A.C. de Bruijn

A.C. de Bruijn
bron: Fotoarchief Eerste Kamer

Katholieke vakbondsbestuurder en politicus in het midden van de twintigste eeuw. Metaalbewerker, die carrière maakte in de katholieke vakbeweging. Was jarenlang voorzitter van het Rooms-Katholieke Werknemersverbond en Eerste Kamerlid. Werd in 1952 minister voor Publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie in het derde kabinet-Drees. Groot voorstander van publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie, maar kon als minister op dat terrein minder tot stand brengen dan hij had gewenst. Strijdbaar, maar realistisch vakbondsbestuurder en politicus, die kritisch stond tegenover de politiek van Colijn.

RKSP, KVP
functie(s) in de periode 1929-1956: lid Eerste Kamer, minister

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Partijpolitieke functies
  5. Nevenfuncties
  6. Opleiding
  7. Activiteiten
  8. Wetenswaardigheden
  9. Publicaties van/over
  10. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Adrianus Cornelis

titulatuur en naam

A.C. de Bruijn Adrianus Cornelis

opmerkingen over de naam en/of titel

in de vakbond werd hij 'A.C.' genoemd

geboorteplaats en -datum

Utrecht, 5 november 1887

overlijdensplaats en -datum

's-Gravenhage, 19 september 1968

levensbeschouwing

Rooms-Katholiek

Partij/stroming

partij(en)

  • RKSP (Roomsch-Katholieke Staatspartij), tot 22 december 1945
  • KVP (Katholieke Volkspartij), vanaf 22 december 1945

Hoofdfuncties/beroepen

  • metaalbewerker
  • voorzitter propagandaclub, R.K. Metaalbewerkersbond te Amsterdam, van 1904 tot 1914
  • secretaris R.K. Metaalbewerkersbond, van 1914 tot 1917
  • voorzitter R.K. Metaalbewerkersbond, van 1917 tot 1918
  • algemeen secretaris, Bureau voor de R.K. Vakorganisatie, van 1918 tot 1 januari 1925
  • lid gemeenteraad van Utrecht, van 1 september 1919 tot 2 september 1923
  • voorzitter RKWV (Roomsch-Katholiek Werkliedenverbond), van 1 januari 1925 tot 24 juli 1941 (ontstaan door fusie Bureau R.K. Vakorganisatie en Federatie der diocesane R.K. Volks- en Werkliedenbonden)
  • lid Provinciale Staten van Utrecht, van 5 juli 1927 tot 17 september 1929
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 17 september 1929 tot 2 september 1952
  • voorzitter KAB (Katholieke Arbeiders Beweging), van mei 1945 tot 1 september 1952
  • minister zonder portefeuille, minister voor Publiekrechtelijke Bedrijfsorganisatie, van 2 september 1952 tot 13 oktober 1956

gevangenschap/internering

geïnterneerd gijzelaarskamp te Sint-Michielsgestel, van 4 mei 1942 tot 30 mei 1942 (na 'gelijkschakeling' van de vakbeweging)

takenpakket (minister)

  • Was als minister belast met: a. de zorg voor de bevordering van de totstandkoming van bedrijfslichamen, met name productschappen, hoofdbedrijfschappen en bedrijfschappen. Die taak omvatte tevens de samenstelling en inrichtingen van deze lichamen; b. de zorg voor de bevordering van de productiviteit van het gehele Nederlandse bedrijfsleven; c. de zorg voor de bezitsvorming; d. in overleg met de minister van Economische Zaken een deel van de bemoeiingen met concrete kartelvraagstukken

Partijpolitieke functies

overzicht

  • lid dagelijks en partijbestuur RKSP, van 1926 tot 1939
  • lid dagelijks bestuur en partijbestuur van de KVP, van 1946 tot 1952

Nevenfuncties

  • medewerker diverse vakbondsbladen
  • lid Hoge Raad van Arbeid, van 1920 tot 1940
  • lid Centrale Commissie van Bijstand voor de Arbeidsbemiddeling, omstreeks 1920 en nog in 1928
  • curator Emigratie Centrale Holland, vanaf 1924
  • lid comité oprichting gedenkteken voor Mgr. Ariëns, 1928
  • lid Kerncommissie-Middenstand, Bedrijfsradenwet, omstreeks 1938
  • lid Permanente Commissie der Rijksverzekeringsbank, omstreeks 1938
  • lid Nationale Advies Commissie (adviescollege voor de samenstelling van de Voorlopige Staten-Generaal), van 20 juli 1945 tot november 1945
  • lid Centrale Zuiveringsraad voor het bedrijfsleven, vanaf november 1945
  • lid Stichting van de Arbeid, van 1945 tot 2 september 1952
  • lid Raad van Toezicht Rijksverzekeringsbank, omstreeks 1946
  • lid bestuur Sint Radboudstichting, van 1946 tot 1952
  • lid commissie inzake PBO (commissie-Van de Ven), van 24 januari 1947 tot 1 maart 1948
  • lid SER (Sociaal-Economische Raad), van juli 1950 tot 2 september 1952
  • lid bestuur ICV (Internationaal Christelijk Vakverbond)
  • lid adviesraad militaire produktie, van maart 1951 tot september 1952

