PvdA
functie(s) in de periode 1967-2007: lid Tweede Kamer, fractievoorzitter TK, lid Eerste Kamer, minister, burgemeester van Amsterdam
Personalia
voornamen (roepnaam)
Eduard (Ed)
titulatuur en naam
Drs. E. van Thijn Eduard (Ed)
geboorteplaats en -datum
Amsterdam, 16 augustus 1934
overlijdensplaats en -datum
Amsterdam, 19 december 2021
levensbeschouwing
- Nederlands-Israëlitisch (opgevoed)
- geen godsdienst
niet-kerkelijke levensbeschouwing
humanistisch
Partij/stroming
partij(en)
PvdA (Partij van de Arbeid)
Hoofdfuncties/beroepen
- stafmedewerker WBS (Wiardi Beckman Stichting), wetenschappelijk bureau van de PvdA, van 1961 tot 23 februari 1967
- lid gemeenteraad van Amsterdam, van 4 september 1962 tot 1 september 1971
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 23 februari 1967 tot 11 september 1981
- fractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 15 mei 1973 tot 26 mei 1977
- waarnemend fractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1 juni 1977 tot 25 augustus 1977
- fractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 25 augustus 1977 tot 20 december 1977
- minister van Binnenlandse Zaken, van 11 september 1981 tot 29 mei 1982
- lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 16 september 1982 tot 16 juni 1983
- burgemeester van Amsterdam, van 16 juni 1983 tot 18 januari 1994 (benoemd bij K.B. van 20 mei)
- minister van Binnenlandse Zaken, van 18 januari 1994 tot 27 mei 1994
- procesmanager BCG (De Boer-Croon Groep), van 1995 tot 2000
- bijzonder hoogleraar ontwikkelingen in het democratisch-socialisme, in relatie tot wetenschap en samenleving, Universiteit van Amsterdam, van 1 december 1995 tot 2003 (Joop den Uyl-leerstoel, Wiardi Beckman Stichting)
- lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 8 juni 1999 tot 12 juni 2007
(in)formateurschap(pen)
- informateur, van 10 juli 1981 tot 3 augustus 1981 (samen met Lubbers en De Koning)
- kabinetsformateur, van 4 augustus 1981 tot 19 augustus 1981 (samen met J. Kremers, poging mislukt)
Partijpolitieke functies
overzicht
- lid bestuur PvdA afdeling Amsterdam-Zuid, van 1961 tot 1963
- secretaris PvdA-commissie kiezersonderzoek en presentatie, van 1961 tot 1963
- fractievoorzitter PvdA gemeenteraad van Amsterdam, van 1965 tot 1971
- lid werkgroep PvdA inzake herziening parlementair stelsel, van 1966 tot april 1967
- campagneleider PvdA Tweede Kamerverkiezingen 1967
- tweede vicefractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 29 april 1971 tot 14 maart 1972
- vicefractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 maart 1972 tot 11 mei 1973
- voorzitter commissie gezamenlijk verkiezingsprogramma PvdA-D'66-PPR (Keerpunt'72), 1972
- lid partijbestuur PvdA, van 1973 tot 1981 (c.c. als fractievoorzitter)
- lid curatorium WBS (Wiardi Beckman Stichting), van 1973 tot 1981
- lid Keerpuntbewakingsgroep PvdA, omstreeks december 1975 tot mei 1976
- lid PvdA-commissie verkiezingsprogramma 1977
- vicefractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 26 mei 1977 tot 1 juni 1977
- vicefractievoorzitter PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 december 1977 tot 11 september 1981
- lid fractiebestuur PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 15 september 1982 tot juni 1983
