Voormalige topambtenaar van Onderwijs, die voorzitter van het CDA, senator en lid van het Europees Parlement was. Was, na leraar te zijn geweest, lange tijd werkzaam bij het Katholiek Pedagogisch Centrum en vervolgens plaatsvervangend directeur-generaal voortgezet onderwijs. Volgde in 1987 Bukman op als partijvoorzitter, nadat hij eerder voorzitter van het CDA in Noord-Brabant was. In de Eerste Kamer hadden Europese zaken en economische zaken zijn voornaamste belangstelling. Harde werker en goede organisator, die als partijvoorzitter echter niet zo'n sprankelende presentatie had en als technocraat te boek stond. Ontwikkelde zich in het Europees Parlement tot gezaghebbend specialist op het gebied van de liberalisering van de telecommunicatiemarkt, het Europese energiebeleid, R&D beleid en de toetreding van landen uit Midden- en Oost-Europa tot de EU.
CDA
functie(s) in de periode 1987-2004: lid Eerste Kamer, lid Europees Parlement
CDA (Christen-Democratisch Appèl), vanaf 11 oktober 1980
fractie Europees Parlement
Fractie van de Europese Volkspartij (Christendemocraten) en Europese Democraten
Hoofdfuncties/beroepen
leraar Nederlands en maatschappijleer, Streekschool voor Werkende Jeugd te Nijmegen, van 1967 tot 1972
directiesecretaris KPC (Katholiek Pedagogisch Centrum) te 's-Hertogenbosch, van 1972 tot 1976
directeur ontwikkeling en planning, KPC (Katholiek Pedagogisch Centrum) te 's-Hertogenbosch, van 1976 tot 1985
plaatsvervangend directeur-generaal voor het voortgezet onderwijs, ministerie van Onderwijs en Wetenschappen, van 1986 tot 1 mei 1987
voorzitter CDA (Christen-Democratisch Appèl), van 31 januari 1987 tot 7 maart 1994
lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 23 juni 1987 tot 13 juni 1995
lid Europees Parlement, van 19 juli 1994 tot 20 juli 2004
consultant, adviesbureau Wim van Velzen Strategische EU Advisering (onder andere Senior Advisor bij Akin Gump, 1 juli 2004 tot 31 december 2006, en Covington & Burling, 1 januari 2007 tot 31 december 2016, te Brussel)
Partijpolitieke functies
vorige
secretaris commissie Wederkerend onderwijs van het Centrum voor Staatkundige Vorming van de KVP, van 1973 tot 1976
lid onderwijscommissie ter ondersteuning KVP-fractie Tweede Kamer der Staten-Generaal
voorzitter CDA Noord-Brabant, van april 1984 tot juni 1984
voorzitter werkgroep Midden- en Oost-Europa, EUCD (Europese Unie van Christen-Democraten), omstreeks 1990
voorzitter Benelux overleg Christen-Democratische partijen, van 1990 tot 1994
vicevoorzitter EVP (Europese Volkspartij), van 1991 tot 1996
president Roman Schumann Instituut te Boedapest, van 1991 tot 2006
voorzitter overleg Europese kerken met Islam (namens de EVP), van 1992 tot 2006
voorzitter EUCD (Europese Unie van Christen-Democraten), van oktober 1996 tot februari 1999
voorzitter uitbreiding EU forum te Berlijn (namens de EVP), van 1997 tot 2002
voorzitter Balkan Forum (namens de EVP), van 1998 tot 2004
vicevoorzitter EVP (Europese Volkspartij), van februari 1999 tot juli 2006
vicefractievoorzitter Europese Volkspartij (Christendemocraten) en Europese Democraten in het Europees Parlement, van juli 1999 tot juli 2004
adviseur algemeen bestuur CDA Noord-Brabant
adviseur algemeen bestuur CDA Zeeland
adviseur Commissie Buitenland van het CDA
Nevenfuncties
vorige
adviseur van de staatssecretaris van Onderwijs, van 1980 tot 1984
adviseur van de ambtelijke werkgroep onderwijsverzorging structuur, van 1982 tot 1985
voorzitter International School Improvement Project (onderwijsproject van het Centre for Educational Research and Innovation van OESO), van 1982 tot 1986
trustee of Youth for Understanding Washington DC, van 1987 tot 1990
lid bestuur Bosch medisch Centrum, van 1991 tot 1994
lid Innovatieraad Brabant, van 1995 tot 1998
lid provinciale E (Europa)-team van de provincie Noord-Brabant, van 1998 tot 2003
lid Raad van Toezicht inrichting "Spelderholt" (Philadelphia)
voorzitter European Association for people with a handicap (EAPH)
lid Raad van Toezicht Centre for Economic Research (CentER), Universiteit van Tilburg, van 2000 tot 2003
vicevoorzitter European Internet Foundation (EIF)
vicevoorzitter Europese Energie Stichting (EEF)
lid Commissie van Wijzen ICES/KIS (onderzoeksgelden afkomstig uit aardgasbaten), van 2004 tot 2008
voorzitter Rathenau Instituut, van 1 januari 2004 tot 2011
lid Raad van Toezicht Eindhoven Airport, van 2004 tot 2012
lid Raad van Toezicht Universiteit Twente, van 2004 tot 2012
lid adviesraad Koninklijke Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI), van 2005 tot 2009
lid visitatiecommissie Commissie Genetische Modificatie (COGEM), 2007
voorzitter Commissie Nationale Roadmap voor Grootschalige onderzoeksfaciliteiten, van 1 mei 2007 tot 1 maart 2008
voorzitter evaluatiecommissie European & Developing Countries Clinical Trials Partnership (EDCTP), in 2007 en 2009
voorzitter Commissie van Wijzen Kennis en Innovatie (onderzoeksprojecten uit aardgasbaten), van 1 juni 2008 tot 2012
voorzitter Commissie Taskforce Stimulering Grootschalige Onderzoeksfaciliteiten, van februari 2010 tot maart 2011
afgeleide functies, presidia etc.
