Dr. D. (David) van Embden

D. van Embden
bron: Fotoarchief Eerste Kamer

Amsterdamse hoogleraar economie die in het interbellum de vrijzinnig-democratische fractie in de Eerste Kamer leidde. In zijn partij één van de voornaamste antimilitaristische woordvoerders. Bleef vasthouden aan het ontwapeningsstreven, ook nadat zijn partij dat standpunt al prijs had gegeven. Zijn opvatting was gebaseerd op religieuze motieven (hij was remonstrants). Als economisch deskundige debatteerde hij in de Eerste Kamer regelmatig met onder meer Wibaut over socialisatie. Bescheiden en begaafde wetenschapper, met grote muzikale en literaire belangstelling.

VDB, PvdA
functie(s) in de periode 1918-1946: lid Eerste Kamer, fractievoorzitter EK

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

David (David)

titulatuur en naam

Dr. D. van Embden David (David)

geboorteplaats en -datum

's-Gravenhage, 22 oktober 1875

overlijdensplaats en -datum

Amsterdam, 14 februari 1962

levensbeschouwing

Remonstrants, vanaf 1905 (na zijn huwelijk)

Partij/stroming

partij(en)

  • VDB (Vrijzinnig-Democratische Bond), tot 9 februari 1946
  • PvdA (Partij van de Arbeid), van 9 februari 1946 tot 14 februari 1962

Hoofdfuncties/beroepen

  • bezoldigd medewerker Vrijzinnig-Democratische Kamerclub, Tweede Kamer der Staten-Generaal, tot 1 januari 1906 (gedurende enige jaren)
  • hoogleraar staathuishoudkunde en statistiek, Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 1 januari 1906 tot 15 mei 1940 (benoemd 29 november 1905; door Duitse bezetter ontslagen)
  • lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 6 juli 1910 tot 5 juli 1916 (voor het kiesdistrict Amsterdam VIII)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 19 november 1918 tot 23 juli 1946 (in 1918-1923 voor Noord-Holland)
  • fractievoorzitter VDB Eerste Kamer der Staten-Generaal, van september 1923 tot 9 januari 1946
  • hoogleraar staathuishoudkunde en statistiek, Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 7 mei 1945 tot 17 september 1945 (alleen formeel, was feitelijk niet meer actief)

Partijpolitieke functies

overzicht

  • lid bestuur VDB afdeling Amsterdam IV
  • secretaris VDB, van 1903 tot 1 juli 1905
  • lid redactie VDB-blad "Vrijzinnig-Democraat"
  • voorzitter VDB afdeling Amsterdam IV, omstreeks 1910
  • secretaris VDB, van 1919 tot 1924
  • secretaris VDB, van 1926 tot 1929
  • lid VDB-commissie over herziening van het defensiestandpunt, 1935
  • lid VDB-studiecommissie Nederland en de internationale verhoudingen, vanaf juni 1937
  • lid bestuur PvdA afdeling Amsterdam-Oost

Nevenfuncties

  • lid redactie studentenweekblad "Minervae"
  • redacteur "Sociaal Weekblad", van 1 oktober 1905 tot 29 november 1905
  • voorzitter Gemeentelijk Scheidsgerecht te Amsterdam, van 1906 tot 1911
  • voorzitter Scheidsgerecht personeel Nederlandse Spoorwegen
  • lid Hoge Raad van Arbeid, van 1920 tot 1940
  • rector magnificus Gemeentelijke Universiteit van Amsterdam, van 1929 tot 1930
  • lid Staatscommissie inzake toezicht op particuliere banken (Staatscommissie-De Geer), vanaf 7 maart 1937

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van februari 1922 tot maart 1922
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 18 december 1923 tot 19 maart 1924

Opleiding

primair onderwijs

  • Nutsschool te '-Gravenhage

voortgezet onderwijs

  • Gymnasium Haganum te 's-Gravenhage, tot juli 1894

academische studie

  • staatswetenschappen (gepromoveerd op dissertatie), Gemeentelijke Universiteit te Amsterdam, van 1894 tot 11 december 1901 (cum laude)

