Dr. H.M. Hirschfeld

H.M. Hirschfeld

Topambtenaar van het ministerie van Handel, Nijverheid en Scheepvaart en vanaf mei 1940 ook op Landbouw. Doorliep een carrière in het bankwezen, waarbij hij onder meer in Nederlands-Indië terecht kwam. Speelde als waarnemend secretaris-generaal een belangrijke rol bij het bestuur van het economisch leven tijdens de bezetting. Genoot ondanks zijn deels Joodse afkomst veel vertrouwen bij de Duitsers en betoonde zich een bekwaam, vindingrijk onderhandelaar. Was niet fout, maar had wel moeite een juiste houding te vinden jegens de bezetter en had bovendien weinig begrip voor het verzet. Daar tegenover stond zijn verdienste dat hij het productieapparaat en de voedselvoorziening zo goed mogelijk in stand had weten te houden. Blijft daarom een controversiële figuur over wie historici polemiseren.

functie(s) in de periode 1940-1946: secretaris-generaal

Inhoud

  1. Personalia
  2. Hoofdfuncties/beroepen
  3. Nevenfuncties
  4. Opleiding
  5. Wetenswaardigheden
  6. Publicaties van/over
  7. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Hans Max

titulatuur en naam

Dr. H.M. Hirschfeld Hans Max

geboorteplaats en -datum

Bremen, 29 mei 1899

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 4 november 1961

levensbeschouwing

Evangelisch Luthers (gedoopt)

Hoofdfuncties/beroepen

  • medewerker "Rotterdamsche Bank" te Rotterdam, vanaf 1920
  • medewerker "Rotterdamsche Bank" te Amsterdam, tot 1925
  • chef economisch-statistische Afdeling "Javasche Bank" te Batavia, van 1925 tot 31 december 1932
  • directeur-generaal Handel en Nijverheid, ministerie van Economische Zaken en Arbeid, van 1 januari 1932 tot 1940
  • waarnemend secretaris-generaal ministerie van Handel, Nijverheid en Scheepvaart, van 8 mei 1940 tot 1 januari 1947 (eervol ongevraagd ontslag 10 mei 1946, ongedaan gemaakt bij K.B. van 8 november 1946)
  • waarnemend secretaris-generaal ministerie van Landbouw, van 24 mei 1940 tot 1 januari 1947
  • regeringscommissaris Economisch en Militair Hulpprogramma, van 1 januari 1947 tot 15 oktober 1952
  • Hoge Commissaris te Djakarta, van 14 december 1949 tot juli 1950 (ambtstitel: buitengewoon en gevolmachtigd minister)

Nevenfuncties

  • lid Nationaal Faculteitsbestuur, vanaf november 1920
  • lid Nederlandse delegatie economische en monetaire conferentie, 1933
  • voorzitter Nederlandse delegatie onderhandelingen met Duitsland
  • vicevoorzitter comité economique Volkenbond, van 1933 tot 1940
  • lid commissie van advies inzake economische samenwerking tussen Nederland en Nederlands-Indië, vanaf mei 1936
  • lid Nederlandse delegatie conferentie van Oslo-staten, van 1937 tot 1938
  • voorzitter Raad van Bestuur Maatschappij voor industrie-financiering
  • lid Economische Defensieraad, van september 1938 tot mei 1940
  • voorzitter Raad van Toezicht Nederlands Clearinginstituut, omstreeks 1939
  • regeringscommissaris bij Maatschappij ter behartiging der Nederlandse scheepvaartbelangen
  • lid Raad van Commissarissen "Rotterdamsche Bank"
  • lid Raad van Commissarissen "Holland-Amerika Lijn"
  • lid Raad van Commissarissen "Ph. van Ommeren"
  • lid Raad van Commissarissen KPM (Koninklijke Pakket Mij.)
  • lid Raad van Commissarissen KJCP-lijnen
  • lid Raad van Commissarissen Philips' Gloeilampenfabrieken
  • lid Raad van Commissarissen HVA
  • lid Raad van Commissarissen "Koninklijke Zoutindustrie"
  • lid Raad van Commissarissen "Nederlandse Soda-industrie"
  • adviseur Raad van Bestuur Unilever N.V.
  • lid College van Curatoren Nederlandse Economische Hogeschool te Rotterdam, van 1952 tot 1961
  • voorzitter NGIZ (Nederlands Genootschap voor Internationale Zaken)
  • lid arbitragecommissie Benelux, vanaf 1953
  • voorzitter College van Curatoren en lid bestuur Stichting Reactor Centrum Nederland, van juli 1955 tot 22 december 1958

Opleiding

voortgezet onderwijs

  • Hogere Burgerschool te Rotterdam

academische studie

  • economie, Nederlandsche Handels-Hoogeschool te Rotterdam, tot 1920

promotie

  • handelswetenschap, Nederlandsche Handels-Hoogeschool te Rotterdam, 15 december 1922

Wetenswaardigheden

uit de privésfeer

  • Zijn zuster Else vergezelde hem op zijn reizen en verzorgde zijn huishouden
  • Zijn vader was houder van een scheepvaartkantoor te Rotterdam

ridderorden

Grootkruis Orde van Oranje-Nassau, 17 oktober 1952

Publicaties van/over

lijst van publicaties

"Het ontstaan van het moderne bankwezen in Nederland" (dissertatie, 1922)

literatuur/documentatie

  • G.M.T. Trienekens, "Hirschfeld, Hans Max (1899-1961)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel I, 242
  • A. van der Zwan, "H.M. Hirschfeld - in de ban van de macht" (2004)
  • M. Fennema en J. Rhijnsburger, "Dr. Hans Max Hirschfeld. Man van het grote geld" (2007)
  • Stephan Steinmetz, "De tien van Den Haag - Topambtenaren tijdens de bezetting" (2025)

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

ongehuwd

vader

M.L.M. Hirschfeld, Mendel Leib Max (voornaam gewijzigd in Max bij vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Rotterdam van 19 april 1912)

geboorteplaats en/of -datum

Jekabpils (Jacobstadt), 14 februari 1869

moeder

C.D.J. Schaper, Clara Dorothea Julie

geboorteplaats en/of -datum

Hannover, 27 juni 1875