- voorzitter curatorium WBS (Wiardi Beckman Stichting), van april 1992 tot 1994
- covoorzitter PvdA-projectgroep integratie (samen met Mariëtte Hamer)
lijsttrekkerschappen
- lijsttrekker PvdA gemeenteraadsverkiezingen in Amsterdam, 1966 en 1970
Nevenfuncties
- voorzitter coöperatieve vereniging "De Witkar", van 1971 tot 1974
- voorzitter Stichtingsbestuur "De Beuk", van 1980 tot 1984
- lid Raad van Advies CPG (Centrum voor Parlementaire Geschiedenis), Katholieke Universiteit te Nijmegen
- columnist dagblad "Het Parool", omstreeks december 1982
- voorzitter bestuur Politie-opleidingsschool te Noord-Holland, van 1983 tot 1994
- lid Raad van Bijstand RIOD (Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie), vanaf 1 januari 1985
- lid Raad van Commissarissen N.V. Luchthaven Schiphol, van 1986 tot 1994
- voorzitter Raad van Advies Herinneringscentrum Westerbork, van 1990 tot 1999
- voorzitter externe commissie Tweede Kamer inzake verkiezing/benoemingsprocedure burgemeester, van 27 januari 1992 tot 1993
- lid bestuur Landelijk Bureau Racismebestrijding, van 1990 tot 1997
- lid EU-commissie inzake racisme en xenofobie, van 1994 tot 1998
- voorzitter ANVR (Algemeen Nederlands Verbond van Reisondernemingen), van december 1994 tot januari 2004
- lid bestuur Stichting "Het Parool" (later Stichting "Het Nieuwe Parool"), van 1995 tot 2007
- voorzitter Adviescommissie verslavingszorg, van 1995 tot oktober 1995
- lid Raad van Commissarissen AT5, van 1995 tot 2001
- voorzitter jury ECI-literatuurprijs (schrijvers van nu), van 1995 tot 2002
- lid stuurgroep "Sport, tolerance and fair play", van 2 januari 1996 tot 1999
- leider groep internationale waarnemers bij verkiezingen in Bosnië, 1996
- lid Raad van Toezicht Academisch Ziekenhuis Groningen, van maart 1996 tot 1999
- lid Raad van Toezicht Universiteit van Amsterdam, van juni 1997 tot 1999
- voorzitter Sociaal-Agogisch Centrum, van 1997 tot 2002
- lid ledenraad AFC "Ajax", van oktober 1997 tot 2007
- voorzitter Raad van Advies Public Space (Boer & Croon Groep)
- bijzonder hoogleraar tolerantie en multiculturele samenleving (Cleveringa-leerstoel), Rijksuniversiteit te Leiden, van februari 1997 tot 1998
- lid International Board, International Crisis Group, van 1997 tot 2004
- voorzitter Raad van Toezicht Stichting Vluchtelingen, vanaf juni 1997
- voorzitter Nederlandse Aviesraad van Humanity in Action, vanaf 1998
- lid Raad van Advies Public Space (Boer & Croon Groep)
- lid bestuur Stichting Amsterdam Vluchtstad
- lid bestuur Europees Waarnemingscentrum inzake racisme en xenofobie, van 1998 tot 2004
- lid Adviescollege besteding vierde tranche pool (van door Nazi-Duitsland geroofd goud), van 31 augustus 1998 tot 2000
- voorzitter Adviesraad van het Landelijk Bureau Racismebestrijding, van 1999 tot 2004
- lid Raad voor de Journalistiek, van 1999 tot mei 2007
- voorzitter WTC-Businessclub Amsterdam/Schiphol, van 2000 tot 2002
- lid Begeleidingscommissie evaluatie EK2000, 2000
- adviseur bestuurscrisis gemeente Waddinxeen, april 2003
- lid Adviescommissie grondrechten en functie-uitoefening ambtenaren, vanaf november 2004
- lid Raad van Advies Pinpoint, vanaf 2005
- voorzitter Raad van Advies Erfgoed van de Oorlog, vanaf 2007
- voorzitter Raad van Advies Eurocity, vanaf 2007
afgeleide functies, presidia etc.
