A.E. Reuther

A.E. Reuther
bron: Maritiemmuseum Den Helder

Kundige conservatieve katholieke officier, die in het kabinet-Van Lynden van Sandenburg minister van Oorlog was en nadien Tweede Kamerlid. Vooral specialist in geschutszaken. Loodste het plan voor aanleg van de Stelling van Amsterdam door het parlement. Als Kamerlid gewaardeerd vanwege zijn rustige optreden en enkele malen tweede en derde kandidaat voor het voorzitterschap van de Kamer. Verscheen, hoewel hij officier was, in de Kamer in burgerkleding

conservatief (katholiek), Bahlmanniaan ('Centrum')
functie(s) in de periode 1879-1889: lid Tweede Kamer, minister

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Anthonie Ernst

titulatuur en naam

A.E. Reuther Anthonie Ernst

geboorteplaats en -datum

's-Gravenhage, 16 mei 1819

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 27 april 1889

levensbeschouwing

Rooms-Katholiek

Partij/stroming

stroming(en)

R.K. (Rooms-Katholieken) (conservatief)

Hoofdfuncties/beroepen

  • onderofficier (korporaal), van 1835 tot 1836
  • onderofficier (sergeant), van 1836 tot 1839
  • tweede luitenant der artillerie, vanaf 1839
  • officier Staf der artillerie, bij de Artilleriestapel en Constructiemagazijnen te Delft, van 1846 tot 1848
  • missie in Zweden: beproeven van geschut, van 1848 tot mei 1850
  • inspecteur der draagbare wapens, van mei 1850 tot januari 1853
  • opzichter geweerwinkel te Delft, van januari 1853 tot maart 1860
  • hoofd wapenkeuringscommissie te Maastricht, van maart 1860 tot augustus 1864
  • lid commissie van proefneming te Frankrijk en Engeland, van 1868 tot april 1871
  • voorzitter commissie van proefneming, van 1 mei 1871 tot 1 mei 1878
  • sous-chef afdeling artillerie, ministerie van Oorlog, van 1 mei 1878 tot 20 augustus 1879
  • minister van Oorlog, van 20 augustus 1879 tot 23 april 1883
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 juni 1883 tot 11 oktober 1884 (voor het kiesdistrict Nijmegen)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 17 november 1884 tot 18 mei 1886 (voor het kiesdistrict Nijmegen)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juli 1886 tot 17 augustus 1887 (voor het kiesdistrict Nijmegen)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1887 tot 27 maart 1888 (voor het kiesdistrict Nijmegen)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1 mei 1888 tot 27 april 1889 (voor het kiesdistrict Nijmegen)

officiersrangen

  • tweede luitenant der artillerie, van 1 juni 1839 tot 15 september 1852
  • eerste luitenant der artillerie, van 15 september 1852 tot 15 maart 1860
  • kapitein der artillerie, van 15 maart 1860 tot 1 mei 1871
  • majoor der artillerie, van 1 mei 1871 tot 1 oktober 1874
  • luitenant-kolonel der artillerie, van 1 oktober 1874 tot 1 november 1876
  • kolonel der artillerie, van 1 november 1876 tot 15 juni 1880
  • generaal-majoor der artillerie b.d., vanaf 15 juni 1880

Partijpolitieke functies

overzicht

  • lid bestuur R.K.-Kamerclub, Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1888 tot 1889

Nevenfuncties

  • lid Staatscommissie ter voorbereiding van de dienstplichtwet (Staatscommissie-Bergansius), van 10 juni 1888 tot mei 1890
  • lid commissie voor het stichten eener woning met huiskapel voor de pauselijke internuntius te 's-Gravenhage, 1889

afgeleide functies, presidia etc.

voorzitter Commissie van Rapporteurs voor hoofdstuk VIII (Oorlog) 1887 (Tweede Kamer der Staten-Generaal)

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak als Tweede Kamerlid vrijwel uitsluitend over militaire zaken en over de marine. Speelde echter tevens bij de grondwetsherziening 1887 een belangrijke rol bij de discussies over het kiesrecht.
  • Stemde in 1887 bij de grondwetsherziening tegen alle hoofdstukken

als bewindspersoon (beleidsmatig)

  • Wijzigde in 1881 de samenstelling van het leger, waarbij er drie in plaats van vier divisies kwamen. In oorlogstijd zou een overkoepelend commando voor het veldleger worden ingesteld.
  • Kreeg in 1881 goedkeuring voor zijn plan voor de bouw van de Stelling van Amsterdam. Hij koos voor een ring van forten die liep van Edam via Uitgeest en Beverwijk en Spaarndam naar Hoofddorp om uit te komen in Abcoude en Weesp. Voor de verdediging van het Noordzeekanaal werden forten gepland bij IJmuiden en Velsen. De daadwerkelijke bouw liet nog enige jaren op zich wachten.
  • Verbeterde de uitrusting van het leger door de aanschaf van nieuw geschut, extra pioniersschoppen en voertuigen voor verzorging en verpleging.
  • Diende in 1881 samen met de ministers Heemskerk en Van Erp Taalman Kip een wetsvoorstel in over de defensie-organisatie, waarbij een belangrijke rol was voorzien voor de schutterij. De plaatsvervanging bij het leger bleef in dit voorstel gehandhaafd. Het wetsvoorstel werd in 1883 ingetrokken.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Was adviseur geweest op het gebied van artillerie van minister Weitzel
  • Werd in oktober 1884, september 1885 en in mei en september 1888 als tweede op de voordracht voor het Tweede Kamervoorzitterschap gezet
  • Werd in juli 1886 en september 1887 als derde op de voordracht voor het Tweede Kamervoorzitterschap gezet

verkiezingen

  • Versloeg in 1883 bij een tussentijdse verkiezing in 1884 en bij de algemene verkiezingen in het district Nijmegen mr. W.J.J.G. Most
  • Versloeg in 1886 de liberalen M.A. van Roggen en J.G. Gleichman
  • Versloeg in 1887 de liberalen H. Goeman Borgesius en H.C. Verniers van der Loeff
  • Versloeg in 1888 J. de Koning (lib.)

ridderorden

  • Officier in de Orde van de Eikenkroon, 1859
  • Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw

militaire dienst

  • kanonnier Korps Nationale Militie, van september 1834 tot 1839

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • Castoretpollux, "In de Tweede Kamer. Portretten" (1881)
  • G.A.M. Beekelaar, "Reuther, Anthonie Ernst (1819-1889)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel III, 485

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

  • gehuwd te Overschie, 15 oktober 1847 (echtgenote overleden 31 oktober 1849)
  • gehuwd (tweede huwelijk) te Delft, 11 januari 1854

echtgeno(o)t(e)/partner

F.Ch.M. List, Francisca Christine Marianne

2e echtgeno(o)t(e)/partner

A.A.B.H. Camp, Adriana Antonia Barbara Helena

kinderen

3 zoons en 2 dochters (uit tweede huwelijk)

vader

J.P. Reuther, Jan Pieter

geboorteplaats en/of -datum

Maastricht, 1773

beroep vader

  • officier
  • ambtenaar ministerie van Oorlog

moeder

M.L. Papon, Marguerite Louise

geboorteplaats en/of -datum

Bourges (Frankrijk) (omstreeks 1788)

familierelaties