Activiteiten

als parlementariër

  • Hield zich in de Eerste Kamer vooral bezig met buitenlandse zaken en defensie. Daarnaast hadden ook sociale zaken, koloniën en economische zaken zijn belangstelling.
  • Interpelleerde op 22 december 1921 minister König over de afschaffing van de postvrijdom

opvallend stemgedrag

  • Stemde in 1920 tegen het wetsvoorstel Nadere voorzieningen tegen revolutionaire woelingen
  • Stemde in 1925 als enige van zijn fractie vóór het (verworpen) initiatiefvoorstel-Rutgers over de plaatselijke keuze in de Drankwet
  • Stemde in 1925 als enige van zijn fractie vóór een (verworpen) wetsvoorstel om gewetensbezwaren tegen de stemplicht mogelijk te maken
  • Stemde in 1927 als enige van zijn fractie vóór het (verworpen) wetsvoorstel tot goedkeuring van het Verdrag met België
  • Stemde in 1933 samen met Kranenburg tegen een wetsvoorstel over de bevoegdheid van het rijk om te korten op de salarissen van gemeenteambtenaren

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Werd in 1937 pas op 21 september beëdigd
  • Warm pleitbezorger van nationale ontwapening. Dit ontwapeningsstreven werd in belangrijke mate beïnvloed door het sterk ethische karakter van zijn godsdienstige overtuigingen. Hij voerde openbare debatten met onder meer generaal Snijders.
  • Vertrok in de nacht van 13 op 14 mei 1940 via IJmuiden naar Engeland en verbleef daar gedurende de gehele bezetting.

uit de privésfeer

  • Deed zijn doctoraal examen bij prof. P.W.A. Cort van der Linden
  • Promoveerde bij prof. M.W.F. Treub, wiens opvolger hij ook was

verkiezingen

  • Versloeg in 1918 bij een tussentijdse verkiezing van een Eerste Kamerlid in Provinciale Staten van Noord-Holland in de derde stemmingsronde D.P.D. Fabius (arp) met 48 tegen 18 stemmen. Na de tweede stemmingsronde was C. Pothuis-Smit (sdap) afgevallen.
  • Werd in 1919 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland met 37 van de 76 stemmen herkozen
  • Versloeg in 1922 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland in de tweede stemmingsronde J. Douwes (arp) met 38 tegen 32 stemmen
  • Werd in 1923, 1929, 1935 en 1937 gekozen door Groep III: Noord-Holland en Friesland

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Amsterdam, Prins Hendrikkade 171, omstreeks 1923 (nog in 1955)
  • Londen, vanaf mei 1940
  • Shropshire (Wales), van 1944 tot 1941
  • Cambridge, van 1941 tot 1945
  • Amsterdam, vanaf 1945

ridderorden

Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 30 augustus 1926

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

lid Amsterdamsch Studentencorps

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • "Darwinisme en Democratie. Maatschappelijke vooruitgang en de hulp aan het zwakke" (dissertatie, 1901)
  • "De werkkring van de groot-ondernemingen" (oratie, 1906)
  • "De oorlog en het kapitalisme" (1914)
  • "Het socialisatierapport der SDAP" (1921)
  • "Nationale ontwapening of volksverdelging" (1924)
  • "Onze bewapening trekt den oorlog aan" (1928)
  • "De immoraliteit der landsverdediging" (1930)
  • "Waarom nationale ontwapening geboden is?" (1933)
  • "Het plan van de arbeid. Een zinsbegoocheling ..." (1936)

literatuur/documentatie

  • O. Vries, "Embden, David van (1875-1962)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel I, 171
  • H. van Felius en H.J. Metselaars, "Noordhollandse Statenleden 1840-1919"
  • Persoonlijkheden in het Koninkrijk der Nederlanden in woord en beeld (1938)
  • Wie is dat? 1956

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

archivalia

archief-Van Embden, Gemeentearchief Amsterdam

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te 's-Gravenhage, 7 september 1905

echtgeno(o)t(e)/partner

H.M.H. de Ridder, Henriëtte Helena Maria

kinderen

2 zoons en 1 dochter

vader

A.M. van Embden, Arnold Moritz

geboorteplaats en/of -datum

Zwolle, 20 oktober 1840

beroep vader

ijzerhandelaar

moeder

A. Fortuin, Antje (tweede echtgenote van vader)

geboorteplaats en/of -datum

Zutphen, 20 september 1844

beroep grootvader (vaderskant)

ijzerhandelaar

beroep grootvader (moederskant)

koopman

familierelaties