- ondervoorzitter vaste commissie voor Verkeer en Waterstaat (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 29 september 1971 tot 28 mei 1973
- voorzitter bijzondere commissie voor Grond- en Kieswetzaken (vanaf 1978 voor de Grondwetsherziening) (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 1 maart 1973 tot 11 september 1981
- voorzitter vaste commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 26 juni 1973 tot 16 januari 1978
- lid parlementaire delegatie naar de Volksrepubliek China, van 18 augustus 1973 tot 28 augustus 1973
- voorzitter vaste commissie voor de betrekkingen met de Nederlandse Antillen (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 2 december 1982 tot 16 juni 1983
- plaatsvervangend lid Parlementaire Assemblée van de Raad van Europa, van 26 januari 2004 tot 4 oktober 2007
comités van aanbeveling, erefuncties etc.
erelid Nederlandse Maatschappij voor Nijverheid en Handel, departement Amsterdam
Opleiding
primair onderwijs
- Openbare lagere school te Bussum
voortgezet onderwijs
- Christelijk Lyceum te Bussum, van 1947 tot 1950
- h.b.s.-b, "Het Amsterdamsch Lyceum" te Amsterdam, van 1950 tot 1953
academische studie
- politicologie, Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 1953 tot 1961
cursussen
- cursus "Institut d'Etudes Politiques" te Parijs, van 1958 tot 1959
Activiteiten
als parlementariër
- Hield zich in de Tweede Kamer aanvankelijk en na zijn fractievoorzitterschap vooral bezig met verkeer en waterstaat en binnenlandse zaken. Was in de periode 1967-1971 tevens woordvoerder politie. Was in de jaren 1981-1983 woordvoerder Suriname.
- Interpelleerde op 4 maart 1969 minister Beernink over het standpunt van de regering over de komende partiële herziening van de Grondwet
- Diende in 1969 samen met zijn fractiegenoot Huub Franssen initiatiefwetsvoorstellen in over aanbevelingen door de gemeenteraad en Provinciale Staten bij de benoeming van resp. burgemeester en Commissaris van de Koningin. Beide voorstellen werden in 1970 door de Tweede Kamer verworpen. (10.361 & 10.362)
- Diende in 1970 samen met Anneke Goudsmit (D'66) en Jacques Aarden (Groep-Aarden) een initiatiefwetsvoorstel in om kiezers meer rechtstreekse invloed te geven op de kabinetsvorming. Het wetsvoorstel werd na verwerping van artikel II over de gekozen formateur ingetrokken. (10.993)
- Bracht in 1971 via een samen met Anneke Goudsmit (D'66), Jacques Aarden (Groep-Aarden) en Hans Wiebenga (PSP) ingediend initiatiefwetsvoorstel een verlaging van de kiesgerechtigde leeftijd van 21 naar 18 jaar tot stand. (10.579 & 11.300)
- Behoorde in 1971 tot de dertien leden van zijn fractie die vóór het wetsvoorstel Verlenging (en beëindiging) Wet premiekerkenbouw stemden
- Interpelleerde op 9 december 1971 minister Drees over de voorgenomen tariefverhoging van de Nederlandse Spoorwegen
- Interpelleerde op 12 september 1972 minister Udink over de tariefverhoging bij het openbaar vervoer
- Interpelleerde op 15 februari 1979 minister Tuijnman over de gang van zaken bij de Directie Verkeersveiligheid bij het departement van Verkeer en Waterstaat
- Interpelleerde op 14 juni 1979 minister Tuijnman over de invoering van het tarievenplan openbaar vervoer
- Was in de periode 1979-1981 één van de woordvoerders van zijn fractie in de debatten over de Grondwetsherziening (m.n. wat staatkundige vernieuwing betrof)
- Hield zich als Eerste Kamerlid vooral bezig met buitenlandse zaken (m.n. mensenrechten). Was in maart 2005 woordvoerder van zijn fractie bij het debat over het verworpen wetsvoorstel over deconstitutionalisering van de burgemeestersbenoeming.