lid Raadgevende Vergadering van de Raad van Europa en West-Europese Unie, van 21 maart 1990 tot 10 november 1994
voorzitter vaste commissie voor Europese Samenwerkingsorganisaties (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 25 juni 1991 tot 13 juni 1995
plaatsvervangend voorzitter vaste commissie voor Economische Zaken (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 1 februari 1994 tot 13 juni 1995
voorzitter Joint Parliamentary Committee for Poland (Europees Parlement), van 1996 tot 2000
voorzitter EU coördinatie commissie onderzoek naar kanker, van 2004 tot 2005
Opleiding
hoger beroepsonderwijs
Kweekschool voor onderwijzers "Thomas Morus" te Rotterdam
academische studie
onderwijskunde, Katholieke Universiteit Nijmegen, van 1967 tot 1972
cursussen
post doctorale cursussen, onder meer vakgroep planning en beleid, Universiteit Utrecht
meerdere cursussen over strategische beleidsvorming, management en veranderingskunde (onder andere bij GITP en NIVE)
Activiteiten
als parlementariër
Was woordvoerder buitenlandse zaken, economische zaken en Europese zaken van de CDA-Eerste Kamerfractie. Was in 1993 één van de woordvoerders van zijn fractie bij het debat over de wetsvoorstellen inzake het Verdrag van Schengen.
opvallend stemgedrag
Behoorde in 1992 tot de meerderheid van zijn fractie die tegen een wijziging van de Winkelsluitingswet (verruiming openstelling) stemde
op het gebied van de EU
Diende in september 1995 een verslag in over het Groenboek (van de Europese Commissie) inzake het energiebeleid van de Europese Unie. Bepleitte hierin onder meer dat het het toekomstige EU-energiebeleid moet voldoen aan grondslagen van duurzame ontwikkeling, open concurrentie tussen elektriciteitsbedrijven, en maximale garanties voor een stabiel aanbod; een onderzoeksprogramma naar kernenergie en nucleair afval; en een diversificatie van de energiebronnen om de langetermijn aanvoer te garanderen, bijvoorbeeld door stimulering van duurzame energie en samenwerking met Rusland en landen rond de Middellandse Zee.
Diende in november 1996 een verslag in over het Witboek (van de Europese Commissie) inzake het energiebeleid van de Europese Unie.
Diende in februari 1997 een aanbeveling in over algemene machtigingen en individuele vergunningen op het gebied van telecommunicatiediensten. Bepleitte onder meer de invoering van één enkel telecommunicatiecomité in de EU.
Diende in september 1997 een verslag in over nationale regelingen voor de kostenberekening van de universele telecommunicatiedienst.
Diende in juli en november 1997, en mei 1998 rapporten in over de nummerportabiliteit (mogelijkheid voor een abonnee om een telefoonnummer mee te nemen naar een nieuwe provider), carrierselectie en carrier-preselectie (waardoor de consument vrij kan kiezen voor een telecom-provider) naar aanleiding van een Groenboek van de Europese Commissie.
Diende in oktober 1998 een verslagen in over een meerjarenprogramma voor acties in de energiesector 1998-2002, mede in het kader van het Etap-programma (financiering van studies, analyses en prognoses) en het Sure-programma (veiligheidsaspecten van kerninstallaties en vervoer van radioactieve stoffen).
Diende in juni 2000 een rapport in over een Europees regelgevingskader voor elektronische communicatie-infrastructuur en bijbehorende diensten; het rapport ging onder meer in op de veilingen van UMTS-frequenties en marktobstakels die vrije concurrentie verhinderen.
Diende in juni 2002 een verslag in over een programma 2002-2006 voor onderzoek, technologische ontwikkeling en demonstratie in het kader van de 'Europese onderzoeksruimte' (wetgevende raadplegingsprocedure). Het rapport ging met name in op ICT, biowetenschappen, duurzame ontwikkeling, lucht- en ruimtevaart, voedselkwaliteit en nano-technologie.
Verdedigde in februari en september 2003 een gemeenschappelijk standpunt (Europees Parlement en Europese Commissie) in inzake de richtlijn voor het hergebruik en de commerciële exploitatie van overheidsdocumenten (medebeslissingsprocedure, eerste en tweede lezing).
Diende in april 2004 een verslag in over een eContent-meerjarenprogramma ter verbetering van de toegankelijkheid, het nut en de exploiteerbaarheid van digitale inhoud in Europa (medebeslissingsprocedure, eerste lezing).
Wetenswaardigheden
algemeen
Trad af als voorzitter van het CDA na kritiek op de presentatie van de plannen tot bevriezing van de AOW zoals die waren opgenomen in het CDA-verkiezingsprogramma
Werd in juli 1994 gekozen in het Europees Parlement, maar verliet de Eerste Kamer pas na de verkiezingen van 1995
ridderorden
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 28 april 1995
Officier in de Orde van Oranje-Nassau, 29 april 2005
buitenlandse onderscheidingen
Middle Cross in the Order of merit of Hungary, 1994
Commandeur dans l'Ordre de Mérit Luxembourg, 1994
Grosze Bundesverdienstkreuz Deutschland, 1994
Chevalier dans l'Ordre national de la Légion d'honneur de France, 1996
Commander Cross of the Order of Merit of the Republic of Poland, 1998
High Cross of the Order of the Romani's Star, 1999