Opleiding

voortgezet onderwijs

  • Ambachtsschool te Amsterdam: metaalbewerking

cursussen

  • opleiding koperbankwerker te Elberfeld en Bremen
  • cursussen sociaal werk, KAB

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak in de Eerste Kamer over uiteenlopende zaken, zoals sociale zaken, landbouw, defensie, onderwijs en financiën
  • In 1936 nam de Eerste Kamer een door hem ingediende motie aan over het afzien van standaardlonen bij de bepaling van de werklozensteun en over opschorting van de huurbijdragebeschikking voor werklozen. De motie kreeg steun van RKSP, SDAP, VDB (m.u.v. Otten) en de NSB.

opvallend stemgedrag

  • Behoorde in 1932 tot de drie leden van zijn fractie die tegen een wetsvoorstel stemden over verlaging van uitkeringen aan gemeenten en provincies, ten einde tot salarisverlaging van hun ambtenaren te komen
  • Behoorde in 1932 tot de minderheid van zijn fractie die tegen wetsvoorstellen inzake korting op jaarwedden van de leden van de Raad van State en inzake korting op uitkeringen stemde
  • Behoorde in 1932 tot de kleine meerderheid van zijn fractie die vóór de (verworpen) ontwerp-Pachtwetten stemde
  • In 1933 stemden hij en Andriessen als enigen van hun fractie tegen een wetsvoorstel over korting op pensioenen van voormalige Indische ambtenaren
  • Behoorde in 1934 tot de vijf leden van zijn fractie die vóór het wetsvoorstel stemden over heffing van een belasting naar het vermogen van instellingen van de dode hand
  • Behoorde in 1934 tot de vier leden van zijn fractie die tegen een wetsontwerp inzake invoering van de loonbelasting in Nederlands-Indië stemden
  • In 1936 stemden hij en Nivard als enigen van hun fractie tegen een wetsvoorstel tot wijziging van de Pensioenwet voor Spoorwegambtenaren
  • In 1937 stemden hij en Nivard als enigen van hun fractie tegen een wetsvoorstel over herberekening van Indische pensioenen

als bewindspersoon (beleidsmatig)

  • Bracht in 1953, als bijlage bij de begroting van Economische Zaken, de tweede Productiviteitsnota uit
  • Stelde bij Besluit van 14 februari 1954 het Landbouwschap in, dat als Bedrijfsschap voor de gehele landbouwsector een regulerende taak kreeg.

als bewindspersoon (wetgeving)

  • Bracht in 1954, 1955 en 1956 diverse wetten tot stand over de instelling van productschappen, zoals voor de zuivel, voor vee en vlees, groenten en fruit, gedistilleerde dranken, bier, akkerbouwproducten, pluimvee en eieren, en vis en visproducten. De wetten regelden de samenstelling van het bestuur van de productschappen en de taken die zij hadden, zoals het uitvaardigen van verordeningen.

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Mede-initiatiefnemer van de Stichting van de Arbeid
  • Mede-initiatiefnemer van de Raad van Vakcentrale
  • Zijn taakomschrijving werd geregeld in een K.B. van 25 september 1952 (Stb. 480) en in wet naar aanleiding van dit K.B. Zo werd geregeld dat hij medeverantwoordelijk was voor benoemingen in de SER.
  • Van zijn plannen om in allerlei sectoren publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie in te voeren, kwam vrijwel niets terecht. De p.b.o. bleef daardoor grotendeels beperkt tot de landbouw.
  • Dreigde meer dan eens met de oprichting van een katholieke arbeiderspartij, onder andere tijdens conflict met F. J. F. M. Duijnstee over de koers van de KVP in 1951

uit de privésfeer

  • Ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de KAB in 1947 werd het nieuwe studie- en conferentieoord van die organisatie naar hem genoemd

verkiezingen

  • In 1929, 1935, 1937, 1946 en 1948 gekozen door Groep I: Noord-Brabant, Zeeland, Utrecht en Limburg

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Utrecht, Adelaarstraat 59, omstreeks 1931 (nog in 1933)
  • Utrecht, Prof. Ritzema Boslaan 74, omstreeks 1939 (nog in 1955)
  • Noorden (Z.H.), vanaf 1956

ridderorden

  • Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau, 10 januari 1950 (i.v.m. 25-jarig voorzitterschap)
  • Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau, 21 november 1956

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.

  • lid Nederlandse R.K. Metaalbewerkersbond, vanaf 1908
  • lid Nederlandse Unie, 1940

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • J. Bosmans, "Bruijn, Adrianus Cornelis de (1887-1968)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel I, 101
  • J. Roes, "Bruijn, Adrianus Cornelis de", in: Biografisch Woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging in Nederland, deel III, 23

Biografisch Woordenboek(en)

  • biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland
  • biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van het Socialisme en de Arbeidersbeweging in Nederland

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te Amsterdam, 21 november 1912

echtgeno(o)t(e)/partner

G.M. van Hees, Geertruida Maria

kinderen

5 zoons en 3 dochters

vader

H.G. de Bruijn, Hendricus Gerardus

geboorteplaats en/of -datum

Utrecht, 15 augustus 1836

beroep vader

metselaar

moeder

J. Faber, Jansje

geboorteplaats en/of -datum

Utrecht, 25 april 1845