opvallend stemgedrag
- Behoorde in 1970 tot de minderheid van zijn fractie die vóór een (verworpen) motie-Van der Spek stemde waarin om erkenning van de Democratische Republiek Vietnam (Noord-Vietnam) werd gevraagd
- Behoorde in 1971 tot de vijf leden van zijn fractie die tegen een (aangenomen) amendement-Van Schaik stemden over het in principe niet uitspreken van echtscheiding binnen een jaar na voltrekking van het huwelijk
- Behoorde in 1980 tot de minderheid van zijn fractie die vóór een Nederlandse boycot van de Olympische Spelen in Moskou was
- Behoorde in 1999 tot de vier leden van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel afschaffing van de omroepbijdrage stemden
- Behoorde in 2000 tot de meerderheid (negen leden) van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel Strafrechtelijke opvang van verslaafden stemde
- Behoorde in 2004 tot de drie leden van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel stemden tot opzegging van een ILO-verdrag inzake gelijke behandeling van eigen onderdanen en vreemdelingen met betrekking tot sociale zekerheid
- Behoorde in 2005 tot de vier leden van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek stemden
als bewindspersoon (beleidsmatig)
- Verlaagde per 1 oktober 1981 de VUT-leeftijd van 63 naar 62 jaar en bracht de financieringsregeling onder bij het ABP. Diende tevens een wetsvoorstel in om tot een centrale regeling voor de v.u.t. door overheidspersoneel te komen.
- Benoemde op 29 januari 1982 A. Peper (PvdA) tot burgemeester van Rotterdam
- Benoemde in februari 1982 in afwijking van de voordracht mevrouw M.J. Daamen-van Houte (D66) tot burgemeester van Rijswijk (Z.H.). De benoeming werd in Rijswijk sterk bekritiseerd. Door de Commissaris der Koningin was ir. M. Hardon, wethouder van Den Haag, voorgedragen.
- Benoemde in februari 1982 voor het eerst een CPN'er tot burgemeester: Hanneke Jagersma in Beerta
- Benoemde in april 1982 VVD-leider H. Wiegel tot Commissaris van de Koningin in Friesland
- Stelde in 1982 de Staatscommissie relatie kiezers-beleidsvorming (Staatscommissie-Biesheuvel) in, die onder meer moest adviseren over invoering van een correctief referendum
- Diende in 1982 de Nota intensivering inspraak bij de (her)benoeming van burgemeesters en de benoeming van Commissarissen der Koningin in
- Bracht in 1994 de Contourennota Integratiebeleid etnische minderheden uit. In deze nota worden de ontwikkelingen in het minderhedenbeleid sinds 1983 geschetst. Geconstateerd wordt dat er geen daling is geweest van het aantal migranten, maar dat hun aantal door gezinshereniging en de komst van asielzoekers zeer is gestegen. Immigratie is een blijvend verschijnsel, maar dit moet niet als schrikbeeld worden gezien. Voorkomen moet worden dat immigranten al bij voorbaat worden geproblematiseerd. Alleen bij een restrictief toelatingsbeleid is echter goede integratie mogelijk. Bij het integratiebeleid krijgen de problemen in grote steden veel aandacht, omdat er gevaar van segregatie en marginalisatie bestaat. Participatie van immigranten in het onderwijs en op de arbeidsmarkt wordt als plicht gezien, waarbij basiskennis van de samenleving en taalbeheersing centraal staan. Dit betekent niet dat de eigen normen en waarden geheel moeten worden opgegeven. Wederzijds respect van normen en waarden wordt verlangd van zowel allochtonen als autochtonen. (23.684)
- Bracht in 1994 een beleidsbrief uit over herziening van het adviesstelsel. Er moet een doorzichtiger, soberder en meer op hoofdlijnen van beleid gericht stelsel van externe adviesorganen komen. Dit moet de politieke besluitvorming versoepelen, het primaat van de politiek herstellen en het functioneren van het politieke bedrijf verbeteren. (23.725)
als bewindspersoon (wetgeving)
- Loodste in 1982 de diverse voorstellen tot Grondwetsherziening (in tweede lezing) door het parlement. De Eerste Kamer verwierp wel het door hem in tweede lezing verdedigde Grondwetsvoorstel tot invoering van een minderheidsrecht op parlementaire enquête.
