenote)
geboorteplaats en/of -datum
Veenhuizen (gem. Norg), 26 april 1851
broers en zusters
1 broer
beroep grootvader (moederskant)
zaalopziener