- Bracht in 1994 de Wet financiële voorzieningen privatisering ABP (Wet FVP/ABP) (Stb. 302) tot stand. Hiermee werden de financiële voorwaarden geschapen voor privatisering van het ABP. Het wetsvoorstel was in 1993 ingediend door minister Dales. (23.442)
- Bracht in 1994 wetten tot herziening van het decoratiestelsel in het Staatsblad (Stbb. 350, 351, 352). Koninklijke onderscheidingen worden minder een automatisme en eremedailles worden vervangen door lidmaatschap van de Orde van Oranje-Nassau. Het wetsvoorstel was in 1988 ingediend door minister Van Dijk en in 1993 in de Tweede Kamer verdedigd door minister Dales. (20.668)
- Bracht in 1994 de Wet op de adeldom in het Staatsblad (Stb. 360), waarin het bestaande adelsrecht werd gecodificeerd; vererving van de adelstitel via de vrouwelijke lijn bleef onmogelijk. Het wetsvoorstel was in 1990 ingediend door minister Dales. (21.485)
- Bracht in 1994 samen met staatssecretaris De Graaf-Nauta de Kaderwet bestuur in verandering (Stb. 397) en een aanscherping van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Stb. 399) tot stand. Hierdoor kregen gemeenten in stedelijke gebieden de mogelijkheid provincies-nieuwe-stijl op te richten. De wetsvoorstellen waren in de Tweede Kamer met succes (mede)verdedigd door minister Dales. (23.048 & 23.139)
- Bracht in 1994 met de ministers Hirsch Ballin en Ritzen (minister van W.V.C. ad interim) de Algemene wet gelijke behandeling in het Staatsblad (Stb. 623). Met de wet wordt uitwerking gegeven aan artikel 1 van de Grondwet. Er komt een discriminatieverbod, uitgezonderd wanneer het gaat om een voorkeursbehandeling. Instellingen op godsdienstige, levensbeschouwelijke of politieke grondslag mogen wel overeenkomstig hun doelstellingen eisen stellen aan werknemers. Dit mag echter niet leiden tot onderscheid enkel op grond van ras, geslacht, seksuele geaardheid of burgerlijke staat. Een Commissie gelijke behandeling kan onderzoek instellen of gevallen voorleggen aan de rechter. Het wetsvoorstel was door de ministers Dales, Hirsch Ballin en d'Ancona door de Tweede Kamer geloodst. (22.014)
- Loodste in 1994 herzieningen van de Grondwet (in eerste lezing) door het parlement, waarbij onder meer de dienstplicht werd opgeschort. Het wetsvoorstel over herziening van de defensiebepalingen verdedigde hij samen met minister Ter Beek.
als (in)formateur
- Werd op 10 juli 1981 tot informateur benoemd om tezamen met de heren Lubbers en De Koning de mogelijkheden te onderzoeken om, met inachtneming van het tijdens de informatie van de heren Lubbers en De Koning tot dusver vastgestelde, nog resterende problemen op te lossen. Na de aanvaarding door PvdA en D66 van Van Agt als premier spitste de formatie zich toe op de verdere portefeuilleverdeling, waarover uiteindelijk overeenstemming werd bereikt. De PvdA kreeg Sociale Zaken, waaraan Werkgelegenheid in de naam werd toegevoegd om de centrale rol van het ministerie op dat vlak te benadrukken. Deze post zou worden bezet door Den Uyl, die tevens vice-premier werd. Het CDA accepteerde uiteindelijk dat Onderwijs naar de PvdA ging, waarbij er wel twee CDA-staatssecretarissen zouden komen. D66 kreeg naast Economische Zaken en Verkeer het door haar ongewenste Defensie. Op 3 augustus concludeerden de informateurs dat de afspraken tussen de fractievoorzitters over het financieel-economische beleid en defensie (m.n. de kernbewapening) voldoende basis waren voor formatie van een kabinet-Van Agt.
- Kreeg op 4 augustus 1981 samen met J. Kremers (CDA) de opdracht op basis van het op 3 augustus door de drie informateurs (Van Thijn, De Koning en Lubbers) uitgebrachte eindverslag een kabinet vormen, dat mocht vertrouwen op een zo breed mogelijke steun in de volksvertegenwoordiging. Onderhandelingen tussen de fractievoorzitters van CDA, PvdA en D66 leidden tot overeenstemming over de personele bezetting. De Koning zou zijn partijgenoot Braks vervangen op Landbouw, terwijl C.P. van Dijk op Ontwikkelingssamenwerking kwam. Van Mierlo accepteerde Defensie. PvdA en D66 stemden in met het onderhandelingsresultaat over het financieel-economische beleid. De CDA-fractie deed dat op 17 augustus in meerderheid niet (twaalf leden stemmen vóór). Een deel van de fractieleden (zestien) stemde tegen, vanwege het dreigement van fractievoorzitter Van Agt om op te stappen. Hierop besloten de formateurs hun opdracht niet te aanvaarden.
Wetenswaardigheden
algemeen
- Was in april 1971 in het alternatieve kabinet-Den Uyl/Van Mierlo/Aarden minister van Verkeer en Waterstaat
- Keerde zich in 1982 in de ministerraad met Van der Louw tegen de Spaanse toetreding tot de NAVO
- Werd een populair burgemeester van Amsterdam, onder andere door zijn optreden tijdens de vliegtuigramp in de Bijlmermeer (1993)
- Eén van de speerpunten van zijn beleid als burgemeester was de aanpak van de (drugsgerelateerde) criminaliteit. Haalde in 1987 de Groningse hoofdcommissaris van politie Erik Nordholt naar de hoofdstad. De criminaliteit in de hoofdstad daalde hierna ook aanzienlijk.
- Tijdens zijn burgemeesterschap trachtte Amsterdam tevergeefs de organisatie van de Olympische Spelen 1992 binnen te halen
- Krachtig pleitbezorger van tolerantie en bestrijder van discriminatie in de hoofdstad. Zette zich ook in voor bestrijding van het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime.
- Werd na het onverwachte overlijden van Ien Dales door PvdA-leider Wim Kok gevraagd haar op te volgen als minister, met de woorden 'We [de PvdA] hebben je nodig Ed'
- Bracht in 1994 samen met minister Hirsch Ballin een brief uit over de opheffing van het interregionaal rechercheteam Noord-Holland/Utrecht (IRT). Zij stelden de commissie-Wierenga in, die deze opheffing moest onderzoeken. Volgens de Utrechtse korpschef Wiarda was kennis bij de top van het IRT over corruptie in het Amsterdamse politiecorps daarvan de reden geweest. De Amsterdamse korpsleiding (inclusief Van Thijn zelf, inmiddels minister) noemde het gebruik van ongeoorloofde opsporingsmethoden als reden voor de opheffing. De commissie-Wierenga concludeerde op 24 maart in haar rapport dat er geen sprake was geweest van corruptie, maar constateerde tevens dat er geen verkeerde opsporingsmethoden [het gecontroleerd doorlaten van drugs] waren gebruikt (de Amsterdamse top stelde: dat klopt, maar dat kwam omdat wij het IRT hadden ontbonden). Tijdens een Kamerdebat op 7 april stelde Van Thijns collega Hirsch Ballin zich achter de bevindingingen van de commissie-Wierenga. Van Thijn verdedigde als minister zijn vroegere rol als korpsbeheerder. Probleem was onder meer dat besluitvorming over de opheffing van het IRT niet schriftelijk was vastgelegd. De Kamer verwierp een motie van afkeuring, maar dwong wel af dat 'functioneringsgesprekken' met de voormalige leiding van het IRT zouden plaatsvinden. (dossier 23.593)
- Trad op 28 mei 1994 af als minister nadat de Tweede Kamer op 26 mei een motie had aangenomen, waarin de vormgeving van nieuwe interregionale rechercheteams werd opgedragen aan een nieuw kabinet. De nieuw samengestelde Tweede Kamer - waarin de regeringsfracties CDA en PvdA hun meerderheid waren kwijtgeraakt - was in meerderheid ontevreden over de uitkomsten van de 'functioneringsgesprekken' en concludeerde bovendien dat duidelijk was geworden dat het schortte aan samenwerking tussen Hirsch Ballin en Van Thijn. Hirsch Ballin zag in aanneming van de motie direct aanleiding om zijn ontslag in te dienen. Van Thijn deed hetzelfde in de middag van 27 mei, nadat in de ministerraad was geconcludeerd dat zijn positie onhoudbaar was geworden.
- Door de afloop van het IRT-debat was voortzetting in een nieuw kabinet van zijn ministerschap, waarvan lange tijd sprake was geweest, niet langer aan de orde. Daarbij speelde verder de onthulling mee dat hij in 1987 Eric Nordholt een ruime toelage - boven het salaris van f 180.000 - had geboden om hem over te halen hoofdcommissaris van politie in Amsterdam te worden.
- Werd op 25 januari 2022 in de Tweede Kamer herdacht. Namens het kabinet sprak daarbij minister-president Rutte.
uit de privésfeer
- Was astmapatiënt
- Werd in maart 1943 samen met zijn moeder naar het doorgangskamp Westerbork gevoerd. Hij belandde in het kampziekenhuis. Zijn vader wist hen vrij te krijgen. Zijn vader wist hen ook te laten ontsnappen aan gevangenschap toen er een razzia in het Nieuw Israëlisch Ziekenhuis in Amsterdam werd gehouden.
- Zat daarna ondergedoken in Brunssum en op 18 verschillende onderduikadressen in Limburg en Overijssel (in beide provincies negen)
- Werd op het achttiende adres in Nieuwleusen verraden en belandde in januari 1945 opnieuw in Westerbork
- Werd in april 1945 door de Canadezen bevrijd
- Tijdens zijn studie was prof. Jacques Presser één van zijn hoogleraren
- In de jaren zeventig was Hedy d'Ancona zijn levenspartner
- In 1983-1990 gehuwd met PvdA-Tweede Kamerlid Eveline Herfkens
- Was bevriend met de journalist Joop van Tijn. Vanwege de bijna identieke achternaam werd soms werd gedacht dat zij broers waren.
niet-aanvaarde politieke functies
- wethouder van Amsterdam, 1970 (na de benoeming van Roel de Wit tot burgemeester van Alkmaar; wilde zijn Kamerlidmaatschap niet verruilen voor het wethouderschap)
woonplaats(en)/adres(sen)
- Amsterdam, IJsselstraat, vanaf 16 augustus 1934
- Amsterdam, Hunzestraat, tot 1940
- Bussum
- Amsterdam, vanaf 1950
- Amsterdam, Prins Hendriklaan 42, omstreeks 1967
- Amsterdam, Stichtstraat 43, omstreeks 1969 (nog in 1971)
- Amsterdam-Nieuwendam, IJperveldstraat 50, omstreeks 1972 (nog in 1977)
- Amsterdam, Amstel 274, omstreeks 1979
- Amsterdam, Michelangelostraat 105
- Amsterdam, Barth. Ruloffsstraat 19-II, omstreeks 1996
- Amsterdam, Van Breestraat 133, omstreeks 1999 (nog in 2007)
ridderorden
- Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 27 april 1979
- Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, 9 september 1982
- Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau, 8 oktober 1994
overige onderscheidingen en prijzen
gouden medaille stad Amsterdam
verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
- lid Amsterdamsch Studentencorps (tijdens studie)
- lid NVSH (Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming)
- lid Kring voor Wetenschap der Politiek
- lid vereniging Oud-Nereus (roeide zelf bij "Nereus")
- lid Amsterdamse Universiteitsvereniging
- lid Liberaal Joodse Gemeente (op latere leeftijd)
hobby's
- roeien (wedstrijdroeier)
- basketball (was actief als speler)
- voetbal (supporter van Ajax)
- wielersport
- toneel
Publicaties van/over
lijst van publicaties
- "Dagboek van een onderhandelaar. 25 mei - 11 november 1977" (1978)
- "De dorpelingen van Innocento" (misdaadroman samen met Peter Brusse, 1981)
- "De PvdA geprovoceerd (1960-1970)", in: J. Bank en S. Temming, "Van brede visie tot smalle marge. Acht prominenten over de SDAP en de PvdA" (1981)
- "Democratie als hartstocht. Commentaren en pleidooien" (1991)
- "Retour Den Haag. Dagboek van een minister" (1994)
- "Nog één nacht slapen" (1995)
- "Stemmingen in Sarajewo. Dagboek van een waarnemer" (1997)
- "Politiek en bureaucratie: baas boven baas" (oratie, 1997)
- "Ons kostelijkste cultuurbezit: over tolerantie, non-discriminatie en diversiteit" (1997)
- "De Sorry-democratie. Recente politieke affaires en de ministeriële verantwoordelijkheid" (met anderen, 1998)
- "Het Verhaal" (1999)
- "Publieke zaken" (2001)
- "18 adressen" (2004)
- "BM. Een burgemeester over zijn ambtsperiode in de lastigste stad van ons land: persoonlijke herinneringen, anekdotes en overpeinziningen" (2003)
- "Judica/Judy" (2006)
- "Kroonprinsenleed. Machtswisselingen in de politiek" (2008)
- "De formatie" (2010)
- "Blessuretijd. Dilemma's van een joods politicus" (2012)
- diverse artikelen in "Socialisme en Democratie"
- diverse artikelen in "Acta Politica"
literatuur/documentatie
- F. van der Molen, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1970)
- Joop van Tijn en Max van Weezel, "Ed van Thijn: ' Ik vrees dat de neiging tot koppensnellen in de partij niet overal effectief onderdrukt zal worden'", Vrij Nederland, 3 april 1982
- Willem Breedveld, " Dynamische man die het tempo kan bij houden", Trouw, 21 mei 1983
- Guikje Roethof, " De Eenmanszaak van Ed van Thijn", Intermagazine, maart 1989
- Jos van den Camp, " 'Ik ga terug om te zien..'", Limburgs Dagblad, 6 mei 1989
- Wilco Boom, "De hartstocht van Van Thijn", Algemeen Dagblad, 1 november 1991
- "Voetstappen op het plein", HP/De Tijd, 1 november 1991
- Mark Kranenburg, "Burgemeester Ed van Thijn en de liefde voor het politieke handwerk", NRC Handelsblad, 16 oktober 1993
- Daniela Hooghiemstra, "Van Thijn blijft 'een Hansje in bessenland'", NRC Handelsblad, 3 maart 1997
- W. van Bennekom, "Ed van Thijn. Leven als opdracht" (2018)
- Marcel Wiegman, "Ed van Thijn (1934-2001) loodste Amsterdam als burgemeester door krakersrellen en crises", Het Parool, 19 december 2021
- Wilfred van der Bles, "Ed van Thijn; een man met een missie", Trouw, 20 december 2021
- Bas Blokker, "Door dadendrang gedreven, door twijfel getemperd", NRC Handelsblad, 20 december 2021
- Hans Wiegel "Bij het overlijden van Ed van Thijn (1934-2021). Persoonlijke herinneringen aan een vriendschap", in: Jaarboek Parlementaire Geschiedenis 2022, 147-149
archivalia via site Nationaal Archief
vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief
Familie/gezin
huwelijk/samenlevingsvorm
- gehuwd te Arnhem, 16 december 1961 (huwelijk ontbonden)
- ongehuwd samenwonend, omstreeks 1977 (met Hedy d'Ancona)
- gehuwd (tweede huwelijk) te 's-Gravenhage, 4 maart 1983 (huwelijk ontbonden november 1990)
- gehuwd (derde huwelijk) te Amsterdam, 3 april 1992
echtgeno(o)t(e)/partner
Mr. J.W. Hofman, Johanna Wilhelmina (Hanneke)
2e echtgeno(o)t(e)/partner
Drs. H. d' Ancona, Hedy
3e echtgeno(o)t(e)/partner
Mr. E.L. Herfkens, Eva Leonie (Eveline)
4e echtgeno(o)t(e)/partner
O. Taminiau, Odette
kinderen
2 dochters (uit eerste huwelijk)
vader
S. van Thijn, Salomon
geboorteplaats en/of -datum
Amsterdam, 2 juli 1909
beroep vader
textielgrossier
moeder
S. Swart, Selma
geboorteplaats en/of -datum
Amsterdam, 9 januari 1911
beroep grootvader (vaderskant)
diamantarbeider
beroep grootvader (moederskant)
- eigenaar fourniturenwinkel
- los arbeider in de diamantindustrie